ECLI:NL:HR:2017:971

ECLI:NL:HR:2017:971, Hoge Raad, 30-05-2017, 16/04059

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 30-05-2017
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 16/04059
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2017:377
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 3 zaken
Aangehaald door 3 zaken
3 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001830 BWBR0001854 BWBR0001903

Samenvatting

Bezwaarschrift tegen dagvaarding, art. 262.1 Sv. HR: art. 80a RO. In de conclusie AG wordt verwezen naar ECLI:NL:HR:2006:AV4112 m.b.t. het summiere karakter van het onderzoek in raadkamer n.a.v. een bezwaarschrift a.b.i. art. 262 Sv. Het hof heeft ter beantwoording van de vraag of de tenlastegelegde handelingen als ontuchtig kunnen worden aangemerkt, terecht als uitgangspunt genomen dat zij dienen te worden bezien in onderling verband en samenhang en in het licht van de overige f&o van het geval. Dat geldt ook voor de daarin vervatte vraag of de onderhavige gedragingen seksueel van aard zijn. Het hof heeft het toetsingskader, zoals in voornoemd arrest is beschreven, niet miskend.

Uitspraak

30 mei 2017

Strafkamer

nr. S 16/04059 B

SG/AGE

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

op het beroep in cassatie tegen een beschikking van het Gerechtshof Den Haag van 20 juni 2016, nummer AV 000481-15, op een bezwaarschrift als bedoeld in art. 262, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering, ingediend door:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1963.

1. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben N. van der Laan en J.C. Dekkers, beiden advocaat te Amsterdam, een schriftuur ingediend. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal W.H. Vellinga heeft geconcludeerd dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk zal worden verklaard.

De raadslieden hebben daarop schriftelijk gereageerd.

2. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.

De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 30 mei 2017.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl RvdW 2017/649
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?