ECLI:NL:OGEAA:2026:144

ECLI:NL:OGEAA:2026:144

Instantie Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak 01-06-2026
Datum publicatie 08-06-2026
Zaaknummer 166 van 2026
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig

Samenvatting

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan de handel in cocaïne en hennep. Verdachte had een meer substantiële rol dan de feitelijke eindverkopers, omdat zij de distributie faciliteerde. De verdachte wordt veroordeeld tot een onvoorwaardelijk gevangenisstraf voor de duur van twaalf maanden met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht

Uitspraak

Parketnummer: P-2025/02278

Zaaknummer: 166 van 2026

Uitspraak van: 1 juni 2026 (op tegenspraak)

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

VONNIS

in de strafzaak tegen de verdachte:

[Verdachte],

geboren op [geboortedatum] 1989 in [geboorteplaats],

wonende in [woonplaats], [adres],

thans gedetineerd in het [detentieplaats],

hierna: de verdachte.

1. Onderzoek ter terechtzitting

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 11 mei 2026.

Het Gerecht heeft kennisgenomen van de vordering en de standpunten van de officier van justitie mr. C. van Buul, en van wat de verdachte en haar raadsvrouw, mr. D.G. Croes, advocaat in Aruba, naar voren hebben gebracht.

2. Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd:

1.

dat zij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 april 2025 tot en met 5 december 2025 in Aruba opzettelijk een hoeveelheid cocaïne, in elk geval enige bereiding van deze stof, in bezit heeft gehad en/of aanwezig heeft gehad en/of heeft verkocht en/of heeft afgeleverd en/of heeft vervoerd;

2.

dat zij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 april 2025 tot en met 5 december 2025 in Aruba opzettelijk hennep, in ieder geval enige gebruikelijk bereiding waaraan hars die uit hennep wordt getrokken ten grondslag ligt, in bezit heeft gehad en/of aanwezig heeft gehad en/of heeft verkocht en/of heeft afgeleverd en/of heeft vervoerd.

3. Voorvragen

Het Gerecht stelt vast dat de dagvaarding geldig is, dat het bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat het openbaar ministerie ontvankelijk is in zijn vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

4. Beoordeling van het bewijs

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van de ten laste gelegde feiten, met uitzondering van het onderdeel dat betrekking heeft op de ten laste gelegde periode van 1 april 2025 tot en met 24 september 2025 in beide feiten. Ten aanzien van dit onderdeel van de tenlastelegging partieel vrijspraak is gevorderd.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft een kopie van het paspoort van verdachte in het geding gebracht. Naar aanleiding hiervan heeft de verdediging zich op het standpunt gesteld dat ten aanzien van de ten laste gelegde periode van 1 april 2025 tot en met 24 september 2025, in beide feiten, partiële vrijspraak dient te volgen.

Het oordeel van het Gerecht

Uit het paspoort van verdachte blijkt dat zij van 15 april tot en met 6 mei 2025 en van 9 juli 2025 tot en met 24 september 2025 niet in Aruba verbleef. Op basis daarvan is het Gerecht van oordeel dat niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat zij zich ook in de periode tot en met 24 september 2025 heeft schuldig gemaakt aan het tenlastegelegde. De verdachte zal daarom van dit deel van de tenlastegelegde periode worden vrijgesproken.

Bewezenverklaring

Voor het overige acht het Gerecht - op grond van de hierna opgesomde bewijsmiddelen, in onderling verband en samenhang beschouwd - wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten heeft begaan, met dien verstande:

1.

dat zij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 25 september 2025 tot en met 5 december 2025 in Aruba opzettelijk een hoeveelheid cocaïne, in elk geval enige bereiding van deze stof, in bezit heeft gehad en/of aanwezig heeft gehad en/of heeft verkocht en/of heeft afgeleverd en/of heeft vervoerd;

2.

dat zij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 25 september 2025 tot en met 5 december 2025 in Aruba opzettelijk hennep, in ieder geval enige gebruikelijk bereiding waaraan hars die uit hennep wordt getrokken ten grondslag ligt, in bezit heeft gehad en/of aanwezig heeft gehad en/of heeft verkocht en/of heeft afgeleverd en/of heeft vervoerd.

Het Gerecht acht niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard, zodat zij daarvan wordt vrijgesproken.

Omwille van de leesbaarheid zijn wijzigingen aangebracht in de bewezenverklaring (cursief). De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bewijsmiddelen

Het Gerecht grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan, op de feiten en omstandigheden die in de hierna volgende bewijsmiddelen zijn vervat en redengevend zijn voor de bewezenverklaring.

Daarbij wordt opgemerkt dat ieder bewijsmiddel, ook in zijn onderdelen, slechts wordt gebruikt tot bewijs van dat bewezen verklaarde feit, of die bewezen verklaarde feiten, waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.

Nu de verdachte het ten laste gelegde feit heeft bekend en er ter terechtzitting geen vrijspraak is bepleit, volstaat het Gerecht op grond van artikel 402, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering met een opsomming van de bewijsmiddelen:

De bekennende verklaring van de verdachte, op 11 mei 2026 afgelegd tijdens het onderzoek ter terechtzitting;

Proces-verbaal doorzoeking woning te [adres], appartement z/n, d.d. 5 december 2025, bijlage 31 van het dossier;

Proces-verbaal wegen en testen verdovende middelen d.d. 5 december 2025, bijlage 103 van het dossier;

Geschrift, zijnde een rapport van [toxicoloog], toxicoloog, d.d. 30 januari 2026, bijlage 104 van het dossier;

Proces-verbaal 1ste verhoor verdachte [medeverdachte 1] d.d. 13 december 2025, bijlage 188 van het dossier;

Proces-verbaal 1ste verhoor verdachte [medeverdachte 2] d.d. 28 januari 2026, bijlage 207 van het dossier;

Proces-verbaal 1ste verhoor verdachte [medeverdachte 3] d.d. 3 februari 2026, bijlage 210 van het dossier.

5. De kwalificatie en de strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

Feit 1: opzettelijk handelen in strijd met artikel 3, eerste lid onder B en C, van de landsverordening verdovende middelen, strafbaar gesteld bij artikel 11 van deze landsverordening,

Feit 2: opzettelijk handelen in strijd met artikel 4, eerste lid onder B en C, van de landsverordening verdovende middelen, strafbaar gesteld bij artikel 11 van deze landsverordening,

De feiten zijn strafbaar.

6. De strafbaarheid van de verdachte

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dan ook strafbaar.

7. Motivering van de straf

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd de verdachte te veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van twaalf maanden met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht.

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft aangevoerd dat verdachte gedurende een korte periode heeft gehandeld uit wanhoop vanwege financiële nood, mede door medische omstandigheden en de kosten voor haar kinderen. Volgens de verdediging heeft verdachte inmiddels inzicht gekregen dat zij verkeerd gehandeld heeft. Zij betuigt veel spijt. Ze heeft ook al plannen ontwikkeld voor een legale inkomstenbron in de vorm van een taartbedrijf. Om die reden wordt verzocht om een kortere straf, eventueel deels voorwaardelijk, zodat zij eerder kan terugkeren naar haar kinderen en onder begeleiding verder kan werken aan haar toekomst.

Het oordeel van het Gerecht

Bij het bepalen van de straf heeft het Gerecht rekening gehouden met de aard en ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan. Het Gerecht heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van de verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken. Daarbij is in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan de handel in cocaïne en hennep. Verdachte had een meer substantiële rol dan de feitelijke eindverkopers, omdat zij de distributie faciliteerde. Van verdovende middelen is algemeen bekend dat deze verslavend werken en voor de gezondheid van gebruikers daarvan zeer schadelijk zijn. De handel in verdovende middelen gaat gepaard met veel andere vormen van (zware) criminaliteit en vormt dus een groot maatschappelijk probleem. De verdachte heeft met haar handelen hieraan bijgedragen.

De oriëntatiepunten voor straftoemeting van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie gaan bij het met enige regelmaat verkopen/afleveren/verstrekken van gebruikershoeveelheden harddrugs gedurende een periode van minder dan zes maanden uit van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf tussen 12 en 18 maanden.

Het Gerecht heeft kennis genomen van een uittreksel justitiële documentatie betreffende de verdachte van 30 maart 2026, waaruit blijkt dat zij eerder is veroordeeld tot aanzienlijke vrijheidsstraffen voor soortgelijke feiten. Het Gerecht weegt deze herhaaldelijke recidive sterk in strafverzwarende zin mee.

Gelet op de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan, is het Gerecht van oordeel dat niet kan worden volstaan met een andere of lichtere sanctie dan een straf die een onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming met zich brengt.

Het Gerecht komt, na dit een en ander te hebben afgewogen, tot de slotsom dat een onvoorwaardelijk gevangenisstraf voor de duur van twaalf maanden passend en geboden is. De verdachte zal daartoe dan ook worden veroordeeld.

8. Het beslag

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft ten aanzien van de inbeslaggenomen verdovende middelen onder Ad. 1 (bijlage 111 van het dossier) gevorderd dat deze zullen worden onttrokken aan het verkeer.

Ten aanzien van de inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven geldbedragen Afl. 9.519,95 en $ 1.784 onder Ad. 2 (bijlage 111 van het dossier) heeft de officier van justitie aangevoerd dat zij ervan uitgaat dat een deel van Afl. 24,05 en van $943,- aan [betrokkene] toebehoort en dat het resterend bedrag verbeurd kan worden verklaard. Volgens de officier van justitie is niet aannemelijk geworden dat een deel van het geld van de verdachte afkomstig is van spaargeld, maar dat het geld afkomstig is uit misdrijf.

De inbeslaggenomen voorwerpen onder Ad. 3 tot en met 10 (bijlage 111 van het dossier) kunnen volgens de officier van justitie aan de verdachte worden teruggegeven.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft geen standpunt ingenomen ten aanzien van het beslag.

Het oordeel van het gerecht

Het Gerecht beslist dat de verdovende middelen onder Ad. 1 (bijlage 111 van het dossier) zullen worden onttrokken aan het verkeer. Het ongecontroleerde bezit hiervan is in strijd met de wet en het algemeen belang.

Ten aanzien van het in beslag genomen geld overweegt het Gerecht het volgende. De verdachte heeft verklaard dat een deel van het geld afkomstig is uit drugshandel en een ander deel uit spaargeld. Het Gerecht acht de verklaring dat deels sprake zou zijn van legaal spaargeld niet aannemelijk geworden. Dit gelet op de financiële problemen die verdachte aanvoert als reden voor de drugshandel en vanwege het ontbreken van een verifieerbare legale herkomst. Het Gerecht is daarom van oordeel dat het in beslag genomen geld, behoudens het gedeelte dat aan [betrokkene] toebehoort, van (Afl. 9.519,95 - Afl. 24,05 =) Afl. 9.495,90 en ($ 1.784,- - $943,- =) $841,- onder Ad. 2 (bijlage 111 van het dossier) is verkregen uit baten van de bewezenverklaarde feiten. De geldbedragen van Afl. 9.495,90 en $841,- zullen verbeurd worden verklaard.

Het Gerecht gelast de teruggave aan de verdachte van de in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen onder Ad. 3 tot en met 10 (bijlage 111 van het dossier), nu zich hiertegen geen strafvorderlijk belang verzet.

9. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is, behalve op de reeds aangehaalde wettelijke voorschriften, gegrond op de artikelen 1:62, 1:67, 1:68, 1:74, 1:75 en 1:117 van het Wetboek van Strafrecht van Aruba.

DE BESLISSING

Het Gerecht:

verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten, zoals hiervoor bewezen geacht, heeft begaan;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is ten laste gelegd en spreekt haar daarvan vrij;

kwalificeert het bewezenverklaarde als hiervoor omschreven;

verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en de verdachte daarvoor strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de twaalf [12] maanden;

beveelt dat de tijd die door de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht;

verklaart verbeurd de in beslag genomen en nog niet teruggegeven geldbedragen van Afl. 9.495,90 en $ 841,- onder Ad. 2 (bijlage 111 van het dossier);

beveelt de onttrekking aan het verkeer van de in beslag genomen en nog niet teruggegeven verdovende middelen onder Ad. 1 (bijlage 111 van het dossier);

gelast de teruggave van de voorwerpen onder Ad. 3 tot en met 10 (bijlage 111 van het dossier) aan de verdachte.

Dit vonnis is gewezen door mr. E. Diepraam, rechter, bijgestaan door mr. S.M. Eman, (zittingsgriffier), en op 1 juni 2026 in tegenwoordigheid van de griffier uitgesproken ter openbare terechtzitting van dit gerecht.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. E. Diepraam

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand