ECLI:NL:HR:2020:1142

ECLI:NL:HR:2020:1142, Hoge Raad, 26-06-2020, 18/04113

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 26-06-2020
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 18/04113
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:GHAMS:2018:2313
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2020:171
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 9 zaken
Aangehaald door 3 zaken
5 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001827 BWBR0001830 BWBR0003045 BWBR0005289 BWBR0005291

Samenvatting

Jaarrekeningenrecht. Bevel van ondernemingskamer tot aanpassing van jaarrekening. Verlaging van balanspost eigen vermogen vanwege inkoop van eigen aandelen? Hoge Raad doet zelf de zaak af. Samenhang met zaak 19/01872.

Uitspraak

2. Uitgangspunten en feiten

In cassatie kan worden uitgegaan van de feiten en omstandigheden vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 1.1-1.26.

Op verzoek van [verweerster] heeft de ondernemingskamer het besluit van de algemene vergadering van aandeelhouders van GGN Brabant tot vaststelling van de jaarrekening over het jaar 2016 vernietigd. Voorts heeft de ondernemingskamer GGN Brabant bevolen haar jaarrekening over het jaar 2016 en alle volgende jaarrekeningen in te richten met inachtneming van de in onderdeel 4 van de beschikking van de ondernemingskamer vermelde aanwijzingen. Tot die aanwijzingen behoort de aanwijzing onder (b), die luidt:

“GGN Brabant dient het eigen vermogen (nominaal kapitaal en agio) in de balans te verantwoorden met uitsluiting van de van [verweerster] ingekochte aandelen A;”

Deze beslissing bouwt voort op rov. 3.30, waar de ondernemingskamer heeft geoordeeld dat GGN Brabant is gehouden het eigen vermogen (nominaal aandelenkapitaal en agiorekening) in haar balans aan te passen en dit voor zover nodig toe te lichten.

3. Beoordeling van het middel

Onderdeel 3 van het middel klaagt dat het oordeel van de ondernemingskamer in rov. 3.30 en haar aanwijzing in rov. 4 onder (b) in strijd met de wet en dus onjuist zijn, omdat het kapitaal van een vennootschap niet wordt verminderd met het bedrag van eigen aandelen of certificaten van aandelen die de rechtspersoon (of een dochtermaatschappij) houdt (art. 2:373 lid 3 BW). In overeenstemming hiermee wordt ook het kapitaal van een vennootschap niet verminderd waar eigen aandelen zullen worden of zijn ingekocht, maar nog niet zijn geleverd. Dit heeft de ondernemingskamer miskend, aldus de klacht.

Deze klacht slaagt op de gronden vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 3.56 en 3.58.

De overige klachten van het middel kunnen niet tot cassatie leiden. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie art. 81 lid 1 RO).

De Hoge Raad kan zelf de zaak afdoen door de bestreden beslissing te verbeteren als hierna te vermelden.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de beschikking van het gerechtshof Amsterdam van 28 juni 2018, maar uitsluitend voor zover GGN Brabant is bevolen haar jaarrekening over het jaar 2016 en alle volgende jaarrekeningen aldus in te richten dat het eigen vermogen (nominaal kapitaal en agio) in de balans wordt verantwoord met uitsluiting van de van [verweerster] ingekochte aandelen A;

- bepaalt dat GGN Brabant wordt bevolen haar jaarrekening over het jaar 2016 en alle volgende jaarrekeningen aldus in te richten dat het eigen vermogen (agio) in de balans wordt verantwoord met uitsluiting van de van [verweerster] ingekochte aandelen A;

- veroordeelt [verweerster] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van GGN Brabant begroot op € 865,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [verweerster] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Deze beschikking is gegeven door de vicepresident C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren M.V. Polak, T.H. Tanja-van den Broek, C.H. Sieburgh en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 26 juni 2020.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl NJB 2020/1725 RvdW 2020/811 OR-Updates.nl 2020-0279 ARO 2020/142 JOR 2020/234 met annotatie van Nass, E.C.A. RO 2020/60 JONDR 2020/667
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?