Vonnis van 7 januari 2026
Behorend bij A.R. AUA202400853 AR
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in de zaak van:
S. WEISZ-UURWERKEN B.V., h.o.d.n. WEISZ GROUP,
te Aruba,
eiseres, hierna ook te noemen: Weisz,
gemachtigde: mr. D.G. Kock,
tegen:
VANSH JEWELRY & FASHION N.V., h.o.d.n. MONARCH JEWELS,
te Aruba,
gedaagde, hierna ook te noemen: Vansh,
gemachtigde: mr. P.M.E. Mohamed.
1. DE PROCEDURE
Na de schriftelijke rolbeschikking van 27 augustus 2025 heeft het Gerecht kennisgenomen van:
nadere conclusie op de conclusie van dupliek van Weisz,
antwoordconclusie op de nadere conclusie van Vansh.
Vandaag wordt vonnis gewezen.
2. DE VASTSTAANDE FEITEN
In 2016 en 2017 heeft Weisz juwelen en horloges verkocht en geleverd aan (blijkens de facturen) “Monarch Jewels 1.0” voor een totaalbedrag van USD 6.429,86. Ondanks aanmaningen zijn deze leveranties onbetaald gebleven.
3. DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
Weisz vordert, na eiswijziging, het volgende:
“Veroordeling van gedaagde tot betaling aan eiseres van $6.429,86, zijnde schade voortvloeiende uit een onrechtmatige daad (vereenzelviging), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf heden tot algehele voldoening, met veroordeling van gedaagde in de kosten van het geding, alles uitvoerbaar bij voorraad.”
Vansh verzoekt om de vorderingen van Weisz af te wijzen en haar in de proceskosten te veroordelen.
4. DE BEOORDELING
Oorspronkelijk was de grondslag van de vordering van Weisz nakoming van de koopovereenkomst. Nadat haar in deze procedure was gebleken dat Vansh niet dezelfde vennootschap is met wie zij de koopovereenkomst heeft afgesloten beroept zij zich op onrechtmatige daad, bestaande uit vereenzelviging van vennootschappen. Kamla International N.V. (hierna: Kamla), die ten tijde van de koopovereenkomsten en de leveringen handelde onder de naam Monarch Jewels, bleek namelijk ontbonden en vereffend. Vansh heeft haar handelsnaam overgenomen, gebruikt dezelfde winkellocatie, heeft dezelfde directeur-eigenaar, is gevestigd op hetzelfde statutaire adres en gebruikt hetzelfde logo.
Vansh wijst erop dat uit het handelsregister blijkt dat per 1 januari 2021 Kamla is ontbonden en per 31 juli 2023 is ontbonden en geliquideerd. Dat is ook gepubliceerd in de Landscourant. Dat komt door de slechte bedrijfsresultaten tijdens de Corona-pandemie waardoor het winkelcentrum, waarin haar onderneming was gevestigd, een “spook-mall” werd. Wel heeft Vansh op een gegeven moment de handelsnaam overgenomen.
Het Gerecht zal de vorderingen van Weisz afwijzen. Redengevend daarvoor is dat het zeer lange tijdsverloop, gerekend vanaf de leveranties van de horloges en de juwelen, aan toewijzing in de weg staat. Vereenzelviging van rechtspersonen impliceert immers dat er misbruik van identiteit wordt gemaakt om schulden niet te hoeven betalen. Een dergelijk lang tijdsverloop staat er aan in de weg om dergelijk misbruik aan te nemen, temeer nu Kamla volgens de wettelijke regels is ontbonden en vereffend en duidelijk is dat Weisz niet bepaald voortvarend is geweest haar vorderingen te incasseren. Weisz had moeten uitleggen waarom toch sprake is van onrechtmatig handelen door Vansh (en Kamla) met het doel haar te benadelen. Immers, niet kan worden uitgesloten dat aan de ontbinding van Kamla inderdaad financiële redenen als gevolg van de Corona-pandemie ten grondslag hebben gelegen. Bovendien, meer in het algemeen, kunnen er valide redenen zijn voor een aandeelhouder om te beslissen een vennootschap te ontbinden en dezelfde bedrijfsactiviteiten voort te zetten in een andere vennootschap. Deze uitleg ontbreekt echter zodat het Gerecht oordeelt dat Vansh de stellingen van Weisz afdoende heeft weersproken zodat aan een bewijsopdracht aan Weisz niet wordt toegekomen.
Als in het ongelijk gestelde partij wordt Weisz in de proceskosten veroordeeld.
5. DE UITSPRAAK
Het gerecht:
wijst het gevorderde af;
veroordeelt Weisz in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van Vansh worden begroot op nihil aan verschotten en op Afl. 3.000,00 aan salaris van de gemachtigde;
verklaart de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.J.J. van Rijen, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 7 januari 2026 in aanwezigheid van de griffier.