ECLI:NL:HR:2026:578

ECLI:NL:HR:2026:578

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 10-04-2026
Datum publicatie 09-04-2026
Zaaknummer 25/01116
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2026:177

Samenvatting

Zorgwetten. Wet zorg en dwang. Machtiging tot voortzetting inbewaringstelling (art. 37 Wzd). Is psychiater ook ter zake kundige arts als bedoeld in art. 26 lid 6, onder d, Wzd? Aan medische verklaring te stellen eisen.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 25/01116

Datum 10 april 2026

BESCHIKKING

In de zaak van

[betrokkene],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

hierna: betrokkene,

advocaat: M.A.M. Wagemakers,

tegen

CENTRUM INDICATIESTELLING ZORG,

gevestigd te Utrecht,

VERWEERDER in cassatie,

hierna: het CIZ,

niet verschenen.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak C/01/412672 / FA RK 25-596 van de rechtbank Oost-Brabant van 14 februari 2025.

Betrokkene heeft tegen de beschikking van de rechtbank beroep in cassatie ingesteld.

Het CIZ heeft geen verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L.M. Coenraad strekt tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot terugwijzing.

2. Uitgangspunten en feiten

Ten aanzien van betrokkene is op grond van art. 29 lid 1 Wzd een beschikking tot inbewaringstelling gegeven.

Het CIZ heeft vervolgens verzocht ten aanzien van betrokkene een machtiging te verlenen tot voortzetting van de inbewaringstelling voor de duur van zes weken. In de bij het verzoekschrift gevoegde medische verklaring van een psychiater is, voor zover in cassatie van belang, het volgende vermeld:

“3 GERAADPLEEGDE HULPVERLENERS

Heeft u overleg gevoerd met de zorgaanbieder die de betrokkene zorg verleent of met de huisarts?

Ja

Met wie heeft u overleg gevoerd?

Zorgaanbieder

(…)

5 ONDERZOEK

Wanneer heeft u de betrokkene onderzocht?

11/02/2025 18:15

a. Is er naar uw oordeel sprake van een psychogeriatrische aandoening, een verstandelijke beperking of een daaraan gelijkgestelde aandoening?

Ja

b. Tot welke vermoedelijke diagnose bent u gekomen?

X Verstandelijke beperking

(…)

Wat is de belangrijkste vermoedelijke diagnose? Verstandelijke beperking

(…)

c. Op grond waarvan bent u tot deze vermoedelijke diagnose gekomen?

Patiënt heeft een IQ van 56.

(…)

8 OVERIGE INFORMATIE

Welke overige informatie acht u nog van belang?

Patiënt heeft een WLZ 7

De rechtbank heeft het verzoek toegewezen, en heeft daartoe onder meer het volgende overwogen.

“4.2. De advocaat heeft primair namens betrokkene betwist dat sprake is van een verstandelijke beperking. Zij voert aan dat een psychiater de verstandelijke beperking niet had mogen vaststellen. Dit had moeten gebeuren door een arts verstandelijk gehandicapten.

De rechtbank stelt vast dat de medische verklaring is opgesteld door een psychiater, die door de wet als een ter zake kundige arts aangemerkt wordt en derhalve een verklaring mocht afgeven.

De advocaat voert verder aan dat de psychiater zich niet had mogen baseren op een onderzoek naar de verstandelijke vermogens van betrokkene van zeven jaar geleden. Dit zou volgens haar een momentopname kunnen zijn geweest. Naar het oordeel van de rechtbank is de psychiater echter uitgegaan van een combinatie van zijn eigen onderzoek aan betrokkene en het psychologisch onderzoek van zeven jaar geleden. Daaruit heeft hij de conclusie getrokken dat sprake is van een verstandelijke beperking. De rechtbank ziet geen reden om hieraan te twijfelen. De rechtbank ziet dan ook geen reden om, zoals de advocaat subsidiair heeft verzocht, een second opinion te laten uitvoeren.

(…)

Om die reden stelt de rechtbank vast dat vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een verstandelijke handicap.”

3. Beoordeling van het middel

Onderdeel 1 van het middel richt zich tegen het oordeel van de rechtbank (in rov. 4.2) dat de wet een psychiater als een ter zake kundige arts aanmerkt. Volgens het onderdeel moet onder een ter zake kundige arts als bedoeld in art. 26 lid 6, onder d, Wzd worden verstaan een arts voor verstandelijk gehandicapten, een specialist ouderenkunde of een andere deskundige arts. Niet blijkt dat de psychiater die de medische verklaring heeft afgelegd als een dergelijke arts kan worden gekwalificeerd, aldus het onderdeel.

Uit rechtspraak van de Hoge Raad onder de inmiddels vervallen Wet Bopz volgt dat bij een stoornis als gevolg van een verstandelijke handicap zowel een arts voor verstandelijk gehandicapten als een psychiater bevoegd was een medische verklaring op te stellen. Met de mogelijkheid dat het geneeskundig onderzoek werd uitgevoerd door een arts voor verstandelijk gehandicapten voor zover het de opname of het verblijf van een verstandelijk gehandicapte betreft, heeft de wetgever destijds niet bedoeld de bevoegdheden van een psychiater te beperken. Ook als in een dergelijk geval de geneeskundige verklaring was opgesteld door een onafhankelijk psychiater, werd voldaan aan de uit art. 5 EVRM voortvloeiende eis van ‘objective medical expertise’.

Op grond van art. 26 lid 6, onder d, Wzd legt het CIZ bij een verzoek tot het verlenen van een machtiging tot opname en verblijf of voortzetting van het verblijf een verklaring over van een ter zake kundige arts die de betrokkene met het oog op de machtiging kort te voren heeft onderzocht, maar die ten minste gedurende één jaar geen zorg heeft verleend aan de cliënt en ten opzichte van de zorgaanbieder onafhankelijk functioneert. Op grond van art. 37 lid 2 Wzd in verbinding met art. 30 leden 1-4 Wzd legt het CIZ bij een verzoek tot het verlenen van een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling een verklaring over van een ter zake kundige arts die gedurende ten minste één jaar geen zorg heeft verleend aan de cliënt en onafhankelijk ten opzichte van de zorgaanbieder functioneert, welke arts van tevoren overleg pleegt met de zorgaanbieder die de betrokkene zorg verleent of, indien deze ontbreekt, met de huisarts van de cliënt, en zo mogelijk de betrokkene voorafgaand aan de afgifte van de verklaring onderzoekt.

Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat de wetgever met deze eisen heeft beoogd invulling te geven aan de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens waarin wordt gesproken van ‘objective medical expertise’. Uit de wetsgeschiedenis volgt niet dat de wetgever heeft bedoeld dat – anders dan onder de Wet Bopz (oud) gold (zie hiervoor in 3.1.2) – onder de Wzd een psychiater niet als een ter zake kundige arts wordt aangemerkt. Dat in de memorie van toelichting is opgemerkt dat de medische verklaring voor iemand met een verstandelijke beperking door een arts voor verstandelijk gehandicapten moet worden opgesteld, maakt dat niet anders. In de nota naar aanleiding van het verslag is immers opgemerkt dat een ter zake kundige arts ‘in de regel’ een arts voor verstandelijk gehandicapten zal zijn; het kan dus ook een andere arts zijn. De klacht van onderdeel 1 is dan ook ongegrond.

Onderdeel 2.1 richt zich tegen het oordeel van de rechtbank (in rov. 4.3) dat zij geen reden heeft om te twijfelen aan de conclusie van de psychiater dat sprake is van een verstandelijke beperking, en tegen de vaststelling door de rechtbank (in rov. 4.7) dat vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een verstandelijke handicap. In de medische verklaring is geen inzicht verschaft in de actuele situatie van betrokkene, althans is niet duidelijk hoe de psychiater tot zijn diagnose is gekomen. Daarom is onbegrijpelijk hoe de rechtbank heeft kunnen oordelen dat sprake is van een verstandelijke handicap, aldus het onderdeel.

Uit art. 27 leden 1 en 2 Wzd volgt onder meer dat de medische verklaring die op grond van art. 26 lid 6, onder d, Wzd moet worden overgelegd, inzicht dient te verschaffen in de actuele situatie van de betrokkene, en met redenen moet worden omkleed. Voor de medische verklaring met het oog op een last tot inbewaringstelling (art. 30 lid 1 Wzd) of een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling (art. 37 lid 1 Wzd) gelden in dit opzicht geen andere eisen.

In de medische verklaring (zie hiervoor in 2.2) is de vermoedelijke diagnose onderbouwd met een verwijzing naar het IQ van betrokkene van 56. In de medische verklaring is niet toegelicht op basis van welk onderzoek de psychiater tot deze bevinding is gekomen. Gelet op de stukken van het geding (zie de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 3.27, 3.28 en 3.30) lijkt de psychiater daarmee terug te grijpen op het verslag van een psychologisch onderzoek van betrokkene uit 2017. Daarvan is kennelijk ook de rechtbank uitgegaan, gezien de verwijzing in rov. 4.3 naar “het psychologisch onderzoek van zeven jaar geleden”. Dat onderzoek was evenwel niet meer actueel.

Uit de medische verklaring blijkt verder niet waaruit het onderzoek door de psychiater heeft bestaan en hoe dit heeft bijgedragen aan zijn vermoedelijke diagnose van een verstandelijke beperking.

Het onderdeel voert dan ook terecht aan dat de medische verklaring onvoldoende inzicht verschaft in de actuele situatie van betrokkene, althans dat niet duidelijk is hoe de psychiater tot zijn diagnose is gekomen.

De rechtbank heeft haar oordeel over de (vermoedelijke) diagnose van betrokkene uitsluitend gebaseerd op de medische verklaring van de psychiater. Gelet op wat hiervoor in 3.2.2 en 3.2.3 is overwogen, biedt die medische verklaring niet een toereikende grondslag voor dat oordeel. De daarop gerichte klacht van onderdeel 2.1 slaagt.

De overige klachten van het middel behoeven geen behandeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de beschikking van de rechtbank Oost-Brabant van 14 februari 2025;

- wijst het geding terug naar die rechtbank ter verdere behandeling en beslissing.

Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, F.J.P. Lock, F.R. Salomons en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 10 april 2026.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?