ECLI:NL:OGEAA:2025:378

ECLI:NL:OGEAA:2025:378

Instantie Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak 06-11-2025
Datum publicatie 01-04-2026
Zaaknummer 31, 432 en 433 van 2025
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig

Samenvatting

Het Gerecht acht het feit wettig en overtuigend bewezen dat verdachte drie revolvers en scherpe patronen voorhanden heeft gehad. Verdachte heeft zich ook schuldig gemaakt aan het openlijk plegen van geweld. Terwijl de medeverdachte aangeefster zonder enige aanleiding met kracht aan haar ketting getrokken heeft en haar meerdere malen met kracht met gebalde vuisten tegen het gezicht heeft geslagen, heeft verdachte aan de geweldshandelingen deelgenomen door naar de mobiele telefoon van aangeefster te grijpen en met bierflessen naar de auto van aangeefster te gooien. Het Gerecht veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 20 maanden met aftrek van het voorarrest. Het Gerecht wijst de vordering van de benadeelde partij (hoofdelijk) toe tot een bedrag van Afl. 1.000,00, vermeerderd met de wettelijke rente, en legt de schadevergoedingsmaatregel op. Het Gerecht spreekt verdachte vrij van de openlijke geweldpleging van 20 april 2024. Het Gerecht verlengt de proeftijd van de op 2 februari 2024 voorwaardelijk opgelegde straf met een termijn van twee jaren.

Uitspraak

Vonnis van dit Gerecht

in de strafzaak tegen de verdachte:

[Verdachte],

geboren op [geboortedatum] 2004 in [geboorteplaats],

wonende in [woonplaats], adres [adres],

thans gedetineerd in het huis van bewaring in Aruba.

Onderzoek van de zaak

Het onderzoek ter openbare terechtzitting heeft plaatsgevonden op 16 oktober 2025. De verdachte is verschenen, bijgestaan door zijn raadslieden, mr. R.J. Cera Andrade (parketnummer P-2024/02080) en mr. T.H. Thielman (parketnummer

P-2024/01215), advocaten in Aruba.

De benadeelde partijen [betrokkene 1] (parketnummer P-2024/01215) en [betrokkene 2] (parketnummer P-2024/02080 feit 2) hebben zich ter terechtzitting gevoegd in het strafproces met een vordering tot schadevergoeding.

De officier van justitie, mr. A.A. Vroombout, heeft ter terechtzitting gevorderd dat het Gerecht het onder parketnummer P-2024/01215 en onder parketnummer

P-2024/02080 feit 1 en feit 2 tenlastegelegde bewezen zal verklaren en de verdachte daarvoor zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van vierentwintig (24) maanden, met aftrek van het voorarrest.

Zijn vordering behelst voorts

Parketnummer P-2024/01215

De raadsvrouw heeft bepleit dat verdachte zal worden vrijgesproken van het tenlastegelegde. Daarnaast heeft de raadsvrouw verweer gevoerd ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij.

Parketnummer P-2024/02080

Feit 1

Ten aanzien van feit 1 heeft de raadsman alleen een strafmaatverweer gevoerd.

Feit 2

Ten aanzien van feit 2 heeft de raadsman vrijspraak bepleit en verweer gevoerd ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

Parketnummer P-2024/01215

hij op of omstreeks 20 april 2024 in Aruba tezamen en in vereniging met een

ander of anderen op of aan de openbare weg en/of op een voor het publiek toegankelijke plaats en/of in een voor het publiek toegankelijke ruimte, te weten op de weg achter de [locatie 1] te [locatie 2], openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [betrokkene 1], welk geweld bestond uit

het meermalen, althans eenmaal tegen het (achter)hoofd slaan en/of

het meermalen, althans eenmaal tegen het lichaam schoppen en/of

het meermalen, althans eenmaal met een kapmes, althans een scherp en/of puntig voorwerp tegen de mond te kappen/snijden/steken,

ten gevolge van welk door verdachte gepleegd geweld zwaar lichamelijk letsel,

te weten een doorgesneden lip, althans enig lichamelijk letsel bekwam;

Parketnummer P-2024/02080

Feit 1

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 25 maart 2024 tot en met 1 oktober 2024 in Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een of meerdere pistolen en/of revolvers en/of scherpe patronen,

in elk geval een vuurwapen en/of munitie als bedoeld in artikel 3 eerste lid van

de Vuurwapenverordening, voorhanden heeft gehad;

Feit 2

hij op of omstreeks 22 september 2024 in Aruba openlijk, te weten aan de [straatnaam], in elk geval op of aan de openbare weg en/of op een voor publiek toegankelijke plaats, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen personen en/of goederen, te weten [betrokkene 2] en/of de auto van [betrokkene 2], welk geweld bestond uit

Formele voorvragen

Het Gerecht stelt vast dat de dagvaarding geldig is, dat het bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat het openbaar ministerie ontvankelijk is in zijn vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

Vrijspraak van parketnummer P-2024/01215

Het Gerecht is van oordeel dat voor het onder parketnummer P-2024/01215 tenlastegelegde onvoldoende wettig bewijs voorhanden is. Het Gerecht overweegt daartoe als volgt.

De tenlastelegging in de onderhavige zaak is grotendeels gebaseerd op de aangifte en de getuigenverklaringen van [betrokkene 3] en [betrokkene 4].

Aangifte

Aangever heeft verklaard dat hij op 20 april 2024 met zijn vrouw [betrokkene 3], de buurvrouw [betrokkene 5], haar dochter [betrokkene 4] en [betrokkene 4] vriend [betrokkene 6] een avondje was gaan stappen. Omstreeks 24:00 uur kwamen zij op de weg achter de [locatie 1] twee jonge mannen tegen. Er ontstond een woordenwisseling tussen hen en de mannen. Aangever zag dat één van de mannen [betrokkene 6] aanviel en aangever wilde hem tegenhouden. Een grotere groep mannen naderde en mengde zich in het conflict, waardoor de zaak escaleerde. Een man haalde uit met een scherp voorwerp of kapmes en raakte de mond en het hoofd van aangever. Daarna werd aangever tegen het achterhoofd geslagen en tegen het lichaam geschopt. Hij viel op de grond en verloor zijn bewustzijn. Aangever moest bij de spoedeisende hulp worden behandeld. Hij had een snijwond in zijn lip en een barstwond op zijn voorhoofd.

Getuigenverklaringen

Getuige [betrokkene 3], de vrouw van aangever, heeft verklaard dat zij de geweldshandelingen niet heeft gezien omdat zij in de auto was gaan schuilen toen de zaak dreigde te escaleren. Pas toen [betrokkene 5] haar riep zag zij dat aangever gewond was en dat een gedeelte van zijn lip was doorgesneden. De volgende dag hoorde zij van [betrokkene 4] dat zij één van mannen van aangezicht kende en op Facebook heeft gezien dat zijn naam [verdachte] is. Hij zou de persoon zijn, die aangever met het kapmes zou hebben gesneden.

Getuige [betrokkene 4] heeft verklaard dat zij heeft gezien dat aangever werd aangevallen en mishandeld. Daarbij zwaaide een lange man met een kapmes in de richting van aangever, waarbij aangevers lip en voorhoofd werden geraakt. Pas toen haar moeder riep dat zij de politie ging bellen renden de mannen weg. Twee mannen kwamen terug en probeerden hen te intimideren. De getuige herkende hen als [verdachte] en [betrokkene 7].

Verklaring van verdachte

Verdachte heeft verklaard dat hij het incident heeft bijgewoond, maar geen enkel aandeel aan het geweld had. Volgens hem kwamen hij en zijn vriend Ashley bij de [locatie 1] twee dames en twee heren tegen. Een van de dames beledigde hen. Verdachte en zijn vriend wilden verhaal halen voor de belediging door hen daar op aan te spreken. Een groep mannen mengde zich in het conflict en er ontstond een vechtpartij. Een lange man sloeg aangever met het kapmes. Verdachte en zijn vriend zijn toen vertrokken.

Conclusie

Het Gerecht constateert dat op grond van de verklaringen en overige bewijsmiddelen niet kan worden vastgesteld welke rol verdachte in het conflict heeft gehad en of hij een voldoende significante of wezenlijke bijdrage aan de geweldshandelingen heeft geleverd.

De verklaringen van getuige [betrokkene 3] en getuige [betrokkene 4] over de persoon met het kapmes sluiten niet op elkaar aan. [Betrokkene 4] verklaarde dat zij een lange man met een kapmes zag zwaaien. Volgens [betrokkene 3] was verdachte de man met het kapmes. Niet kan worden uitgesloten dat [betrokkene 3] de woorden van [betrokkene 4] een eigen invulling heeft gegeven. Uit de verklaring van [betrokkene 4] blijkt namelijk niet dat de haar bekende [verdachte] de man met het kapmes was. Ook niet dat hij op andere wijze geweld heeft gepleegd of daar anderszins een significante bijdrage aan heeft geleverd. Ook uit de verklaring van de aangever blijkt niet dat het de verdachte is geweest die heeft deelgenomen aan de vechtpartij, althans daar een bijdrage aan heeft geleverd.

Gelet op de verschillen tussen de verklaringen acht het Gerecht niet wettelijk en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het hem ten laste gelegde feit. De verdachte zal daarom worden vrijgesproken.

Bewezenverklaring parketnummer P-2024/02080

Het Gerecht acht wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan de verdachte onder parketnummer P-2024/02080 feit 1 en feit 2 ten laste is gelegd, met dien verstande dat:

Feit 1

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 25 maart 2024 tot en met 1 oktober 2024 in Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een of meerdere pistolen en/of revolvers en/of scherpe patronen,

in elk geval een vuurwapens en/of munitie als bedoeld in artikel 3 eerste lid van

de Vuurwapenverordening, voorhanden heeft gehad;

Feit 2

hij op of omstreeks 22 september 2024 in Aruba openlijk, te weten aan de [straatnaam], in elk geval op of aan de openbare weg en/of op een voor publiek toegankelijke plaats, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen personen en/of goederen, te weten [betrokkene 2] en/of de auto van [betrokkene 2], welk geweld bestond uit

Het Gerecht acht niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard, zodat hij daarvan zal worden vrijgesproken.

De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten of omissies zijn verbeterd (cursief). De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bewijsmiddelen

Indien tegen dit verkorte vonnis hoger beroep wordt ingesteld, worden de door het Gerecht gebruikte bewijsmiddelen die redengevend zijn voor de bewezenverklaring opgenomen in een aanvulling op het vonnis. Deze aanvulling zal vervolgens aan het vonnis worden gehecht.

Bewijsoverwegingen

Feit 1

De raadsman heeft betoogd dat ermee rekening moet worden dat niet kon worden vastgesteld dat het om echte vuurwapens ging.

Het Gerecht overweegt als volgt.

Onderzoek telefoon

Verdachte is op 1 oktober 2024 aangehouden. In het kader van het strafrechtelijke onderzoek is zijn woning doorzocht en zijn mobiele telefoon in beslag genomen. In de telefoon werden video’s en een afbeelding van vuurwapens en munitie gevonden:

Van de drie mannen in de video’s, waaronder verdachte, heeft één een lichte, één een licht getinte en één een donkere huiskleur.

Forensisch onderzoek

Het Bureau Forensisch Technische Onderzoeken heeft de beelden bekeken en de afgebeelde vuurwapens en patronen op hun echtheid onderzocht. Volgens verbalisant tonen de beelden drie verschillende revolvers. Er is in elk geval sprake van één echte revolver. Vanwege de slechte kwaliteit van de beelden kon de echtheid van de andere twee revolvers niet worden beoordeeld.

Verklaring van verdachte

Ter terechtzitting heeft verdachte bekend dat hij vuurwapens en kogels voorhanden heeft gehad. De video’s zijn op verschillende momenten gemaakt. Volgens verdachte heeft hij de wapens kort vastgehad, de opnames gemaakt en de wapens daarna teruggegeven.

Conclusie

Het Gerecht acht het feit wettig en overtuigend bewezen dat verdachte in de periode van 25 maart 2024 tot en met 1 oktober 2024 drie revolvers en scherpe patronen voorhanden heeft gehad. Anders dan door de verdediging is betoogd, is het op grond van artikel 1 van de Vuurwapenverordening voor de strafbaarstelling niet relevant of het om echte vuurwapens gaat dan wel om andere soortgelijke voor bedreiging of afdreiging geschikte voorwerpen. Het verweer van de raadsman kan derhalve niet slagen.

Medeplegen

Het geheel aan de bovengenoemde belastende omstandigheden is voor het Gerecht redengevend om het medeplegen van verdachte bij het ten laste gelegde feit bewezen te achten. Naast verdachte waren tenminste twee andere mannen bij het feit betrokken. Naar de uiterlijke verschijningsvorm is sprake geweest van een nauwe en bewuste samenwerking tussen hen, die in de kern bestaat uit een gezamenlijke uitvoering, waaraan verdachte een belangrijke bijdrage leverde. De opnames zijn immers met zijn telefoon gemaakt, waarbij hij zichzelf met de wapens en de munitie heeft gefilmd.

Feit 2

De raadsman heeft bepleit dat niet wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte openlijk geweld heeft gepleegd. Het plegen van openlijk geweld in vereniging vereist een significante bijdrage van de dader. In casu was geen sprake van een gezamenlijke uitvoering met van tevoren gemaakt afspraken. Het gooien van de bierflessen was een impulsieve actie. Verdachte werd geprikkeld door het gedrag van aangeefster. Daarom dient verdachte van dit feit te worden vrijgesproken.

Het Gerecht overweegt als volgt.

Juridisch kader

Vooropgesteld moet worden dat voor de bewezenverklaring van openlijke geweldpleging in de zin van artikel 2:82 van het Wetboek van Strafrecht is vereist dat het geweld met verenigde krachten wordt gepleegd en dat de geweldshandelingen enige gevolgen hebben gehad. Niet is vereist dat verdachte zelf geweldshandelingen heeft gepleegd.. Wel moet worden bewezen dat verdachte opzet op het in vereniging plegen van openlijk geweld heeft gehad en dat hij daaraan een voldoende significante of wezenlijke bijdrage heeft geleverd.

Aangifte

Uit de aangifte blijkt dat aangeefster op 22 september 2024 vroeg in de ochtend verdachte en medeverdachte [medeverdachte] bij de winkel van [winkel] aan de [straatnaam] in [locatie 3] tegenkwam. Aangeefster en verdachte raakten in afwachting van hun bestelling met elkaar in gesprek. Toen aangeefster terugliep naar de auto voelde zij dat [medeverdachte] met kracht aan haar gouden halsketting trok. Aangeefster hield de ketting vast en verzette zich tegen de aanval. [Medeverdachte] sloeg aangeefster meerdere keren met gebalde vuisten op haar gezicht. De vrienden van aangeefster, getuigen [getuige 1] en [getuige 2], schoten haar te hulp en ook verdachte voegde zich in het conflict. Aangeefster liep terug naar de auto en pakte haar telefoon om verdachte en [medeverdachte] te filmen. Verdachte probeerde haar te beletten de opnames te maken door de telefoon vast te pakken, maar kon haar er niet van weerhouden. Uit woede gooide verdachte bierflessen naar aangeefster en haar auto. Daarna vertrokken verdachte en medeverdachte [medeverdachte].

Aangeefster had pijn aan haar rechtervoorhoofd en rechteroog. Twee tanden zaten los. Zij is haar bril kwijtgeraakt en de halsketting was kapot.

Camerabeelden

Het camerasysteem aan de [straatnaam] heeft beelden van het incident vastgelegd. Op de beelden is te zien dat aangeefster afscheid neemt van verdachte. Daarna gaat verdachte in gesprek met [medeverdachte], waarbij hij handgebaren maakt in de richting van aangeefster alsof hij iets spontaan met zijn rechterhand trekt. Medeverdachte [medeverdachte] volgt aangeefster en strekt zijn linkerhand uit naar haar nek en trekt haar met kracht naar achteren. Aangeefster zwaait naar achteren en grijpt naar haar nek. Daarna beweegt zij zich in de tegengestelde richting. Vervolgens slaat [medeverdachte] haar meerdere malen met zijn gebalde vuisten in haar gezicht. Op de beelden is te zien dat verdachte naar de mobiele telefoon van aangeefster grijpt en probeert deze uit haar hand te trekken. Kort daarop is te zien dat verdachte een bierfles naar aangeefster gooit en een andere bierfles in de richting van de vriend van aangeefster, getuige [getuige 2], die bij de auto wachtte.

Getuigenverklaringen

Getuige [getuige 2] verklaarde dat zowel verdachte als ook [medeverdachte] met bierflessen naar aangeefster hebben gegooid en dat de auto werd geraakt. Getuige [getuige 1] zag dat de tweede fles de auto aan de onderkant raakte.

Verklaring van verdachte

Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij de ruzie tussen aangeefster en [medeverdachte] wilde sussen. Hij zag dat aangeefster met haar mobiele telefoon beelden van hem maakte. Hij heeft geprobeerd de telefoon van haar af te pakken. Toen dat niet lukte werd hij kwaad en heeft met bierflessen gegooid.

Conclusie

Naar het oordeel van het Gerecht is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich op 22 september 2024 aan de [straatnaam] schuldig heeft gemaakt aan openlijke geweldpleging jegens [betrokkene 2]. Uit de bewijsmiddelen blijkt dat verdachte nauw en bewust met medeverdachte [medeverdachte] heeft samengewerkt, waarbij verdachte een significante bijdrage heeft geleverd aan de geweldshandelingen, immers heeft hij

terwijl medeverdachte [medeverdachte] aangeefster met kracht aan haar ketting heeft getrokken en haar meerdere malen met kracht met gebalde vuisten tegen het gezicht heeft geslagen.

Het incident vond aan de openbare weg, dus op een voor het publiek toegankelijke plek, plaats. Ten gevolge van het geweld heeft aangeefster materiële en immateriële schade opgelopen. Het feit kan daarom worden gekwalificeerd als ‘openlijke geweldpleging’.

Het verweer van de raadsman wordt verworpen.

Strafbaarheid en kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

Feit 1:

medeplegen van de overtreding van een verbod gesteld bij artikel 3, eerste lid, van de Vuurwapenverordening, meermalen gepleegd;

Feit 2:

het openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen en goederen,

strafbaar gesteld bij artikel 2:82 van het Wetboek van Strafrecht van Aruba.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezenverklaarde uitsluiten.

Strafbaarheid van de verdachte

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluiten. De verdachte is daarom strafbaar voor het hiervoor bewezenverklaarde.

Oplegging van straf en maatregel

Bij de bepaling van de op te leggen straf wordt gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan, op de mate waarin de gedraging aan de verdachte te verwijten is en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen. Daarbij wordt rekening gehouden met de ernst van het bewezenverklaarde in verhouding tot andere strafbare feiten, zoals die onder meer tot uitdrukking komt in de hierop gestelde wettelijke strafmaxima en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het openlijk plegen van geweld tegen [betrokkene 2]. Het slachtoffer heeft zelf geen enkele aanleiding gegeven tot de gewelddadige handelingen. Verdachte heeft een actieve bijdrage geleverd aan het ontstaan en de escalatie van het conflict en ook aan de geweldshandelingen bijgedragen. Hij heeft de medeverdachte er niet van weerhouden om het slachtoffer letsel toe te brengen.

Ter terechtzitting heeft het slachtoffer aangegeven dat de geweldshandelingen pijn en letsel tot gevolg hebben gehad. Het slachtoffer heeft nu te maken met de psychische gevolgen van het incident. Verdachte en zijn medeverdachte hebben ernstig inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit van het slachtoffer en op haar veiligheidsgevoel.

Daarnaast heeft de verdachte vuurwapens en munitie voorhanden gehad. Het voorhanden hebben van vuurwapens kan gevaarlijke situaties met zich meebrengen, terwijl de aanwezigheid van vuurwapens op zichzelf al gevoelens van angst en onveiligheid in de Arubaanse samenleving opwekken.

De verdachte is, zo blijkt uit zijn strafkaart, eerder onherroepelijk veroordeeld voor geweldsdelicten. Dat heeft verdachte er niet van weerhouden om opnieuw strafbare feiten te plegen. Verdachte heeft het bewezenverklaarde gepleegd in de proeftijd van eerder voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraffen.

Verdachte wordt nu begeleid door de reclassering en volgt relevante lessen. Er is sprake van een positieve ontwikkeling, nu verdachte hulpverlening heeft en zich lijkt te hebben gedistantieerd van zijn criminele contacten.

Naar het oordeel van het Gerecht kan gelet op de ernst van het bewezen verklaarde niet worden volstaan met een andere of lichtere sanctie dan een straf die een onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming met zich brengt.

Het Gerecht is, na dit een en ander te hebben afgewogen, tot de slotsom gekomen dat een gevangenisstraf van na te melden duur passend en geboden is. De verdachte zal daartoe dan ook worden veroordeeld.

In beslag genomen voorwerpen

Aan de orde is voorts de onder verdachte in beslag genomen en nog niet teruggegeven Apple iPhone 8.

De officier van justitie heeft gevorderd dat de telefoon wordt onttrokken aan het verkeer.

De verdediging heeft ten aanzien van het beslag geen standpunt ingenomen.

Het Gerecht is van oordeel dat zich geen strafvorderlijk belang verzet tegen teruggave aan de verdachte van de in beslag genomen telefoon. Daarom zal daarvan de teruggave aan de verdachte worden gelast.

Schadevergoeding

Parketnummer P-2024/01215

De benadeelde partij [betrokkene 1] heeft zich in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding ter hoogte van Afl. 7.246,50. Het bedrag ziet op een bedrag van Afl. 3.746,50 voor materiële en Afl. 3.500,00 voor immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente. Daarnaast heeft de benadeelde partij de vergoeding van de proceskosten ter hoogte van Afl. 1.500,00 gevorderd.

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering gedeeltelijk kan worden toegewezen tot een bedrag van Afl. 5.250,00, met toekenning van de wettelijke rente. Voor het overige dient de benadeelde partij niet-ontvankelijk te worden verklaard. De officier van justitie heeft daarnaast de oplegging van de schadevergoedingsmaatregel gevorderd.

Gelet op de bepleite vrijspraak heeft de verdediging om afwijzing van de vordering van de benadeelde partij verzocht. Volgens de raadsman had verdachte geen aandeel aan het ontstaan van de materiële en immateriële schade.

Nu het Gerecht de verdachte zal vrijspreken van het ten laste gelegde handelen waardoor de gestelde schade zou zijn veroorzaakt, kan de benadeelde partij niet in de vordering worden ontvangen.

Parketnummer P-2024/02080

De benadeelde partij [betrokkene 2] heeft zich in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding ter hoogte van Afl. 1.000,00, vermeerderd met de wettelijke rente. Het bedrag ziet op een bedrag van Afl. 500,00 voor materiële schade aan de gouden ketting van aangeefster en Afl. 500,00 voor immateriële schade, te weten migraineaanvallen en verwondingen in de mond door de klappen op het hoofd.

De officier van justitie heeft gesteld dat de vordering van de benadeelde partij kan worden toegewezen, met toekenning van de wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. De officier stelt dat verdachte en zijn medeverdachte ieder voor het hele schadebedrag (hoofdelijk) kunnen worden aangesproken.

De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering gelet op de bepleite vrijspraak dient te worden afgewezen.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is het Gerecht genoegzaam gebleken dat de benadeelde partij [betrokkene 2] als gevolg van het door de verdachte en zijn medeverdachte [medeverdachte] gepleegde openlijke geweld rechtstreeks schade heeft geleden tot het gevorderde bedrag van Afl. 1.000,00, te weten Afl. 500,00 voor materiële en Afl. 500,00 voor immateriële schade. De verdachte is tot vergoeding van die schade gehouden, zodat de vordering tot dat bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 22 september 2024, toewijsbaar is.

Nu de verdachte het strafbare feit ter zake waarvan schadevergoeding zal worden toegekend, samen met een mededader heeft gepleegd, zijn zij daarvoor ieder hoofdelijk aansprakelijk. Indien en voor zover de mededader de benadeelde partij geheel of gedeeltelijk betaalt, zal de verdachte in zoverre van die betalingsverplichting zijn bevrijd.

Het Gerecht ziet aanleiding daarbij een schadevergoedingsmaatregel als bedoeld in artikel 1:78 van het Wetboek van Strafrecht van Aruba aan de verdachte op te leggen. Voor het geval volledige betaling of volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet volgt, zal vervangende hechtenis van 20 dagen worden opgelegd, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de betalingsverplichting niet opheft.

Voorts wordt bepaald dat voor zover dit bedrag of een gedeelte daarvan reeds door of namens de mededader aan de benadeelde partij en/of het Land is betaald, de verdachte in zoverre van die verplichting zal zijn ontslagen, alsmede dat betalingen aan de benadeelde partij in mindering strekken op de verplichting tot betaling aan het Land en dat betalingen aan het Land in mindering strekken op de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij.

Nu de vordering van de benadeelde partij zal worden toegewezen, zal de verdachte worden veroordeeld in de kosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken.

Vordering tenuitvoerlegging voorwaardelijke veroordeling

Bij vonnis van 2 februari 2024 in de zaak met parketnummer P-2023/02146 heeft het Gerecht te Aruba de verdachte ter zake van een poging tot zware mishandeling veroordeeld tot onder meer een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van vier (4) maanden. Ten aanzien van die voorwaardelijke straf is de proeftijd op twee (2) jaren bepaald onder de algemene voorwaarde dat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit.

De officier van justitie heeft gevorderd dat het Gerecht zal gelasten dat die voorwaardelijke straf alsnog ten uitvoer zal worden gelegd.

In hetgeen hiervoor in de strafmotivering is overwogen ziet het Gerecht aanleiding af te zien van tenuitvoerlegging van de voorwaardelijk opgelegde straf. Het Gerecht wil de positieve ontwikkeling van verdachte niet doorkruisen. Het Gerecht zal in plaats daarvan de proeftijd van de voorwaardelijke veroordeling verlengen met de duur van twee jaren.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is, behalve op de reeds aangehaalde wettelijke voorschriften, gegrond op de artikelen 1:62, 1:78, 1:123, 1:136 en 2:82 van het Wetboek van Strafrecht van Aruba, zoals deze luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

BESLISSING

Het Gerecht:

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte onder parketnummer

P-2024/01215 ten laste is gelegd en spreekt hem daarvan vrij;

verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de onder parketnummer P-2024/02080 ten laste gelegde feiten, feit 1 en feit 2, zoals hiervoor bewezen geacht, heeft begaan;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is ten laste gelegd en spreekt hem daarvan vrij;

kwalificeert het bewezenverklaarde als hiervoor omschreven;

verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en de verdachte daarvoor strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de twintig (20) maanden;

beveelt dat de tijd die door de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht;

gelast de teruggave van de Apple iPhone 8 aan verdachte;

verklaart de benadeelde partij [betrokkene 1] niet-ontvankelijk in zijn vordering en bepaalt dat deze de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

wijst de vordering tot vergoeding van de door de benadeelde partij [betrokkene 2] geleden schade toe tot een bedrag van Afl. 1.000,00 (zegge: duizend Arubaanse Florin), vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 22 september 2024 tot aan de dag van de voldoening, en veroordeelt de verdachte, die hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij;

veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partij [betrokkene 2] gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging alsnog te maken.

legt aan de verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van de benadeelde partij [betrokkene 2] de verplichting op tot betaling aan het Land van een bedrag van Afl. 1.000,00 (zegge: duizend Arubaanse Florin), bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 20 (twintig) dagen hechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft en bepaalt dat het te betalen bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 22 september 2024 tot aan de dag van de voldoening;

bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan het Land daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee zijn verplichting tot betaling aan het Land in zoverre komt te vervallen;

bepaalt dat indien en voor zover de mededader van de verdachte voormeld bedrag heeft betaald aan de benadeelde partij of het Land, de verdachte in zoverre is bevrijd van voormelde verplichting tot betaling aan de benadeelde partij of aan het Land;

verlengt de proeftijd als vermeld in het vonnis van het Gerecht te Aruba van

2 februari 2024 (in de zaak met parketnummer P-2023/02146) met een termijn van twee jaren.

Dit vonnis is gewezen door de rechter mr. W.C.E. Winfield, bijgestaan door

mr. U. Posthumus, zittingsgriffier, en op 6 november 2025 in tegenwoordigheid van de griffier uitgesproken ter openbare terechtzitting van het Gerecht in Aruba.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?