ECLI:NL:HR:2025:488

ECLI:NL:HR:2025:488, Hoge Raad, 01-04-2025, 23/00429

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 01-04-2025
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 23/00429
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2025:85
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 9 zaken
Aangehaald door 1 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001854 BWBR0001903

Samenvatting

Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. medeplegen brandstichting waardoor auto met alle zich daarin bevindende goederen is uitgebrand, art. 157.1 Sr. 1. Ontvankelijkheid cassatieberoep, art. 432.3 jo. 432.1.a Sv. Is cassatieberoep tijdig ingesteld? 2. Betekening oproeping nadere tz. in hoger beroep. Is oproeping in h.b. in persoon uitgereikt aan verdachte, nu handtekening op akte van uitreiking bij oproeping niet overeenkomt met handtekeningen van verdachte op akte bij bevel inbewaringstelling, op akte bij bevel verlenging gevangenhouding en op rijbewijs van verdachte? Ad 1. en 2. HR: Om redenen vermeld in CAG is beroep ontvankelijk en is middel terecht voorgesteld. CAG: Handtekeningen van verdachte op akte bij bevel inbewaringstelling, akte bij bevel verlenging gevangenhouding en rijbewijs komen met elkaar overeen maar komen niet overeen met handtekening op akte van uitreiking bij oproeping voor nadere tz. in h.b. Reeds gelet hierop en op HR:2014:2745 is het aannemelijk dat oproeping voor nadere tz. in h.b. niet in persoon aan verdachte is uitgereikt. Daar komt bovendien nog bij (i) dat op akte uitreiking niet soort identiteitsbewijs en identiteitsbewijsnummer van verdachte zijn ingevuld en (ii) dat op akte is vermeld “NP” en “Niet in persoon”, terwijl akte inhoudt dat deze is uitgereikt “aan geadresseerde”. Ten slotte blijkt uit akte ook niet of op juist adres aangeboden oproeping is uitgereikt aan persoon die heeft beloofd brief onmiddellijk aan geadresseerde te geven. Dit alles leidt tot conclusie dat oproeping voor nadere tz. in h.b. niet geldig is betekend. Cassatieberoep is niet binnen 14 dagen na einduitspraak ingesteld. Nu oproeping voor nadere tz. in h.b. niet geldig, laat staan in persoon, is betekend en verdachte niet op die zitting is verschenen, terwijl ook niet is gebleken dat zich omstandigheid a.b.i. art. 432.1.c Sv heeft voorgedaan en evenmin blijkt dat verdachte niet binnen 14 dagen nadat zij met uitspraak van hof bekend was geworden cassatieberoep heeft ingesteld, moet verdachte worden ontvangen in cassatieberoep. Gelet op voorgaande is ‘s hofs oordeel dat oproeping in persoon is uitgereikt, achteraf bezien, onjuist. Datzelfde geldt voor daarin besloten liggend oordeel dat oproeping rechtsgeldig is betekend. Gelet daarop en op omstandigheid dat ttz. geen raadsman aanwezig was, heeft hof ten onrechte verstek verleend aan verdachte en heeft hof ten onrechte bevolen dat met behandeling zal worden voortgegaan. HR verklaart betekening van oproeping voor nadere tz. in h.b. nietig. Samenhang met 22/03291 (niet gepubliceerd; art. 80a RO).

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 23/00429

Datum 1 april 2025

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 29 december 2022, nummer 21-003911-20, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2000,

hierna: de verdachte.

1. Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben J.C. Reisinger en R.L. Vermeulen, beiden advocaat in Utrecht, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.

De advocaat-generaal P.M. Frielink heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het hof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het cassatieberoep en van het eerste cassatiemiddel

Het cassatieberoep is tijdig ingesteld, zodat het beroep ontvankelijk is. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 3.2 tot en met 3.10. Daaruit volgt ook dat het cassatiemiddel – dat klaagt over het oordeel van het hof dat de oproeping voor de terechtzitting in hoger beroep van 29 december 2022 geldig is betekend (uitgereikt) – terecht is voorgesteld.

3. Beoordeling van het tweede cassatiemiddel

Gelet op de beslissing die hierna volgt, is bespreking van het cassatiemiddel niet nodig.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de uitspraak van het hof;

- verklaart de betekening van de oproeping voor de terechtzitting in hoger beroep van 29 december 2022 nietig.

Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren C. Caminada en C.N. Dalebout, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 1 april 2025.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl RvdW 2025/533
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?