ECLI:NL:OGEABES:2026:246

ECLI:NL:OGEABES:2026:246

Instantie Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Datum uitspraak 30-09-2026
Datum publicatie 15-10-2026
Zaaknummer BON202600522 & BON202600523
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig

Samenvatting

Verzet tegen bevel tot betaling. Verzet tijdig en deels gegrond. Terugbetaling studiekosten werknemer.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SABA EN SINT EUSTATIUS

zittingsplaats Bonaire

registratienummers: BON202600522 & BON202600523

Proces-verbaal van de mondelinge behandeling, tevens inhoudende het mondelinge vonnis van 30 september 2026, 10.00 uur

in de zaak van:

[PERSOON]

wonende te Bonaire,

hierna: [persoon]

gemachtigde: mr. M.M.A. van Lieshout

tegen

de besloten vennootschap PASO CARIBE h.o.d.n. PURE ESSENCE SPA,

gevestigd te Bonaire,

hierna: Pure Essence

gemachtigde: [gemachtigde Pure Essence]

De zaak wordt behandeld door mr. R.P.P. Hoekstra, rechter en S. Quist, griffier.

Aanwezig zijn:

De rechter stelt vast dat aan de orde is het door [persoon] 16 september 2026 ingestelde verzet tegen het op 19 augustus 2026 tegen haar uitgevaardigde bevel tot betaling. Ook is aan de orde het verzoek tot schorsing van de tenuitvoerlegging van dat bevel, waarvoor op 25 augustus 2026 executoriaal derdenbeslag is gelegd onder de huidige werkgever van [persoon].

Op vragen van de rechter antwoordt [persoon] als volgt:

Ik heb voor het eerst van het bevel tot betaling gehoord toen mijn werkgever tegen mij zei dat er beslag op mijn loon was gelegd. Ik weet niet meer wanneer ze dit tegen mij zei. Mijn salaris eind augustus heb ik gewoon gehad, daarop was nog niets ingehouden. Mijn salaris van september ontvang ik vandaag, ik weet niet of daarop al iets is ingehouden.

Het klopt dat ik nog USD 500,00 moet terugbetalen van de lening. Ik heb dat nog niet gedaan omdat ik boos was op [bestuurder].

Het klopt dat ik een opleiding heb gedaan op kosten van Pure Essence. Dat was toen ik er net aan het werk was. Er kwam toen op een zondag iemand vanaf Curaçao om mij en een aantal collega’s cursus te geven over facials. Er is nooit gezegd dat ik de kosten daarvoor terug moest betalen.

Op vragen van de rechter antwoordt [bestuurder] als volgt:

Ik regel die opleiding voor mijn werknemers omdat zij wel facials moeten kunnen geven. Veel van hen komen uit het buitenland. Ik ga er dan van uit dat zij wel 5 jaar voor mij blijven werken. Als ze eerder weggaan moeten ze dan de kosten of een deel daarvan terugbetalen. Ik heb dat bij [persoon] niet schriftelijk vastgelegd. Tegenwoordig doe ik dat wel, ik heb hiervan geleerd.

Ik vind ook dat [persoon] het loon moet terugbetalen over de periode dat ze ziek was. Ze is toen zonder toestemming van SZW naar het buitenland gegaan, waardoor de aanvraag voor ziekengeld is afgewezen.

Ik heb een hoop ellende met [persoon] gehad en veel kosten moeten maken; die wil ik vergoed hebben.

Ik zou graag vandaag uw beslissing horen, dan kan ik deze zaak afsluiten.

Mr. Van Lieshout voert het woord:

Voor wat betreft de ontvankelijkheid van het verzet merk ik op dat rekening moet worden gehouden met de lokale omstandigheden. [persoon] spreekt de taal niet en heeft de procedure niet steeds begrepen. Bovendien was ik eind augustus en begin september druk met een grote strafzaak. Overigens ben ik van mening dat de termijn niet is overschreden.

Inhoudelijk verwijs ik naar mijn verzetschrift. [persoon] erkent de lening, maar betwist dat er afspraken zijn gemaakt over terugbetaling van de opleiding.

[gemachtigde Pure Essence] voert het woord:

Ik ben van mening dat het verzet te laat is ingesteld. Er is immers al op 25 augustus 2026 beslag gelegd. Ook de beslagkosten moeten vergoed worden.

Beide partijen stemmen er mee in dat de rechter vandaag direct mondeling uitspraak doet. De rechter schorst de behandeling voor enige tijd om zich te beraden over de uitspraak.

Na hervatting sluit de rechter de behandeling en deelt de navolgende uitspraak mee.

1. Het procesverloop

Op 21 mei 2026 is er door Pure Essence een verzoek ingediend voor een bevel tot betaling. [persoon] heeft geen verweer gevoerd.

Op 19 augustus 2026 is er een bevel tot betaling uitgevaardigd.

Op 16 september 2026 is er namens de gemachtigde van [persoon] een verzetschrift ingediend met tegelijkertijd een verzoek tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bevel tot betaling.

2. De beoordeling

Allereerst dient te worden beoordeeld of het verzetschrift tijdig is ingediend en [persoon] ontvankelijk is in haar verzet. Op grond van artikel 84 lid 1 Rv BES moet verzet binnen twee weken worden ingesteld nadat het vonnis aan de veroordeelde is aangezegd of in persoon is betekend of nadat deze anderszins bekend is geworden met het vonnis of de tenuitvoerlegging daarvan. Indien dit niet het geval is, vangt de termijn op grond van artikel 84 lid 2 Rv BES aan bij de tenuitvoerlegging van het vonnis. Het bevel tot betaling is niet aan [persoon] aangezegd of in persoon betekend. Onbekend is op welke datum zij heeft vernomen van (de inhoud van) het bevel en de beslaglegging. Beslissend voor de aanvangsdatum van de termijn van twee weken is daarom in dit geval het moment van tenuitvoerlegging van het bevel. Bij derdenbeslag geldt ingevolge artikel 85 aanhef en onder b Rv BES als moment van tenuitvoerlegging de uitbetaling aan de beslaglegger, of bij periodieke betalingen de eerste uitbetaling. Niet gebleken is dat er vóór het instellen van het verzet al een uitbetaling op grond van het executoriale derdenbeslag was gedaan. Er moet daarom van worden uitgegaan dat het verzetschrift tijdig is ingediend. [persoon] is dus ontvankelijk in haar verzet.

persoon] heeft erkend dat ze een geldbedrag van Pure Essence heeft geleend en dat er nog een openstaand bedrag is dat zij moet terugbetalen. De vordering van USD 500,00 zal daarom worden toegewezen.

Ten aanzien van de vordering tot terugbetaling van de opleidingskosten geldt het volgende. Het gaat kennelijk om een door de werkgever verplichte cursus en er is door de werkgever geen schriftelijk studiekostenbeding in de arbeidsovereenkomst opgenomen. Op grond van vaste jurisprudentie staat dit in de weg aan een verplichting tot terugbetaling. Voor zover Pure Essence stelt dat een en ander mondeling is overeengekomen, geldt dat dit door [persoon] wordt betwist en dat Pure Essence geen bewijs van haar stelling heeft aangeboden. Deze vordering wordt daarom afgewezen.

De gevorderde terugbetaling van loon wordt afgewezen. De grondslag waarop dit wordt gevorderd, is onvoldoende onderbouwd. Het enkele feit dat een aanvraag om ziekengeld door SZW is afgewezen, is onvoldoende.

De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten van USD 210,00 worden toegewezen. Voldoende gebleken is dat incassokosten zijn gemaakt. [persoon] had deze kosten kunnen voorkomen door vrijwillig de lening terug te betalen.

Met betrekking tot de proceskosten overweegt de rechter als volgt. Doordat [persoon] niet vrijwillig haar lening wilde terugbetalen, was Pure Essence genoodzaakt de procedure voor een bevel tot betaling te starten. Het door haar betaalde griffierecht van USD 56,00 moet daarom door [persoon] worden vergoed. Ook de nakosten van USD 224,00 moet [persoon] vergoeden, omdat Pure Essence dit bevel moest executeren. Om dezelfde reden zijn ook de beslagkosten toewijsbaar; [persoon] moet ook deze kosten, die begroot worden op USD 424,00 vergoeden. Voor wat betreft het salaris van de gemachtigde geldt dat partijen inhoudelijk over en weer in het gelijk en het ongelijk zijn gesteld. Wel heeft [persoon] – door niet te verschijnen in de eerste procedure – de verzetprocedure nodig gemaakt. De salariskosten van de gemachtigde van Pure Essence in de verzetprocedure, die worden begroot op USD 140,00, moeten daarom door [persoon] worden vergoed. Voor het overige zullen de proceskosten worden gecompenseerd.

Het verzoek tot schorsing van de executie zal worden afgewezen, nu [persoon] bij dit vonnis wordt veroordeeld tot betaling van een geldbedrag.

persoon] zal gelet op het door haar overgelegde formulier kosteloze rechtsbijstand worden toegelaten om kosteloos te procederen.

3. De beslissing

Het Gerecht:

verleent [persoon] toelating om kosteloos te procederen;

verklaart [persoon] ontvankelijk in haar verzet;

verklaart het bevel deels gegrond;

vernietigt het op 19 augustus 2026 onder nummer BON202600257 uitgevaardigde bevel tot betaling;

veroordeelt [persoon] tot betaling aan Pure Essence van een bedrag van USD 710,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over USD 500,00 vanaf 12 februari 2026 tot aan de dag der betaling;

veroordeelt [persoon] in de proceskosten, aan de zijde van Pure Essence begroot op USD 844,00;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders verzochte – waaronder het verzoek tot schorsing van de tenuitvoerlegging - af.

Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat op 2 oktober 2026 door de rechter en de griffier is opgemaakt en – bij afwezigheid van de griffier – uitsluitend door de rechter is ondertekend.

De rechter

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand