HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 22/00365
Datum 18 november 2022
BESCHIKKING
In de zaak van
[de vader],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
hierna: de vader,
advocaat: H.J.W. Alt,
tegen
[de moeder],
wonende te [woonplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: de moeder,
advocaat: M.J. van Basten Batenburg.
1. Procesverloop in cassatie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de beschikking in de zaak C/08/243247 / FA RK 20-183 van de rechtbank Overijssel van 24 november 2020;
b. de beschikking in de zaak 200.290.684/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 4 november 2021.
De vader heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld.
De procesinleiding is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.De moeder heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de advocaat-generaal M.L.C.C. Lückers strekt tot verwerping van het cassatieberoep.De advocaat van de vader heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2. Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter, de vicepresident M.J. Kroeze en de raadsheer F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 18 november 2022.