ECLI:NL:HR:2026:2

ECLI:NL:HR:2026:2, Hoge Raad, 06-01-2026, 23/03879

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 06-01-2026
Datum publicatie 06-01-2026
Zaaknummer 23/03879
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2025:1184

Samenvatting

Openlijke geweldpleging met enig lichamelijk letsel tot gevolg, art. 141.2.1 Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. Bewijsklacht. Kon hof voor bewijs gebruik maken van verklaringen van aangever en getuigen gelet op wat door verdediging naar voren is gebracht over onbetrouwbaarheid van die verklaringen? HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Hof heeft verweer van verdediging kennelijk niet aangemerkt als afzonderlijk uitdrukkelijk onderbouwd standpunt inzake betrouwbaarheid en bruikbaarheid van verklaringen van aangever en getuigen, maar kennelijk opgevat als onderbouwing van algemener bewijsverweer. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk, in aanmerking genomen dat uitleg van verweren is voorbehouden aan feitenrechter. Standpunt van raadsvrouw dat verdachte moet worden vrijgesproken omdat o.b.v. dossier niet met voldoende zekerheid kan worden vastgesteld dat verdachte enige bijdrage aan geweld heeft geleverd, vindt zijn weerlegging in de door hof gebruikte bewijsmiddelen. Tot nadere motivering was hof gelet op art. 359.2 Sv niet gehouden. Volgt verwerping. Samenhang met 23/03882.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 23/03879

Datum 6 januari 2026

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 2 oktober 2023, nummer 22-003497-20, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1976,

hierna: de verdachte.

1. Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben de advocaten R.J. Baumgardt en M.J. van Berlo bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.

De advocaat-generaal M.E. van Wees heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2. Beoordeling van het cassatiemiddel

Het cassatiemiddel klaagt dat het hof voor het bewijs gebruik heeft gemaakt van de verklaringen van de aangever en de getuigen [getuige 1] en [getuige 2] , in weerwil van wat door de verdediging naar voren was gebracht over de onbetrouwbaarheid van die verklaringen.

Het cassatiemiddel leidt niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.

3. Ambtshalve beoordeling van de uitspraak van het hof

De Hoge Raad doet uitspraak nadat meer dan twee jaren zijn verstreken na het instellen van het cassatieberoep. Dat brengt mee dat de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 lid 1 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden is overschreden. In het licht van de opgelegde geheel voorwaardelijke taakstraf van tachtig uren volstaat de Hoge Raad met het oordeel dat de redelijke termijn is overschreden, en is er geen aanleiding om aan dat oordeel enig ander rechtsgevolg te verbinden.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren F. Posthumus en F. Damsteegt, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 6 januari 2026.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl SR-Updates.nl 2026-0004
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?