Vonnis van 25 maart 2026
Behorend bij AUA202303159 AR
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in de zaak van:
PROFESSIONAL BUILDERS & DESIGN N.V.,
te Aruba,
eiseres, hierna ook te noemen: Professional Builders,
gemachtigde: de advocaat mr. R. Marchena,
tegen:
[Gedaagde],
te Aruba,
gedaagde, hierna ook te noemen: [gedaagde],
gemachtigde: aanvankelijk de advocaat mr. L.A.J. Banis, thans procederend in persoon.
1. DE PROCEDURE
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift, ingediend op 7 september 2023;
- de conclusie van antwoord, tevens conclusie van eis in reconventie, ingediend op 10 januari 2024;
- het tussenvonnis van 7 februari 2024, waarin een comparitie van partijen is bepaald;
- de conclusie van antwoord in reconventie, ingediend op 4 maart 2024;
- de aanvullende producties van Professional Builders, ingediend op 13 maart 2024;
- de comparitie van partijen op 19 maart 2024, waarbij aanwezig waren de heer [vertegenwoordiger] namens Professional Builders, bijgestaan door mr. Marchena, en [gedaagde] in persoon, bijgestaan door mr. Banis;
- de verzoeken van partijen om aanhouding in verband met onderhandelingen;
- de conclusie van repliek in conventie, ingediend op 28 augustus 2025;
- de rolbeslissing van 29 oktober 2025, waarbij aan [gedaagde] een zogenoemde akte niet dienen is verleend. Dit betekent dat zij het recht heeft verspeeld om een conclusie van dupliek in te dienen.
Vervolgens is bepaald dat vonnis zal worden gewezen.
2. DE VASTSTAANDE FEITEN
Professional Builders heeft op verzoek van [gedaagde] (of haar onderneming, daarover zijn partijen het niet eens) bouwwerkzaamheden verricht. Voor die werkzaamheden heeft Professional Builders de volgende facturen verstuurd:
Factuurdatum
Facturnr.
Factuur t.n.v.
Factuurbedrag
Factuur omschrijving
18 december 2021
002
Upcycle Life
Afl. 11.975,-
Extra works [adres 1]
19 oktober 2022
030
Upcycle Life
Afl. 4.000,-
Remodeling [adres 2]
19 oktober 2022
029
Upcycle Life
Afl. 5.000,-
Remodeling [adres 2]
20 december 2022
009
Upcycle Life
Afl. 4.750,-
[adres 3]
23 maart 2023
021
Upcycle Life
Afl. 1.000,-
Remodeling [adres 4]
23 maart 2023
022
Upcycle Life
Afl. 1.180,-
Remodeling bathrooms [adres 5]
23 maart 2023
024
Upcycle Life
Afl. 5.000,-
Remodeling [adres 6]
23 maart 2023
025
Upcycle Design
Afl. 3.753,-
Remodeling [adres 6]
23 maart 2023
026
Upcycle Life
Afl. 28.775,-
Remodeling [adres 7]
De facturen zijn onbetaald gebleven.
Op 4 mei 2023 heeft Professional Builders [gedaagde] gesommeerd te betalen, maar dat heeft [gedaagde] niet gedaan. Vervolgens heeft Professional Builders op 14 juli 2023 conservatoir beslag gelegd op (kort gezegd) de woning van [gedaagde].
3. DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
Professional Builders vordert dat [gedaagde] veroordeeld zal worden om aan haar Afl. 54.480,60 te betalen, vermeerderd met (i) de wettelijke rente vanaf 8 mei 2023, (ii) “finance charges” van 1,5% per maand vanaf 8 mei 2023, en (iii) de buitengerechtelijke incassokosten van Afl. 2.250,-, met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.
In reconventie vordert [gedaagde] dat Professional Builders wordt veroordeeld om het beslag op de woning van [gedaagde] op te heffen, op straffe van een dwangsom van Afl. 1.000,- en met veroordeling van Professional Builders in de proceskosten.
Partijen hebben over en weer gemotiveerd verweer gevoerd.
Het Gerecht zal hierna ingaan op de standpunten van partijen, voor zover die relevant zijn voor de beoordeling van de vorderingen.
4. DE BEOORDELING
Omdat de vorderingen in conventie en in reconventie met elkaar samenhangen, zullen die hierna gezamenlijk worden beoordeeld.
Professional Builders vordert in deze procedure dat [gedaagde] wordt veroordeeld om te betalen voor de werkzaamheden die Professional Builders in opdracht van [gedaagde] heeft verricht. [Gedaagde] voert als verweer aan dat niet zij, maar haar onderneming Upcycle Design VBA de opdrachtgever was van Professional Builders. Dit betekent volgens [gedaagde] dat Professional Builders geen vordering heeft op haar als privépersoon, maar op Upcycle Design VBA.
Naar het oordeel van het Gerecht gaat het verweer van [gedaagde] niet op. Het Gerecht legt die beslissing hierna uit.
Tussen partijen staat vast dat Professional Builders en [gedaagde] al sinds 2017 samenwerken. Aanvankelijk werkte [gedaagde] door middel van haar eenmanszaak “Aruba Dream Vacation Villa’s” en sinds 2020 dreef [gedaagde] de eenmanszaken “Upcyle Life” en “Upcycle Design”. Op 28 april 2021 heeft [gedaagde] de onderneming Upcycle Design VBA opgericht.
Professional Builders heeft zich (onder verwijzing naar e-mailcorrespondentie en oude facturen) op het standpunt gesteld dat [gedaagde] de opdrachten voor de bouwprojecten [adres 3], [adres 4], [adres 5], [adres 6] en [adres 7] aan Professional Builders heeft verstrekt vóór de oprichting van Upcycle Design VBA. Dat heeft [gedaagde] niet bestreden, zodat het Gerecht ervan uitgaat dat dat klopt. Waarom dan toch Upcycle Design VBA als opdrachtgever zou moeten worden aangemerkt, heeft [gedaagde] niet duidelijk kunnen maken. Uit niets blijkt dat [gedaagde] aan Professional Builders heeft laten weten dat Professional Builders haar werkzaamheden vanaf een bepaald moment zou verrichten voor Upcycle Design VBA, laat staan dat Professional Builders daarmee akkoord is gegaan.
De opdrachten voor de projecten [adres 1] en [adres 2] dateren van na de oprichting van de VBA. [Gedaagde] heeft echter ook niet onderbouwd gesteld dat zij die opdrachten namens Upcycle Design VBA heeft verstrekt. Professional Builders heeft dat ook bestreden. Professional Builders heeft in dit verband onderbouwd gesteld dat [gedaagde] de opdracht voor het project [adres 1] heeft verstrekt vanaf haar privé e-mailadres en dat in die e-mail nergens wordt verwezen naar Upcycle Design VBA. Dat de opdracht niettemin afkomstig was van Upcycle Design VBA, dat Professional Builders dat kon weten en dat Professional Builders daarmee akkoord is gegaan, heeft [gedaagde] vervolgens niet duidelijk gemaakt.
Ten aanzien van het project [adres 2] heeft Professional Builders erop gewezen dat de opdracht is gegeven vanaf het e-mailadres dat [gedaagde] ook gebruikte voordat de VBA werd opgericht en dat onderaan de e-mail het logo staat dat zij al gebruikte toen de VBA nog niet bestond. Professional Builders heeft verder aangevoerd dat [gedaagde] niet met haar heeft gecommuniceerd dat zij een VBA had opgericht en dat uit de correspondentie ook verder niet blijkt dat [gedaagde] de opdracht gaf namens Upcycle Design VBA. [Gedaagde] heeft daar niets tegenin gebracht.
Bij die stand van zaken is niet gebleken dat Upcyle Design VBA moet worden aangemerkt als opdrachtgever ten aanzien van de projecten [adres 1] en [adres 2].
Het verweer van [gedaagde] dat Professional Builders wist dat Upcycle Design VBA de opdrachtgever was, en dat dit blijkt uit het feit dat Professional Builders heeft gefactureerd aan de VBA, gaat niet op. Acht van de negen facturen waarover deze procedure gaat, zijn gericht aan Upcycle Life. Dit was de naam van een van de eenmanszaken van [gedaagde]. Alleen de factuur met nummer 25 is gericht aan Upcycle Design. Vast staat echter dat dat ook één van de handelsnamen was die [gedaagde] gebruikte toen zij als eenmanszaak werkte. Uit de facturen van Professional Builders kan dus ook niet worden afgeleid dat Upcycle Design VBA haar opdrachtgever was.
Omdat niet is gebleken dat Professional Builders haar werkzaamheden heeft verricht in opdracht van Upcycle Design VBA en aangenomen moet worden dat [gedaagde] (handelend namens een van haar eenmanszaken) de opdrachtgever was, moet [gedaagde] de facturen voor die werkzaamheden betalen.
Voor zover [gedaagde] nog heeft aangevoerd dat de facturen al zijn betaald, gaat het Gerecht daaraan voorbij. Professional Builders heeft namelijk betwist dat zij de facturen betaald heeft gekregen, terwijl [gedaagde] haar stelling dat zij (of een van haar ondernemingen) wel heeft betaald, niet heeft onderbouwd.
Dit betekent dat [gedaagde] zal worden veroordeeld om de nog openstaande facturen te betalen. [Gedaagde] heeft de gevorderde wettelijke rente niet bestreden, zodat die zal worden toegewezen. De gevorderde “finance charges” worden afgewezen, omdat uit niets blijkt dat die tussen partijen zijn overeengekomen.
Omdat [gedaagde] geld schuldig is aan Professional Builders, heeft Professional Builders niet ten onrechte beslag gelegd op haar woning. De vordering van [gedaagde] tot opheffing van het conservatoire beslag wordt daarom afgewezen.
Omdat [gedaagde] ongelijk krijgt, moet zij de proceskosten betalen, zowel in conventie als in reconventie. De proceskosten in conventie (inclusief de kosten voor beslaglegging) worden begroot op Afl. 1.250,- aan griffierecht, Afl. 697,80 aan explootkosten en Afl. 4.500,- een salaris gemachtigde (3 punten x tarief 6). De kosten in reconventie worden begroot op Afl.1.250,- aan salaris gemachtigde (2 punten x tarief 5 x factor 0,5).
5. DE UITSPRAAK
Het Gerecht:
in conventie
veroordeelt [gedaagde] om aan Professional Builders Afl. 56.480,60 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 8 mei 2023 tot de dag waarop volledig zal zijn betaald;
veroordeelt [gedaagde] in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van Professional Builders worden begroot op Afl. 1.250,- aan griffierecht, Afl. 697,80 aan explootkosten en Afl. 4.500,- een salaris van de gemachtigde;
verklaart de veroordelingen dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders gevorderde af;
in reconventie
wijst de vordering af;
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, die tot de datum van deze uitspraak aan de kant van Professional Builders worden begroot op Afl. 1.250,- aan salaris van de gemachtigde, en verklaart deze veroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. J. Brandt, rechter in dit Gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 25 maart 2026 in aanwezigheid van de griffier.