ECLI:NL:HR:2026:1511

ECLI:NL:HR:2026:1511

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 18-09-2026
Datum publicatie 18-09-2026
Zaaknummer 26/00946
Rechtsgebied Bestuursrecht; Belastingrecht
Procedure Cassatie

Samenvatting

HR verklaart het beroep in cassatie n-o.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

BELASTINGKAMER

Nummer 26/00946

Datum 18 september 2026

ARREST

op het door [X] (hierna: belanghebbende), vertegenwoordigd door G. Veldhuisen, ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 20 januari 2026, nr. 24/3465.

1. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

Het via het webportaal van de Hoge Raad ontvangen beroepschrift in cassatie bevat, hoewel artikel 6:5, lid 1, letter d, Awb dit vereist, niet de gronden van het beroep. De griffier van de Hoge Raad heeft op 8 april 2026 in het digitale dossier van belanghebbende een bericht geplaatst waarbij belanghebbende in de gelegenheid wordt gesteld dat verzuim binnen zes weken na die datum te herstellen. Die termijn eindigde op 20 mei 2026. Van de plaatsing van het hiervoor vermelde bericht in het digitale dossier van belanghebbende is eveneens op 8 april 2026 een kennisgeving verzonden naar het door belanghebbende voor dit doel opgegeven e-mailadres. Op grond hiervan neemt de Hoge Raad aan dat belanghebbende dit bericht heeft ontvangen, en wel, gelet op artikel 8:36c, lid 2, Awb, op 8 april 2026.

Op 21 mei 2026 heeft de Hoge Raad via het webportaal een brief van belanghebbende ontvangen met daarin de gronden van het beroep. Als reden voor het te laat indienen van deze brief heeft belanghebbende aangegeven dat hij op 20 mei 2026 heeft geprobeerd de brief via het webportaal in te dienen, maar dat dit door een storing niet is gelukt. Uit onderzoek door de Hoge Raad is gebleken dat zich op 20 mei 2026 geen storing in het webportaal heeft voorgedaan. Aangezien de brief na afloop van de daartoe gestelde termijn is ingediend en de reden die belanghebbende heeft gegeven voor het te laat indienen niet kan leiden tot de conclusie dat de te late indiening verschoonbaar is, laat de Hoge Raad dit stuk buiten beschouwing. Daarom zal de Hoge Raad het beroep in cassatie met toepassing van artikel 6:6 Awb niet-ontvankelijk verklaren.

2. Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

3. Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.R. van Eijsden als voorzitter, en de raadsheren M.T. Boerlage en W.A.P. van Roij, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier J.P.J. van Kampen, en in het openbaar uitgesproken op 18 september 2026.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand