ECLI:NL:HR:2024:1429

ECLI:NL:HR:2024:1429, Hoge Raad, 11-10-2024, 23/03018

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 11-10-2024
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 23/03018
Rechtsgebied Bestuursrecht; Belastingrecht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:GHAMS:2023:1501
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 1 zaken
Aangehaald door 3 zaken
5 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0002629 BWBR0005537 CELEX:32013R0952 EU:31992R2913 EU:32013R0952

Samenvatting

Omzetbelasting bij invoer; art. 44 en art. 109, lid 2, van het DWU; aangifte voor het in het vrije verkeer brengen van goederen; methode van directe vertegenwoordiging; gebruikmaking van betalingsfaciliteit maandkrediet van directe vertegenwoordiger; betaling van douaneschuld door een ander dan de schuldenaar; direct vertegenwoordiger heeft geen recht op beroep ter zake van een op naam van de vertegenwoordigde uitgereikte uitnodiging tot betaling; HR 24 november 2023, ECLI:NL:HR:2023:1626 blijft betekenis houden onder het DWU.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

BELASTINGKAMER

Nummer 23/03018

Datum 11 oktober 2024

ARREST

in de zaak van

[X] B.V. (hierna: belanghebbende)

tegen

de STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN

op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 20 juni 2023, nrs. 22/02299 en 22/02300, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland (nrs. HAA 19/3118 en HAA 19/3119) betreffende ten aanzien van [A] B.V. uitgereikte uitnodigingen tot betaling van omzetbelasting.

1. Geding in cassatie

Belanghebbende, vertegenwoordigd door J.A. Biermasz en F. Taptik, heeft tegen de uitspraak van het Hof beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Staatssecretaris van Financiën, vertegenwoordigd door [P] , heeft een verweerschrift ingediend.

2. Beoordeling van het middel

Het middel faalt op de gronden zoals vermeld in de rechtsoverwegingen 4.3 tot en met 4.6 van het arrest van de Hoge Raad van 24 november 2023, ECLI:NL:HR:2023:1626. Dat arrest ziet op de uitleg van de artikelen 231 en 243 van het Communautair douanewetboek (hierna: het CDW). Het is buiten redelijke twijfel dat de inhoud en strekking van de artikelen 44 en 109, lid 2, van het Douanewetboek van de Unie niet anders is dan de hiervoor vermelde artikelen van het CDW.

3. Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

4. Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.

Dit arrest is gewezen door de vice-president M.E. van Hilten als voorzitter, en de raadsheren E.N. Punt en M.A. Fierstra, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 11 oktober 2024.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl NDFR Nieuws 2024/1665 V-N Vandaag 2024/2038 NLF 2024/2337 Douanerechtspraak 2024/130 BNB 2024/123 Viditax (FutD) 2024101116 FutD 2024-2129 NTFR 2025/37 met annotatie van mr. B.A. Kalshoven
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?