ECLI:NL:HR:2025:603

ECLI:NL:HR:2025:603, Hoge Raad, 22-04-2025, 23/03396

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 22-04-2025
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 23/03396
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Artikel 81 RO-zaken
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2025:395
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 15 zaken
Aangehaald door 1 zaken
8 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001830 BWBR0001903 BWBR0002063 BWBR0002376 BWBR0024779 BWBR0027464 BWBR0027474 BWBR0043660

Samenvatting

Economische zaak. Opzettelijk zonder vergunning bouwwerkzaamheden verrichten door het (laten) pleisteren van voorgevel van zijn in beschermd stadsgezicht liggende pand, art. 2.1 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. 1. Afwijzing van een bij appelschriftuur gedaan en ttz. in hoger beroep gehandhaafd verzoek tot horen van 3 getuigen (i.h.k.v. beroep op niet-ontvankelijkheid OM), op de grond dat eventuele verklaringen van getuigen niet van belang zijn voor beantwoorden van vragen in art. 348 en 350 Sv. 2. Bewijsklacht (voorwaardelijk) opzet. Heeft verdachte de aanmerkelijke kans aanvaard dat er sprake was van vergunningsplicht maar desondanks zonder vergunning werkzaamheden laten uitvoeren? HR: art. 81.1 RO.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 23/03396 E

Datum 22 april 2025

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, economische kamer, van 29 augustus 2023, nummer 21-002260-22, in de strafzaak

tegen

[verdachte],

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1980,

hierna: de verdachte.

1. Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat F.H.J. van Gaal bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.

De advocaat-generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2. Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren C.N. Dalebout en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 22 april 2025.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl RvdW 2025/629
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?