HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 22/02310
Datum 1 september 2023
ARREST
In de zaak van
1. [eiser 1],
wonende te [woonplaats], Verenigde Staten van Amerika,
2. TRIER HOLDING B.V.,
gevestigd te Hoofddorp,
3. NETHERLANDS INSURANCE HOLDINGS, INC.,
gevestigd te Wilmington, Delaware, Verenigde Staten van Amerika,
4. NIH CAPITAL, LLC,
gevestigd te Wilmington, Delaware, Verenigde Staten van Amerika,
EISERS tot cassatie,
hierna: [eisers],
advocaat: R.R. Verkerk,
tegen
1. W.J.M. VAN ANDEL,
2. E.L. ZETTELER,
in hun hoedanigheid van curatoren in het faillissement van Nederlandsche Algemeene
Maatschappij van Levensverzekering “Conservatrix” N.V.,
verweerders in cassatie,
hierna: de Curatoren,
advocaat: I.M.A. Lintel.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar het arrest in de zaak 200.277.991 van het gerechtshof Den Haag van 29 maart 2022.
[eisers] hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
De Curatoren hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor [eisers] mede door D.S. Walta-Jansen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eisers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2. Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3. Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Curatoren begroot op € 355,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eisers] deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan.
Dit arrest is gewezen door de president G. de Groot als voorzitter en de raadsheren H.M. Wattendorff, F.J.P. Lock, S.J. Schaafsma en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 1 september 2023.