HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 20/02828
Datum 12 oktober 2021
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 8 juni 2020, nummer 20-001104-19, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1988,
hierna: de verdachte.
1. Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben R.J. Baumgardt, P. van Dongen en S. van den Akker, allen advocaat te Rotterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.
2. Beoordeling van het cassatiemiddel
Het cassatiemiddel klaagt onder meer over het oordeel van het hof dat de dagvaarding in hoger beroep geldig is betekend (uitgereikt).
Het hof heeft geoordeeld dat de dagvaarding in hoger beroep rechtsgeldig is betekend en heeft de verdachte - bij verstek - niet-ontvankelijk verklaard in zijn beroep.
De inhoud van de voor de beoordeling van het cassatiemiddel van belang zijnde stukken is weergegeven in de conclusie van de advocaat-generaal. Kort samengevat volgt daaruit het volgende. De verdachte stond ten tijde van de betekening van de dagvaarding in hoger beroep ingeschreven op een adres in de Basisregistratie Personen op het adres [a-straat 1] te [plaats]. Uit de stukken volgt echter niet dat de dagvaarding in hoger beroep is aangeboden op dat adres. Uit die stukken volgt slechts dat die dagvaarding ter uitreiking is aangeboden op het adres [a-straat] met het huisnummer [2] te [plaats].
In het licht van het voorgaande is het oordeel van het hof dat de dagvaarding in hoger beroep geldig is betekend, niet begrijpelijk. Het cassatiemiddel is dus in zoverre terecht voorgesteld. Dat brengt mee dat bespreking van het restant van het cassatiemiddel niet nodig is.
3. Beslissing
De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- verklaart de betekening van de dagvaarding in hoger beroep nietig.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 12 oktober 2021.