HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 23/00663
Datum 15 maart 2024
ARREST
In de zaak van
[huurder] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie,
hierna: [huurder],
advocaat: N.C. van Steijn,
tegen
[verhuurder] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: [verhuurder],
advocaten: L.V. van Gardingen en T. van Tatenhove.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak 8220866 \ CV EXPL 19-4393 van de rechtbank Overijssel van 22 september 2020 en 4 mei 2021;
b. de arresten in de zaak 200.297.576 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 21 september 2021, 9 augustus 2022 en 29 november 2022.
[huurder] heeft tegen het arrest van het hof van 29 november 2022 beroep in cassatie ingesteld.
[verhuurder] heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor [verhuurder] toegelicht door haar advocaten, en mede door G.M.C. van Breukelen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal W.L. Valk strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [huurder] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2. Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft, mede gelet op zijn arrest van heden in de zaak met nummer 23/01648, niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3. Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [huurder] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verhuurder] begroot op € 2.845,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [huurder] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren F.J.P. Lock, als voorzitter, A.E.B. ter Heide, S.J. Schaafsma, G.C. Makkink en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 15 maart 2024.