ECLI:NL:OGEAA:2025:300

ECLI:NL:OGEAA:2025:300, Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 08-10-2025, AUA202500190 BB

Instantie Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak 08-10-2025
Datum publicatie 27-10-2025
Zaaknummer AUA202500190 BB
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
20 wettelijke verwijzingen

Wettelijke verwijzingen

BWBR0003396 BWBR0003420 BWBR0003549 BWBR0030111 BWBR0030279 BWBR0037603 BWBR0044212 BWBR0048883 BWBR0049520 CELEX:31976L0160 CELEX:31995L0046 CELEX:31998L0083 CELEX:31999L0093 CELEX:32000L0060 CELEX:32005R2073 CELEX:32006L0007 CELEX:32009L0090 CELEX:32014R0910 CELEX:32016R0679 EU:32016R0679

Samenvatting

Civiel, schuldbekentenis, betalingsregeling.

Uitspraak

2. DE FEITEN

[Eiseres] verhuurde aan [gedaagde] de woning gelegen aan [adres] te Aruba tegen een huur van Afl. 800,- per maand.

[Gedaagde] heeft de woning verlaten.

Op 31 oktober 2024 heeft [gedaagde] een door de deurwaarder in opdracht van [eiseres] opgestelde schuldbekentenis ondertekend, waarin zij verklaart dat zij tot en met 10 oktober 2024 een bedrag aan hoofdsom van Afl. 4.295,95 en (incasso)kosten aan [eiseres] is verschuldigd. Tevens is [gedaagde] dit bedrag een betalingsregeling aangegaan, op grond waarvan zij met ingang van 30 november 2024 een bedrag van Afl. 278,- aan [eiseres] zal betalen.

[Gedaagde] heeft geen betalingen aan [eiseres] gedaan.

3. HET GESCHIL EN DE BEOORDELING

Eiseres] vordert betaling van [gedaagde] van het bedrag van Afl. 4.295,95, vermeerderd met 15% buitengerechtelijke incassokosten en de wettelijke rente vanaf 17 oktober 2024 en met veroordeling van [gedaagde] in de kosten van het geding.

Aan haar vordering legt [eiseres] ten grondslag dat [gedaagde] de huur over de maanden juni 2024 tot en met september 2024 niet heeft betaald. [Gedaagde] heeft weersproken dat zij de huur niet heeft betaald.

Dienaangaande geldt als volgt.

Op 31 oktober 2024 heeft [gedaagde] een schuldbekentenis ondertekend voor een bedrag van Afl. 4.295,95. Dit bedrag ziet blijkens de overgelegde stukken op de over de maanden juni 2024 tot en met september 2024 verschuldigde huur (4x Afl. 800,-) en een rekening van WEB ten bedrage van Afl. 1.095,95. [Gedaagde] heeft weliswaar aangevoerd dat zij had aangegeven het niet met de inhoud van de schuldbekentenis eens te zijn en dat zij deze desondanks heeft moeten tekenen, maar dit verweer wordt gepasseerd. [Gedaagde] heeft in het geheel geen feiten en/of omstandigheden aangedragen die het oordeel kunnen dragen of een begin van bewijs inhouden dat zij is gedwongen de schuldbekentenis te ondertekenen. Verder geldt dat zij niets heeft aangevoerd waaruit (een begin van bewijs) blijkt dat zij de betreffende huur wel heeft betaald en ook heeft zij niet weersproken dat zij de betaling voor de WEB-rekening (water) aan [eiseres] is verschuldigd. Het verweer van [eiseres] wordt daarom gepasseerd.

Het voorgaande brengt mee dat de gevorderde hoofdsom zal worden toegewezen. De over dit bedrag gevorderde wettelijke rente wordt eveneens toegewezen. Nu echter is gesteld noch gebleken op grond waarvan deze rente vanaf 17 oktober 2024 is verschuldigd en [gedaagde] bij exploot van 31 oktober 2024 is gesommeerd om het verschuldigde binnen zeven dagen te voldoen, zal de wettelijke rente worden toegewezen vanaf 7 november 2024.

De gevorderde buitengerechtelijke kosten worden toegewezen conform het toepasselijke liquidatietarief, zijnde Afl. 375,-.

Gedaagde] wordt als de in het ongelijk te stellen partij veroordeeld in de kosten van het geding aan de zijde van [eiseres] gevallen en tot op heden begroot op Afl. 50,- aan griffierecht.

4. DE UITSPRAAK

Het Gerecht:

veroordeelt [gedaagde] aan [eiseres] te betalen het bedrag van Afl. 4.295,95, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 7 november 2024 tot de dag van de volledige voldoening;

veroordeelt [gedaagde]] aan [eiseres] te betalen het bedrag van Afl. 375,- aan buitengerechtelijke kosten;

veroordeelt [gedaagde] in de kosten van het geding, aan de zijde van [eiseres] tot op heden begroot op Afl. 50,- aan griffierecht;

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. T.A.M. Tijhuis, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 8 oktober 2025 in aanwezigheid van de griffier.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. T.A.M. Tijhuis

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand