ECLI:NL:OGEAA:2026:121

ECLI:NL:OGEAA:2026:121

Instantie Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak 18-02-2026
Datum publicatie 12-05-2026
Zaaknummer AUA202504128
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig

Samenvatting

inschrijving buitenandse huwelijksakte - afgewezen

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

UITSPRAAK

op het verzoek in de zin van artikel 54 van de

Landsverordening administratieve rechtspraak (Lar) van:

[Verzoeker], de man,

en

[Verzoekster], de vrouw,

verblijvend in Aruba,

VERZOEKERS,

gemachtigde: de advocaat mr. H.F. Falconi,

gericht tegen:

HET HOOFD DIENST BURGERLIJKE STAND EN BEVOLKINGSREGISTER,

zetelend in Aruba,

VERWEERDER,

gemachtigde: mr. A. Els (DBSB).

INLEIDING

In deze uitspraak beslist het gerecht op het verzoek van verzoekers in de zin van artikel 54 van de Lar, ingediend op 15 december 2025 bij dit gerecht.

Het gerecht heeft het verzoek behandeld ter zitting van 28 januari 2026, waar verzoekers in persoon zijn verschenen, bijgestaan door hun voornoemde gemachtigde, en verweerder zich heeft laten vertegenwoordigen door zijn voornoemde gemachtigde.

De uitspraak is bepaald op heden.

OVERWEGINGEN

De ontvankelijkheid

Op grond van artikel 54, eerste lid, van de Lar, kan, indien krachtens deze landsverordening een bezwaar- of beroepschrift aanhangig is, de indiener daarvan aan het gerecht verzoeken om de bestreden beschikking onderscheidenlijk beslissing op het bezwaarschrift te schorsen op grond, dat de uitvoering daarvan voor betrokkene een onevenredig nadeel met zich zou brengen in verhouding tot het door een onmiddellijke uitvoering daarvan te dienen belang.

Het tweede lid bepaalt dat ter voorkoming van nadeel als bedoeld in het eerste lid, op het verzoek van genoemde indiener ook een voorlopige voorziening kan worden getroffen.

Het gerecht constateert dat in deze een bezwaarschrift aanhangig is, zodat verzoekers kunnen worden ontvangen in onderhavig verzoek.

De totstandkoming van de bestreden beschikking

De thans [leeftijd]-jarige man, van [nationaliteit 1] nationaliteit en de thans [leeftijd]-jarige vrouw, van [nationaliteit 2] nationaliteit, beiden [gelofsovertuigen], hebben op 19 december 2024 een verzoek ingediend om in Aruba met elkaar een huwelijk aan te gaan. De vrouw had op dat moment een vergunning tot tijdelijk verblijf, geldig tot 26 juni 2025.

Op 16 januari 2025 zijn verzoekers, in het kader van de zogenoemde huwelijkstoets, geïnterviewd door een ambtenaar van de DBSB. Van dit interview is een verslag opgemaakt. De conclusie in dat verslag is, dat er sterke vermoedens zijn dat sprake is van een schijnhuwelijk.

Verzoekers zijn, zonder een beslissing op hun verzoek van 19 december 2024 te hebben ontvangen, op 9 april 2025 in Cali, Colombia met elkaar getrouwd.

Verzoekers hebben op 1 juli 2025 verweerder schriftelijk verzocht om hun in Colombia voltrokken huwelijk in het bevolkingsregister alhier in te schrijven.

Bij beschikking van 12 november 2025 (de bestreden beschikking) heeft verweerder voormeld verzoek afgewezen. In die beschikking staat – voor zover hier van belang – het volgende:

“(…) Verzoek inschrijving huwelijk

Op 1 juli 2025 heeft u een verzoek ingediend tot inschrijving in het bevolkingsregister van het huwelijk tussen u beiden voltrokken op 9 april 2025 in Cali, Colombia.

(…)

Naar aanleiding van uw verzoek is door de DBSB een nader onderzoek verricht omtrent uw huwelijk.

Dit onderzoek heeft geleid tot sterke vermoedens dat het door u gesloten huwelijk strijdig is met de Arubaanse openbare orde, omdat het niet is gericht op de vervulling van de door de wet aan de huwelijkse staat verbonden plichten, maar op het verkrijgen van toelating hier te lande van […].

(…)

Op grond van de overgelegde bewijsstukken in combinatie met de huwelijkstoets is niet voldoende aangetoond dat u daadwerkelijk een duurzame en reële affectieve relatie met elkaar had voordat u het huwelijk aanging.

Dat u elkaar niet of nauwelijks lijkt te kennen;

er worden tegenstrijdige verklaringen afgelegd en/of de afgelegde verklaringen komen niet overeen met de feiten, met betrekking tot (o.m.):

☒ Persoonlijke gegevens en/of persoonlijke omstandigheden

Tegenstrijdige verklaringen afgelegd over hoeveel keer [verzoekster] in het huwelijk is getreden.

☒ Familie

U wist de volledige naam niet van de kinderen van [verzoekster].

☒ Ontmoeting/relatie

U heeft tegenstrijdige verklaringen over wanneer u elkaar persoonlijk hebt ontmoet.

U heeft tegenstrijdige verklaringen over de wijze over hoe u elkaar hebt leren kennen.

U heeft tegenstrijdige verklaringen afgelegd over wat u heeft gedaan voor uw eerste date.

Verklaringen van [verzoekster] die niet overeenkomen met de feiten wanneer u eerste date had met [verzoeker].

U heeft tegenstrijdige verklaringen afgelegd wie aanwezig waren bij uw eerste date.

☒ Huwelijk

U heeft tegenstrijdige verklaringen afgelegd over wanneer het huwelijksaanzoek plaatsvond.

☒ Werk

Mevrouw [verzoekster] wist niet over het bedrijf Centro Integral Bio Aruba Quantico N.V. van [verzoeker].

Andere persoonlijke gegevens en/of persoonlijke omstandigheden/ Hobby’s/interesses/dagelijkse activiteiten

U heeft tegenstrijdige verklaringen afgelegd m.b.t. de manier waarop u kerst vorig jaar heeft gevierd.

U heeft tegenstrijdige verklaringen afgelegd m.b.t. de manier waarop hoe u oud en nieuw jaar heeft gevierd.

☒ Kennelijk haast om te trouwen

U stelt omstreeks (volgens [verzoekster]) in juli 2024 en (volgens [verzoeker]) in oktober 2024 elkaar te hebben ontmoet en (volgens [verzoekster]) in november 2024 en (volgens [verzoeker]) in december 2024 te zijn verloofd, waarna u op 19 december 2024 een verzoek heeft ingediend om in Aruba te kunnen trouwen. Dit duidt er -volgens de DBSB- op dat u kennelijke haast had om te trouwen, hetgeen een van de duidelijke indicaties is dat het huwelijk is voltrokken om toelating voor [verzoekster] in Aruba te verkrijgen.

Vervolgens bent u zonder de beslissing op uw verzoek van 19 december 2024 af te wachten op 9 april 2025 in Cali, Colombia in het huwelijk getreden.

(…)

Een huwelijk aangegaan met het oogmerk toelating te verkrijgen tot Aruba, is een gegeven dat in strijd is met de Arubaanse openbare orde.

Derhalve weiger ik voornoemd huwelijk te registreren in het bevolkingsregister van Aruba wegens strijdigheid met de Arubaanse openbare orde.

(…)”

Hiertegen hebben verzoekers op 10 december 2025 bezwaar gemaakt.

Wat vinden verzoekers?

Verzoekers hebben zich op het standpunt gesteld, dat de bestreden beschikking voor hen onevenredig nadeel met zich brengt, omdat de vrouw vanwege haar huwelijk met de man haar werk heeft opgezegd en nu zonder verblijfstitel en zonder AZV-verzekering in Aruba verblijft. Volgens verzoekers is de bestreden beschikking onzorgvuldig tot stand gekomen en onvoldoende gemotiveerd, omdat daarin ten onrechte wordt gesteld, dat zij een schijnhuwelijk zijn aangegaan. Verzoekers hebben -samengevat en zakelijk weergegeven- gesteld dat zij al voordat ze met elkaar trouwden, een duurzame en reële liefdesrelatie met elkaar hadden, maar dat zij -vanwege hun geloof-, voor het huwelijk niet intiem met elkaar zijn geweest noch met elkaar hebben samengewoond. Ze wilden graag met elkaar trouwen, nu zij beiden volwassenen zijn, beiden eerder getrouwd zijn geweest, beiden volwassen kinderen hebben, en beiden al een leven achter de rug hebben, en omdat zij snel nadat ze elkaar hadden ontmoet op elkaar verliefd zijn geraakt en samen verder wilden. Ter zitting heeft de man nog gezegd, dat zij beiden al vrij lang vrijgezel waren en op zoek waren naar een levenspartner, en dat zij in elkaar hebben gevonden wat ze zochten en niet wilden wachten om samen te kunnen zijn.

Zij verzoeken het gerecht de bestreden beschikking te vernietigen en verweerder te bevelen om hun huwelijk in te schrijven in de registers, dan wel een beslissing te nemen zoals het gerecht in goede justitie vermeent te behoren.

Wat zegt verweerder?

6. Verweerder heeft -naar het gerecht begrijpt- geconcludeerd tot afwijzing van het verzoek en daartoe het volgende aangevoerd.

De inschrijving van het huwelijk van verzoekers is op goede gronden geweigerd. Er is geen sprake van schending van het zorgvuldigheidsbeginsel of het motiveringsbeginsel, nu de beschikking tot stand is gekomen na zorgvuldige beoordeling van de aanwezige stukken, de inhoud van het gesprek met verzoekers en overige constateringen. Verweerder heeft in redelijkheid tot het oordeel kunnen komen, dat het huwelijk van verzoekers niet is gericht op de aan de huwelijkse staat verbonden rechten en plichten, doch op de verkrijging van toelating tot Aruba van de vrouw. Dit gelet op de omstandigheid dat verzoekers afwijkend hebben verklaard over hun ontmoeting, de burgerlijke staat van de vrouw, het huwelijksaanzoek, de werkzaamheden van de man, en hun activiteiten op Oud en Nieuw en hun verjaardagen.

Wat vindt het gerecht?

Het gerecht stelt voorop dat in deze procedure, die is gebaseerd op artikel 54 van de Lar, geen ruimte is voor vernietiging van de bestreden beschikking. Het verzoek van verzoekers daartoe zal dan ook worden afgewezen.

Voor zover verzoekers hebben beoogd de bestreden beschikking te doen schorsen, overweegt het gerecht dat een eventuele schorsing van de bestreden beschikking niet met zich meebrengt dat het buitenlands huwelijk van verzoeker alsnog wordt ingeschreven.

Wat betreft het verzoek om verweerder te bevelen hun huwelijk in het bevolkingsregister in te schrijven, overweegt het gerecht dat een voorlopige voorziening een voorlopige beslissing is die kan worden gegeven indien de uitkomst in de lopende procedure niet kan worden afgewacht vanwege een spoedeisend belang. Onderhavig verzoek strekt -naar het gerecht begrijpt- tot het treffen van een voorlopige voorziening inhoudende dat het huwelijk van verzoekers in het bevolkingsregister wordt ingeschreven. Dit betreft geen voorziening met een voorlopig karakter, zodat hetgeen verzoekers wensen te bewerkstelligen in deze procedure niet kan worden bereikt.

Het voorgaande leidt tot de slotsom dat het verzoek dient te worden afgewezen.

BESLISSING

De rechter in dit gerecht:

- wijst het verzoek af.

Deze beslissing is gegeven door mr. N.K. Engelbrecht, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van 18 februari 2026 in aanwezigheid van de griffier, mr. A. de Cuba.

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. N.K. Engelbrecht

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand