GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA
zittingsplaats Bonaire
registratienummer: BON202400362
datum beslissing: 10 september 2025
BESCHIKKING
op verzoek van:
ZORG EN JEUGD CARIBISCH NEDERLAND,
gevestigd te Bonaire,
verzoeker, hierna: ZJCN,
met betrekking tot de minderjarige:
[minderjarige],
geboren op [geboortedatum] 2024 te Bonaire,
hierna ook: [minderjarige].
Als belanghebbenden worden aangemerkt:
[de moeder],
wonende te Bonaire,
hierna ook: de moeder,
en
[de vader],
wonende te Nederland,
hierna ook: de vader.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
het verzoekschrift van ZJCN van 28 augustus 2025 met producties
een e-mailbericht van de Voogdijraad van 1 september 2025 waarin de Voogdijraad laat weten zich te kunnen vinden in het verzoek
de mondelinge behandeling die heeft plaatsgevonden op 10 september 2025, waar zijn verschenen:
o de moeder
o de vader, via de telefoon
o mevrouw [informant] (oma mz) in de rol van informant,
o namens ZJCN mevrouw [medewerker 1 ZJCN], mevrouw [medewerker 2 ZJCN], mevrouw [medewerker 3 ZJCN],
o namens de Voogdijraad dhr. [medewerker Voogdijraad].
De beschikking is uitgesproken op 10 september 2025 en op 11 september 2025 op schrift gesteld.
2. De feiten
In een beschikking van 18 september 2024 van dit gerecht is [minderjarige] onder toezicht gesteld waarbij een gezinsvoogd van ZJCN belast is met het toezicht op de minderjarige voor de duur van 6 maanden.
In een beschikking van 12 maart 2025 van dit gerecht is de ondertoezichtstelling (hierna: OTS) van [minderjarige] voor de duur van 6 maanden verlengd, dat wil zeggen tot 18 september 2025.
Uit DNA-onderzoek is gebleken dat de vader, de vader van [minderjarige] is. De vader heeft [minderjarige] inmiddels erkend.
3. 3. Het verzoek en de beoordeling
ZJCN heeft verzocht de OTS van [minderjarige] wederom met 1 jaar te verlengen omdat - samengevat - de zorgen rondom het veilig opgroeien van [minderjarige] nog steeds aanwezig zijn, medewerking van moeder soms uitblijft, zicht op de thuissituatie ontbreekt en er nog altijd geen plan van aanpak kon worden opgesteld. In dat jaar wil ZJCN het plan van aanpak afmaken, begeleiding voor de moeder opstarten, de veiligheid van [minderjarige] borgen en zijn ontwikkeling stimuleren en het contact tussen [minderjarige] en zijn vader herstellen.
Ingevolge artikel 1:254 lid 1 BW BES kan de rechter in eerste aanleg een kind onder toezicht stellen als het kind zodanig opgroeit dat zijn zedelijke of geestelijke belangen of zijn gezondheid ernstig worden bedreigd en andere middelen ter afwending van deze bedreiging hebben gefaald of, naar is te voorzien, zullen falen. Als deze gronden nog steeds bestaan, kan de rechter in eerste aanleg op grond van artikel 1:258 lid 1 BW BES de duur van de OTS telkens met ten hoogste één jaar verlengen.
Het gerecht zal het verzoek om de OTS te verlengen toewijzen. Uit het verzoek blijkt dat de hulpverlening feitelijk nog onvoldoende tot stand is gekomen. Op de zitting hebben de moeder en de vader laten weten geen bezwaar te hebben tegen de verzochte verlenging omdat het in het belang van [minderjarige] is dat het goed wordt afgerond. Het gerecht maakt daaruit op dat zij de aangeboden hulp vanuit ZJCN aan zullen pakken en dat zij de met hen gemaakte afspraken na zullen komen.
4. De beslissing
Het gerecht:
verlengt de ondertoezichtstelling van de minderjarige [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2024 te Bonaire, voor de duur van één jaar (dat wil zeggen tot 18 september 2026);
bepaalt dat aan gezinsvoogd van Zorg en Jeugd Caribisch Nederland (ZJCN) belast is met het toezicht op de minderjarige;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.M.J. Keltjens, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 10 september 2025 in tegenwoordigheid van de griffier en op 11 september 2025 op schrift gesteld.