ECLI:NL:OGEABES:2026:22

ECLI:NL:OGEABES:2026:22

Instantie Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Datum uitspraak 28-01-2026
Datum publicatie 01-05-2026
Zaaknummer BON202500257
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig

Samenvatting

Koopovereenkomst tweedehands auto. Sprake van wederzijdse dwaling over het schadeverleden van de auto. Koopovereenkomst rechtsgeldig vernietigd. Ongedaanmakingsverbintenis. Koopsom moet worden terugbetaald.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA

zittingsplaats Bonaire

registratienummer: BON202500257

datum beslissing: 28 januari 2026

in de zaak van

[eiser],

wonende te Bonaire,

eisende partij,

hierna: [eiser],

gemachtigde: mr. M.M.A. van Lieshout,

tegen

[gedaagde],

wonende te Bonaire,

gedaagde partij,

hierna: [gedaagde],

gemachtigde: mr. A.T.C. Nicolaas.

1. De procedure

In het procesdossier zitten de volgende stukken:

het verzoekschrift met producties, ingekomen op 23 mei 2025;

de conclusie van antwoord met producties.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 8 december 2025. [eiser] is verschenen, bijgestaan door mr. Van Lieshout. [gedaagde] is verschenen, bijgestaan door mr. Nicolaas. De spreekaantekeningen die mr. Van Lieshout heeft voorgelezen zijn aan het dossier toegevoegd.

Op de mondelinge behandeling heeft de gemachtigde van [gedaagde] het ‘Formulier recht gevende op kosteloze rechtsbijstand’ aan het gerecht overhandigd. De gemachtigde van [eiser] heeft verklaard tegen het inleveren van dit formulier op de mondelinge behandeling geen bezwaar te hebben.

Ten slotte is bepaald dat op 28 januari 2026 schriftelijk uitspraak zal worden gedaan.

2. De kern van de zaak

eiser] heeft een tweedehands auto van [gedaagde] gekocht. [eiser] stelt dat hij heeft gedwaald bij het sluiten van de koopovereenkomst en vordert terugbetaling van de koopsom. [eiser] vordert bovendien reparatiekosten van de auto. Het gerecht oordeelt dat [gedaagde] de koopsom van de auto aan [eiser] moet terugbetalen. Dat wordt hierna uitgelegd.

3. De beoordeling

De achtergrond van het geschil

Op 16 september 2024 heeft [gedaagde] een Nissan Xtrail uit bouwjaar 2017 (hierna: de auto) voor een koopprijs van USD 15.500,00 gekocht van een derde partij, werkzaam voor een autoschadeherstelbedrijf.

Op 12 november 2024 heeft [gedaagde] via het internetplatform Facebook de auto voor een bedrag van USD 18.900,00 te koop aangeboden. In de advertentie waarmee de auto wordt aangeboden staat onder meer “No accident”, “Full option”, “Cruise control” en “60000km”.

eiser] heeft een proefrit gemaakt met de auto. Op 1 december 2024 is een document met de titel “Car sales agreement” opgesteld (hierna: de koopovereenkomst). In de koopovereenkomst staat onder meer “The vehicle is sold as it is and no warranty stated in the agreement”. Partijen zijn een koopprijs overeengekomen van USD 18.000,00.

Twee weken na aankoop van de auto ervaarde [eiser] stuurproblemen. Hij is toen onderzoek gaan doen naar de geschiedenis van de auto. Uit zijn onderzoek is naar voren gekomen dat de auto op 18 maart 2021 als politievoertuig betrokken is geweest bij een verkeersongeval en na dat ongeval als total loss is aangemerkt.

Partijen hebben gedwaald bij het sluiten van de koopovereenkomst

eiser] heeft op de mondelinge behandeling toegelicht dat de primaire grondslag van zijn vordering dwaling is. Op grond van artikel 6:228 BW BES is een overeenkomst die tot stand is gekomen onder invloed van dwaling en bij een juiste voorstelling van zaken niet zou zijn gesloten onder meer vernietigbaar als sprake is van wederzijdse dwaling. Van wederzijdse dwaling is sprake als de wederpartij bij het sluiten van de overeenkomst van dezelfde onjuiste veronderstelling als de dwalende is uitgegaan (artikel 6:228 lid 3 BW BES).

gedaagde] heeft aangevoerd dat hij niet wist dat de auto in het verleden betrokken is geweest bij een verkeersongeval waarbij de auto total loss is verklaard. Als wordt uitgegaan van de juistheid van dat verweer valt niet in te zien waarom hij de auto heeft aangeprezen met de eigenschap “No accident”. Daarmee heeft [gedaagde] namelijk medegedeeld dat de auto geen schadeverleden heeft. Op de mondelinge behandeling heeft [gedaagde] verklaard dat hij met die mededeling heeft bedoeld dat de auto niet betrokken is geweest bij een verkeersongeval in de periode dat hij eigenaar van de auto was. Gelet op de korte periode van slechts twee maanden dat [gedaagde] eigenaar is geweest van de auto en het feit dat het een bijna 10 jaar oude auto betreft waarmee 60.000 kilometer is gereden is die verklaring niet geloofwaardig. De aanprijzing zou in dat geval immers feitelijk betekenisloos zijn geweest; in ieder geval zou [gedaagde] dan bij die aanprijzing gehouden zijn geweest te vermelden dat de auto de afgelopen twee maanden niet betrokken was geweest bij een verkeersongeval.

gedaagde] heeft nog aangevoerd dat in de koopovereenkomst een ‘as is’ clausule is opgenomen. In die bepaling staat dat de auto verkocht wordt in de staat waarin het zich bevindt. Daarom moeten gebreken die na aankoop aan het licht zijn gekomen volgens [gedaagde] voor rekening van [eiser] blijven. Dat verweer van [gedaagde] wordt verworpen, reeds omdat [eiser] de vernietiging niet grondt op een gebrek of op non-conformiteit, maar op dwaling omtrent de geschiedenis van de auto.

Met de aanprijzing “No accident” van [gedaagde] mocht [eiser] er redelijkerwijs op vertrouwen dat de auto geen schadehistorie had. [eiser] heeft gesteld dat deze aanprijzing voor hem de reden was om een proefrit te maken met de auto en dat deze informatie essentieel voor hem was voor zijn beslissing om de auto te kopen. Dat betekent dat de koopovereenkomst tot stand is gekomen onder invloed van dwaling en bij een juiste voorstelling van zaken niet gesloten zou zijn. Omdat [gedaagde] naar eigen zeggen van dezelfde onjuiste voorstelling van zaken is uitgegaan, is sprake van wederzijdse dwaling (artikel 6:228 lid 1 sub c BW BES). Daarom is [eiser] gerechtigd de koopovereenkomst te vernietigen. Met het e-mailbericht van 19 maart 2025 van de gemachtigde van [eiser] aan [gedaagde] is de koopovereenkomst buitengerechtelijk vernietigd.

Het vernietigen van de koopovereenkomst brengt met zich dat de prestaties die op grond van de vernietigde overeenkomst zijn verricht ongedaan moeten worden gemaakt. Dat betekent in dit geval dat de koopprijs aan [eiser] moet worden terugbetaald en de auto moet worden teruggegeven aan [gedaagde]. De vordering van [eiser] tot terugbetaling van de koopprijs van USD 18.000,00 zal worden toegewezen. De wettelijke rente over dat bedrag wordt toegewezen vanaf 19 maart 2025 tot de dag van volledige betaling.

[eiser] heeft onvoldoende gesteld ten aanzien van de herstelkosten

eiser] stelt twee essentiële reparaties aan de auto te hebben uitgevoerd voor een totaalbedrag van USD 1.789,70. [eiser] vordert terugbetaling van dat bedrag.

Het gerecht stelt voorop dat een geslaagd beroep op dwaling niet betekent dat [gedaagde] tegenover [eiser] schadeplichtig is. Daarvoor dient een specifieke rechtsgrond aanwezig te zijn. Vanwege de (volledige) vernietiging van de koopovereenkomst op grond van dwaling is een beroep van [eiser] op een tekortkoming in de nakoming daarvan uitgesloten. Een vernietiging werkt namelijk terug tot het tijdstip waarop de rechtshandeling is verricht (artikel 3:53 BW BES). Voor een beroep op een andere rechtsgrond heeft [eiser] onvoldoende gesteld. Daarom is zijn vordering tot betaling van het bedrag van USD 1.789,70 niet toewijsbaar.

Ten overvloede overweegt het gerecht dat als [gedaagde] tegenover [eiser] verantwoordelijk zou zijn voor de herstelkosten van USD 1.789,70, het denkbaar is dat die kosten verrekend zouden worden met een door de gemachtigde van [gedaagde] gestelde gebruiksvergoeding voor de auto die [eiser] volgens hem verschuldigd zou zijn.

[gedaagde] moet proceskosten betalen

gedaagde] is grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) van [eiser] betalen. De proceskosten van [eiser] worden begroot op USD 1.396,00 aan salaris gemachtigde (2 punten x tarief 5), USD 251,00 aan griffierecht en USD 140,00 aan nakosten (plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing).

[gedaagde] wordt toegestaan kosteloos te procederen

Gelet op het door [gedaagde] overgelegde ‘Formulier recht gevende op kosteloze rechtsbijstand’ zal hem worden toegestaan kosteloos te procederen.

4. De beslissing

Het gerecht:

staat [gedaagde] toe kosteloos te procederen;

veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van USD 18.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW BES over het toegewezen bedrag, met ingang van 19 maart 2025, tot de dag van volledige betaling;

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van USD 1.787,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met USD 84,00 als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.P.P. Hoekstra, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 28 januari 2026 in tegenwoordigheid van de griffier.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. R.P.P. Hoekstra

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand