ECLI:NL:OGEAA:2026:71

ECLI:NL:OGEAA:2026:71

Instantie Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak 04-03-2026
Datum publicatie 02-04-2026
Zaaknummer AUA202502340 AR
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Tussenuitspraak

Samenvatting

Civiel, nalatenschap, langstlevende echtgenoot, uitgesteld vorderingsrecht, aandeelhoudersvergadering, actio pauliana.

Uitspraak

Vonnis van 4 maart 2026

Behorend bij A.R. AUA202502340 AR

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

VONNIS

in de zaak van:

[Eiseres],

te Aruba,

eiseres,

hierna te noemen: [eiseres],

gemachtigde: de advocaat mr. R.J. Kock,

tegen:

1. [Gedaagde 1],

te Aruba,

gedaagde,

hierna te noemen: [gedaagde 1],

procederend in persoon,

2. [Gedaagde 2],

te Aruba,

gedaagde,

hierna te noemen: [gedaagde 2],

gemachtigden: de advocaten mrs. P.M.E. Mohamed en G. de Hoogd.

1. DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift met producties 1 tot en met 8, ingediend op 30 juli 2025;

- de conclusie van antwoord in conventie tevens houdende eis in reconventie met producties 1 tot en met 5, ingediend op 12 november 2025;

- de akte overlegging producties 1 en 2 aan de zijde van [eiseres], ingediend op 12 januari 2026;

- de mondelinge behandeling van 15 januari 2026.

Tijdens de mondelinge behandeling van 15 januari 2026 zijn verschenen [eiseres], bijgestaan door haar gemachtigde mr. Kock. [Gedaagde 1] is in persoon verschenen en [gedaagde 2] is verschenen en is bijgestaan door zijn advocaten mrs. Mohamed en De Hoogd. Partijen hebben tijdens de zitting het woord gevoerd ([eiseres] mede aan de hand van pleitnotities, die ter zitting zijn overgelegd) en hebben gereageerd of kunnen reageren op elkaars stellingen.

Vonnis is vervolgens bepaald op vandaag.

2. DE FEITEN

Wijlen de heer [erflater] (hierna: “wijlen [erflater]”) heeft bij uiterste wilsbeschikking zijn nalatenschap nagelaten aan zijn echtgenote [gedaagde 1], in die zin dat de langstlevende echtgenoot de nalatenschap van de eerstoverledene verkrijgt, onder toekenning aan de kinderen van een uitgesteld vorderingsrecht ter grootte van hun erfdeel.

De ontbonden huwelijksgoederengemeenschap tussen wijlen [erflater] en [gedaagde 1] omvat de volgende vermogensbestanddelen:

1) een perceel gelegen te [adres];

2) een perceel eigendomsgrond groot 31.537 m2, gelegen te [locatie] in Aruba, kadastraal bekend als Eerste Afdeling, Sectie L nummer [sectie nummer].

3) Vijf eigendomspercelen te Moko in Aruba.

4) Aandelen in Moko Apartments N.V. (hierna: MA), White House Appartments N.V. (hierna: WHA) en White House Cocktail Lounge N.V. (hierna: WHCL).

Het perceel gelegen te [adres] is op 23 juni 2012 geschonken aan de heer [zoon van eiseres] (de zoon van [eiseres]).

Uit de notulen van de aandeelhoudersvergadering van WHA van 3 juni 2017 blijkt dat:(i) alle aandelen WHA aan [gedaagde 2] zijn overgedragen;

(ii) het eigendomsperceel te [locatie] in eigendom aan [gedaagde 2] zal worden overgedragen; (iii) alle aandelen MA aan [eiseres] zijn overgedragen.

eiseres] heeft, na daartoe verkregen verlof op 25 augustus 2025, onder andere conservatoir beslag doen leggen op alle aan [gedaagde 2] toebehorende aandelen in WHA en op het perceel eigendomsgrond gelegen te [locatie].

3. DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Eiseres] vordert primair, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:A. de navolgende rechtshandelingen nietig te verklaren althans te vernietigen voor zover deze betrekking hebben op de (verdeling van de) nalatenschap van wijlen [erflater];

B. het besluit van 3 juni 2017, inhoudende de overdracht aan [gedaagde 2] van alle aandelen in WHA, nietig te verklaren althans te vernietigen;

C. het besluit van 3 juni 2017, inhoudende de overdracht aan [eiseres] van alle aandelen in MA, nietig te verklaren althans te vernietigen;

D. de koopakte van 15 december 2021 en de leveringsakte van 22 maart 2023 ter zake van de verkoop en levering door [gedaagde 1] aan [gedaagde 2] van het perceel eigendomsgrond te [locatie] in Aruba.

Subsidiair vordert [eiseres], voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:A. [Gedaagde 1] en [gedaagde 2] hoofdelijk te veroordelen tot betaling van de door [eiseres] geleden schade, die het gevolg is van de jegens haar door gedaagden gepleegde onrechtmatige daad in de zin van artikel 6:162 BW, op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet door verwijzing naar de schadestaatprocedure als bedoeld in artikel 614 Rv, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 3 juni 2017 tot en met de dag van algehele voldoening;

B. [Gedaagde 1] en [gedaagde 2] in de proceskosten te veroordelen.

Gedaagde 1] en [gedaagde 2] voeren gemotiveerd verweer en concluderen tot afwijzing van de vorderingen van [eiseres], met veroordeling van [eiseres] in de proceskosten.

Voorts heeft [gedaagde 2] een eis in reconventie ingesteld, strekkende tot opheffing van de door [eiseres] gelegde conservatoire beslagen op het perceel gelegen te [locatie] en op de aandelen in de vennootschappen WHA en WHCL, met veroordeling van [eiseres] in de kosten van het geding in reconventie.

4. DE BEOORDELING

In het verzoekschrift heeft [eiseres] artikel 3:195 BW aan haar vorderingen ten grondslag gelegd. Ter gelegenheid van de mondelinge behandeling van 15 januari 2026 heeft [eiseres] deze grondslag uitdrukkelijk verlaten en haar vorderingen gebaseerd op artikel 3:45 BW, de zogenoemde actio pauliana.

Het Gerecht stelt vast dat deze wijziging van grondslag eerst ter zitting is gedaan en ook ter zitting voor het eerst nader is onderbouwd. Een dergelijke proceshouding verdient geen schoonheidsprijs en kan bovendien de wederpartij schaden in haar verdediging. Het Gerecht zal in dit geval de wijziging toestaan, maar zal met het oog op het beginsel van hoor en wederhoor zowel [gedaagde 2] als [gedaagde 1] in de gelegenheid stellen zich bij akte inhoudelijk uit te laten over de vorderingen en stellingen van [eiseres] die voortvloeien uit het door haar gewijzigde standpunt op grond van artikel 3:45 BW.

De termijn voor het nemen van de hiervoor bedoelde akte wordt bepaald op vier weken na de datum van dit vonnis.

5. DE UITSPRAAK

Het Gerecht:

verwijst deze zaak naar de rol van 25 maart 2026 voor het nemen van akte zoals bedoeld in rechtsoverweging 4.3;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.M.M. Vingerling, rechter, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 4 maart 2026 in aanwezigheid van de griffier.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. A.M.M. Vingerling

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?