ECLI:NL:HR:2022:1619

ECLI:NL:HR:2022:1619, Hoge Raad, 15-11-2022, 21/00852

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 15-11-2022
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 21/00852
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2022:1062
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 8 zaken
Aangehaald door 4 zaken
4 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001854 BWBR0001903 BWBR0002415 BWBR0006622

Samenvatting

Bedreiging, art. 285 Sr. Hof (enkelvoudige kamer) heeft verdachte n-o verklaard in zijn hoger beroep, omdat het te laat is ingesteld, art. 408.2 Sv. Kan akte van uitreiking, die is gehecht aan mededeling uitspraak van latere datum betreffende vonnis Pr, worden aangemerkt als omstandigheid waaruit voortvloeit dat einduitspraak verdachte bekend is a.b.i. art. 408.2 Sv? ‘s Hofs oordeel dat uitspraak Pr van 13-2-2020 op 13-6-2020 om 02:05 uur aan verdachte in persoon is betekend en zich dus een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat einduitspraak de verdachte toen bekend was, is niet zonder meer begrijpelijk nu de aan akte van uitreiking gehechte mededeling van die uitspraak als datum 22-6-2020 vermeldt. Volgt vernietiging en terugwijzing.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 21/00852

Datum 15 november 2022

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 25 februari 2021, nummer 21-002494-20, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1999,

hierna: de verdachte.

1. Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft W. Römelingh, advocaat te 's–Gravenhage, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2. Beoordeling van het cassatiemiddel

Het cassatiemiddel klaagt over het oordeel van het hof dat de verdachte niet-ontvankelijk is in het hoger beroep omdat het hoger beroep te laat is ingesteld.

De stukken die voor de beoordeling van het cassatiemiddel van belang zijn, zijn weergegeven in de conclusie van de advocaat-generaal. Kort samengevat houden deze in dat de verdachte in eerste aanleg bij verstek is veroordeeld; de inleidende dagvaarding niet in persoon aan hem was uitgereikt; het vonnis in eerste aanleg is uitgesproken op 13 februari 2020 en namens de verdachte hoger beroep is ingesteld op 24 juli 2020. Verder bevindt zich bij de stukken een akte van uitreiking van 13 juni 2020 – met als tijdaanduiding 02:05 uur – waarin onder meer het parketnummer van de strafzaak in eerste aanleg en de persoonsgegevens van de verdachte zijn vermeld met daaraan gehecht een mededeling uitspraak die is gedateerd op 22 juni 2020 en betrekking heeft op het vonnis in deze strafzaak in eerste aanleg.

Het Hof heeft de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep en daartoe het volgende overwogen:

“Het dossier bevat een akte van uitreiking, waaraan een mededeling uitspraak is gehecht van het vonnis van de politierechter op 13 februari 2020. Op de akte van uitreiking staat het parketnummer vermeld van de onderhavige zaak: 16-236232-19. Onder dat parketnummer is uitspraak gedaan over de hoofdzaak en de vordering tot tenuitvoerlegging van de opgelegde voorwaardelijke straf in de zaak onder parketnummer 09-827224-17. Op basis van deze stukken ziet de voorzitter geen reden om eraan te twijfelen dat de uitspraak van de politierechter van 13 februari 2020 op 13 juni 2020 om 02.05 uur aan de verdachte in persoon is betekend. Volgens de akte van uitreiking heeft verdachte zich gelegitimeerd met een paspoort, de verbalisant heeft dat nummer op de akte vermeld. Dat de uitreiking 's nachts heeft plaatsgevonden maakt niet dat geen sprake is van een geldige betekening. De termijn is ruim overschreden en er is verder niet gebleken van een verontschuldigbare reden voor het te laat indienen van het hoger beroep.”

Het oordeel van het hof dat de uitspraak van de politierechter van 13 februari 2020 op 13 juni 2020 om 02.05 uur aan de verdachte in persoon is betekend en zich dus een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat de einduitspraak de verdachte toen bekend was, is niet zonder meer begrijpelijk nu de aan de akte van uitreiking gehechte mededeling van die uitspraak als datum vermeldt: 22 juni 2020.

Het cassatiemiddel slaagt.

3. Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de uitspraak van het hof;

- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 15 november 2022.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl RvdW 2022/1129
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?