ECLI:NL:OGEAC:2022:378

ECLI:NL:OGEAC:2022:378

Instantie Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Datum uitspraak 06-05-2022
Datum publicatie 10-06-2026
Zaaknummer 555.00184/21
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig

Samenvatting

Curaçao. Autocriminaliteit. Omkatten auto's.

Uitspraak

Parketnummer: 555.00184/21

Uitspraak: 6 mei 2022 Verstek

Vonnis van dit Gerecht in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] 1991 in [geboorteplaats],

wonende op het adres [adres 1] in [woonplaats].

Onderzoek van de zaak

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzittingen van

1 april 2022 (inhoudelijke behandeling) en 6 mei 2022 (sluiting).

Het Gerecht heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie

mr. B.C. Niks en van hetgeen door mr. A.N. Sulvaran, raadsvrouw van de verdachte, naar voren is gebracht.

De officier van justitie heeft voorts zijn voornemen kenbaar gemaakt een vordering als bedoeld in artikel 1:77 Wetboek van strafrecht aanhangig te maken.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is – na wijziging van de tenlastelegging – ten laste gelegd:

Feit 1

dat hij in de periode van 27 januari 2021 tot en met 15 september 2021 te Curaçao, tezamen en in vereniging met anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk een of meerdere VIN (Voertuig Identificatie Nummer) sticker(s) en/of kentekenplaten en/of belastingstickers (elk) zijnde geschrift(en) die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt of vervalst (telkens) met het oogmerk om het/ze als echt en onvervalst te gebruiken en/of door (een) ander(en) te doen gebruiken, immers heeft verdachte valselijk wederrechtelijk VIN stickers en/of kentekenplaten en/of belastingstickers vanaf zijn huisadres middels een stickerprinter, althans een machine, vervaardigd;

Feit 2

dat hij op of omstreeks 15 september 2021 te Curaçao, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

 een auto van het merk Hyundai [model 1] voorzien van kentekenplaat [kentekennummer 1]

heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van boven omschreven goed(eren) wist of begreep, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof.

Feit 3

hij in of omstreeks de periode van 20 februari 2020 tot en met 5 oktober 2021 te Curaçao, tezamen en in vereniging met een ander, althans alleen, van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt, althans heeft witgewassen, immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) van een of meer voorwerp(en), te weten

de werkelijke aard, de herkomst en de vindplaats verhuld/verborgen, althans verhuld/verborgen wie de rechthebbende op die voorwerpen waren, of wie die voorwerpen voorhanden had, immers hebben hij, verdachte, en/of zijn mededader(s),

althans heeft hij, verdachte en/of zijn mededader(s) van voornoemde voertuigen de voertuigidentificatienummers (VIN) en/of de motornummers en/of kentekenplaten (het zogenoemde omkatten) gewijzigd en/of laten wijzigen en aldus de voertuigidentiteit gewijzigd en/of laten wijzigen en/of voornoemde voertuigen op naam gezet of laten zetten van iemand anders dan verdachte(n), terwijl hij wist of begreep, althans redelijkerwijs moest vermoeden, dat voormelde voorwerpen -onmiddellijk of middellijk- afkomstig was uit enig misdrijf

althans indien het voorgaande niet tot een veroordeling zou of mocht kunnen leiden,

[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] in of omstreeks de periode van 20 februari 2020 tot en met 5 oktober 2021 te Curaçao, tezamen en in vereniging met een ander, althans alleen, van het plegen van witwassen een gewoonte heft gemaakt, althans heeft witgewassen, immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) van een of meer voorwerp(en), te weten

de werkelijke aard, de herkomst en de vindplaats verhuld/verborgen, althans verhuld/verborgen wie de rechthebbende op die voorwerpen waren, of wie die voorwerpen voorhanden had, immers hebben hij, verdachte, en/of zijn mededader(s),

- Het kenteken van de Hyundai [model 3] gewijzigd van [kentekennummer 3] in [kentekennummer 7] en het VIN gewijzigd en

dit voertuig op naam gezet van [betrokkene 1] en/of

- Het kenteken van de Toyota [model 4] gewijzigd van [kentekennummer 4] in [kentekennummer 8] en het VIN gewijzigd in [VIN-nummer]

en/of

- Het kenteken van de Hyundai [model 5] gewijzigd van [kentekennummer 5] in [kentekennummer 9] en het VIN-nummer van

[VIN-nummer] in [VIN-nummer]

althans heeft hij, verdachte en/of zijn mededader(s) van voornoemde voertuigen de voertuigidentificatienummers (VIN) en/of de motornummers en/of kentekenplaten (het zogenoemde omkatten) gewijzigd en/of laten wijzigen en aldus de voertuigidentiteit gewijzigd en/of laten wijzigen en/of voornoemde voertuigen op naam gezet of laten zetten van iemand anders dan verdachte(n), terwijl hij wist of begreep, althans redelijkerwijs moest vermoeden, dat voormelde voorwerpen -onmiddellijk of middellijk- afkomstig was uit enig misdrijf

tot het plegen van welk misdrijf verdachte in of omstreeks de periode van 20 februari 2020 tot en met 5 oktober 2021 te Curaçao, (telkens) opzettelijk behulpzaam is geweest en/of gelegenheid en/of middelen heeft verschaft, door aan die [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2], (valse) VIN-stickers en/of chassisnummers en/of kentekenplaten mee te geven en/of te verkopen en/of ter beschikking te stellen.

Feit 4

op of omstreeks 27 augustus 2021, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen,

 een witgelakte auto en/of onderdelen van het merk Hyundai [model 1]voorzien van kentekenplaat [kentekenplaatnummer 6]

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [autobedrijf 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking, en/of door inklimming en/of door middel van een valse sleutel.

althans indien het voorgaande niet tot een veroordeling zou of mocht kunnen leiden,

subsidiair:

dat hij in de periode van 27 augustus 2021 tot en met 15 september 2021 te Curaçao, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

 een witgelakte auto en/of onderdelen van het merk Hyundai [model 1] voorzien van kentekenplaat [kentekenplaatnummer 6]

heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van boven omschreven goed(eren) wist of begreep, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof.

Feit 5

dat in de periode van 7 september 2021 tot en met 8 september 2021, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen,

 een grijsgelakte auto en/of onderdelen van het merk Kia [model 6] voorzien van kentekenplaat [kentekenplaatnummer 12]

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [autobedrijf 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking, en/of door inklimming en/of door middel van een valse sleutel.

althans indien het voorgaande niet tot een veroordeling zou of mocht kunnen leiden,

dat een of meer medeverdachten op of omstreeks 7 september 2021 te Curaçao tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen,

- een grijsgelakte auto en/of onderdelen van het merk Kia [model 6] voorzien van kentekenplaat [kentekenplaatnummer 12]

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [autobedrijf 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking, en/of door inklimming en/of door middel van een valse sleutel.

tot het plegen van well misdrijf verdachte op of omstreeks 7 september 2021 te Curaçao opzettelijk middelen heeft verschaft door opzettelijk zijn mededaders een auto en/of een vals kenteken ([kentekenplaatnummer 1]) te verschaffen voor het vervoer naar de plaats des misdrijfs.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het Gerecht deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

(Partiële) Vrijspraak

Met de officier van justitie is het Gerecht van oordeel dat het dossier geen aanwijzingen bevat om tot een bewezenverklaring te komen ten aanzien van de onder feit 4 primair tenlastegelegde (medeplegen van) diefstal van een Hyundai [model 1] met kenteken [kentekenplaatnummer 6]. Het Gerecht zal de verdachte in zoverre dan ook vrijspreken.

Met de officier van justitie en de raadsvrouw van de verdachte is het Gerecht eveneens van oordeel dat het dossier geen aanwijzingen bevat om tot een bewezenverklaring te komen ten aanzien van feit 5. Het Gerecht zal de verdachte ook hiervan vrijspreken.

Overwegingen ten aanzien van het bewijs

Met betrekking tot feit 2

Het Gerecht leidt uit de stukken in het dossier het volgende af.

Op 15 september 2021 is bij de woning van de verdachte een grijze Hyundai [model 1] met een vervalste kentekenplaat [kentekenplaatnummer 1] in beslag genomen. Uit onderzoek is gebleken dat deze auto is omgekat. Zo was in het rechter voorportier een vervalste – dat wil zeggen een niet fabrieksmatig aangebrachte – VIN-sticker aangebracht en bleek het VIN-nummer te horen bij de op 15 augustus 2021 gestolen grijze Hyundai [model 1] met kenteken [kentekenplaatnummer 13] (en dus niet bij het kenteken [kentekenplaatnummer 1]).

Nu deze auto bij de woning van de verdachte is aangetroffen en de verdachte ook met deze auto is gezien, kan worden bewezen dat hij deze voorhanden heeft gehad. De verdachte heeft niet kunnen of willen verklaren hoe hij aan deze auto is gekomen, anders dan zijn niet onderbouwde stelling dat de auto niet van hem is. Als de verdachte al niet zelf verantwoordelijk is voor het omkatten van de auto, zal hem toch in ieder geval als “expert” in het maken van valse VIN-stickers direct duidelijk zijn geweest dat de auto een vervalste VIN-sticker had. Gelet op al deze feiten en omstandigheden acht het Gerecht de opzetheling ten aanzien van deze auto bewezen.

Ten aanzien van feit 3

De officier van justitie heeft vrijspraak gevorderd van het onder 3 primair tenlastegelegde (medeplegen van) (gewoon)witwassen van de in de tenlastelegging genoemde auto’s. Het Gerecht is dit met de officier van justitie eens ten aanzien van de navolgende auto’s:

Ten aanzien van de Hyundai [model 5] met kenteken [kentekenplaatnummer 5] komt het Gerecht

– anders dan door de officier van justitie gevorderd – wel tot een veroordeling voor het primaire tenlastegelegde.

Uit de bewijsmiddelen kan immers worden afgeleid dat verdachtes rol veel meer heeft ingehouden dan alleen het vervaardigen van een vals VIN-nummer. Op

5 oktober 2021 is een grijze Hyundai [model 5] met het kenteken [kentekenplaatnummer 9] (op naam van [medeverdachte 2]) in beslag genomen. Medeverdachte [medeverdachte 2] heeft in dit verband verklaard dat de verdachte hem heeft benaderd om een keuringskaart, contactslot en een chassisnummer (van een schadeauto) te kopen. [medeverdachte 2] is op het aanbod ingegaan en heeft het chassisnummer zelf uit het wrak op het erf van de verdachte gesneden. De verdachte was daarvan op de hoogte. Volgens [medeverdachte 2] heeft de verdachte ook een auto voor hem geregeld. De verdachte heeft hem op een gegeven moment opgebeld met de mededeling dat hij de auto, daarbij doelend op de gestolen auto met het kenteken [kentekenplaatnummer 5], kon komen ophalen. Het Gerecht heeft geen reden te twijfelen aan de betrouwbaarheid van hetgeen [medeverdachte 2] heeft verklaard, omdat hij vrijwel direct openheid van zaken heeft gegeven en hij met zijn verklaring ook zichzelf heeft belast.

Deze bijdrage van de verdachte aan het omkatten van de gestolen auto is van een zodanig significante betekenis dat de verdachte als medepleger (aan het witwassen van deze auto) kan worden gekwalificeerd.

Nu de verdachte ten aanzien van de Toyota [model 4] met kenteken [kentekenplaatnummer 4] en de Hyundai [model 3] met kenteken [kentekenplaatnummer 3] van het primair tenlastegelegde wordt vrijgesproken, komt het Gerecht in zoverre aan de beoordeling van het onder

3 subsidiairtenlastegelegde ten aanzien van deze auto’s toe.

Ten aanzien van de Toyota [model 4] met kenteken [kentekenplaatnummer 4] zal de verdachte ook van het subsidiair tenlastegelegde worden vrijgesproken. Het dossier bevat onvoldoende aanwijzingen dat de verdachte ten behoeve van het omkatten van deze auto handelingen heeft verricht. Het enkele feit dat in die auto een vals VIN-nummer is aangetroffen en dat de verdachte – ook volgens zijn eigen verklaring – valse VIN-stickers heeft vervaardigd, is daarvoor onvoldoende.

Ten aanzien van de Hyundai [model 3] met kenteken [kentekenplaatnummer 3] staat vast dat de verdachte en medeverdachte [medeverdachte 1] op 28 januari 2021 een gesprek hebben gevoerd over – naar het Gerecht begrijpt – het vervaardigen van (een) VIN-nummer(s), waarbij het kenteken [kentekenplaatnummer 7] wordt genoemd. De inhoud van dit gesprek laat naar het oordeel van het Gerecht geen andere conclusie toe dan dat de verdachte voor de auto met het kenteken [kentekenplaatnummer 7] een valse VIN-sticker heeft vervaardigd. Een andere zienswijze is door de verdachte ook niet gegeven. Die bijdrage is niet van voldoende betekenis om van een voor medeplegen (aan het witwassen) vereiste nauwe en bewuste samenwerking te kunnen spreken, zoals primair tenlastegelegd.

Deze bijdrage volstaat wel voor een bewezenverklaring voor de subsidiair tenlastegelegde medeplichtigheid aan het witwassen van deze auto door [medeverdachte 1].

Met betrekking tot feit 4 subsidiair

Op 15 september 2021 is op het erf van de verdachte voorts een wrak aangetroffen met het kenteken [kentekenplaatnummer 11], zijnde de beschadigde auto van de [bedrijf 1] (feit 4). Het VIN-nummer was uit het casco weggesneden. Gebleken is dat [betrokkene 2] in de maand september 2021 een Hyundai [model 1] van de verdachte heeft gekocht. Die auto was voorzien van het kenteken [kentekenplaatnummer 11], zijnde het kenteken horend bij het wrak op het erf van de verdachte. De sticker in de portierstijl van deze auto bleek vervalst (niet fabrieksmatig aangebracht). Blijkens het nummer op het motorblok

(G4HGEM829358) was deze motor afkomstig van de op 27 augustus 2021 gestolen witte Hyundai [model 1] met kenteken [kentekenplaatnummer 10].

Geconcludeerd kan worden dat de verdachte een (gestolen) auto (met aanvankelijk het kenteken [kentekenplaatnummer 6]) heeft verkocht aan [betrokkene 2], terwijl deze auto was voorzien van het kenteken en het VIN-nummer van een op het terrein van de verdachte aangetroffen auto(wrak). De verdachte heeft geen enkele verklaring over deze feiten en omstandigheden afgelegd. Dit samenstel van bevindingen laat geen andere conclusie toe dan dat de verdachte een gestolen auto heeft omgekat of laten omkatten om deze weer door te verkopen. Ook de opzetheling ten aanzien van deze auto kan daarom bewezen worden.

Bewezenverklaring

Het Gerecht acht wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan de verdachte onder 1, 2, 3 en 4 subsidiair is ten laste gelegd, met dien verstande dat:

Feit 1

hij in de periode van 27 januari 2021 tot en met 15 september 2021 te Curaçao, meermalen telkens opzettelijk VIN-stickers, zijnde geschriften die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt of vervalst, telkens met het oogmerk om ze als echt en onvervalst door (een) ander(en) te doen gebruiken, immers heeft verdachte valselijk wederrechtelijk VIN-stickers vervaardigd;

Feit 2

hij op 15 september 2021 te Curaçao een auto van het merk Hyundai [model 1] voorzien van kentekenplaat [kentekenplaatnummer 1] voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van boven omschreven goed wist of begreep dat het een door misdrijf verkregen goed betrof.

Feit 3 primair

hij in de periode van 20 februari 2020 tot en met 5 oktober 2021 te Curaçao tezamen en in vereniging met een ander heeft witgewassen, immers hebben verdachte en zijn mededader van een voorwerp, te weten een Hyundai [model 5] met kenteken [kentekenplaatnummer 5] de werkelijke herkomst verhuld en/of verborgen wie de rechthebbende op dat voorwerp was, immers hebben hij, verdachte, en zijn mededader, het kenteken van de Hyundai [model 5] gewijzigd van [kentekenplaatnummer 5] in kentekenplaatnummer 9] en het VIN-nummer van [VIN-nummer] in [VIN-nummer],

terwijl hij wist of begreep dat voormelde voorwerp onmiddellijk of middellijk afkomstig was uit enig misdrijf

en feit 3 subsidiair (nu verdachte ten aanzien van de Hyundai [model 3] [kentekenplaatnummer3] van het primair tenlastegelegde wordt vrijgesproken, komt het Gerecht toe aan de beoordeling van het subsidiair tenlastegelegde ten aanzien van deze auto)

[medeverdachte 1] in de periode van 20 februari 2020 tot en met 5 oktober 2021 te Curaçao heeft witgewassen, immers heeft zijn mededader ([medeverdachte 1]) van een voorwerp, te weten een Hyundai [model 3] [kentekenplaatnummer 3] de werkelijke herkomst verhuld en/of verborgen wie de rechthebbende op dat voorwerp was,

immers heeft [medeverdachte 1] het kenteken van de Hyundai [model 3] gewijzigd van [kentekenplaatnummer 3] in kentekenplaatnummer 7] en het VIN gewijzigd en dit voertuig op naam gezet van [betrokkene 1], terwijl hij wist dat voormelde voorwerp -onmiddellijk of middellijk- afkomstig was uit enig misdrijf,

tot het plegen van welk misdrijf verdachte in de periode van 20 februari 2020 tot en met 5 oktober 2021 te Curaçao opzettelijk behulpzaam is geweest en middelen heeft verschaft door aan die [medeverdachte 1] een valse VIN-sticker te verkopen.

Feit 4 subsidiair:

hij in de periode van 27 augustus 2021 tot en met 15 september 2021 te Curaçao, een witgelakte auto en/of onderdelen van het merk Hyundai [model 1] voorzien van kentekenplaat [kentekenplaatnummer 10] heeft verworven en voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven en het voorhanden krijgen van boven omschreven goed wist of begreep dat het een door misdrijf verkregen goed betrof.

Hetgeen onder 1, 2, 3 primair en subsidiair en 4 subsidiair meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

Het Gerecht grondt zijn overtuiging dat de verdachte het onder 1, 2, 3 primair en subsidiair en 4 subsidiair bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat. Deze zijn opgenomen in het vonnis.

Bewijsmiddelen

Ten aanzien van alle feiten, en in het bijzonder ook feit 1

1. Een proces-verbaal van verhoor van 15 september 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 1] (pagina 259 e.v.). Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 15 september 2021 tegenover verbalisant afgelegde verklaring van verdachte:

Ik word [bijnaam] genoemd.

2. Een proces-verbaal van bevindingen van 8 september 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 1](pagina 79 e.v.). Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Op 21 april 2021 is een witte personenauto, merk Hyundai, model [model 3], met kenteken [kentekenplaatnummer 7] in beslag genomen. Gedurende het onderzoek is [medeverdachte 1] als verdachte aangemerkt, waarna een onderzoek [medeverdachte 1] is gestart. Gedurende dit onderzoek is een mobiele telefoon (iPhone Se) met aansluitnummer [aansluitnummer] in beslag genomen. De mobiele telefoon is uitgelezen.

Gesprek tussen [bijnaam]-sticker en [medeverdachte 1] van 27 januari 2021

[medeverdachte 1]: Weet je van sticker dat je plaats op de voorruit. Hoeveel vraag je om de sticker te maken.

[bijnaam]-sticker: ja, van welk jaar?

[bijnaam]-sticker: de ene in de zijkant van de portier ook?

[medeverdachte 1]: nee alleen die van voorruit.

[bijnaam]-sticker: Ok, het is goed mogelijk.

[bijnaam]-sticker: Met mijn materiaal doe ik het voor NAf 75,-.

[medeverdachte 1]: Dus NAf 75,-.

[bijnaam]-sticker: Ja

[bijnaam]-sticker: Stuur me het nummer en laat me weten voor wanneer.

[bijnaam]-sticker: De Kia is voorzien van achtergrondlogo? Hoe is die?

[medeverdachte 1]: Nee de achterkant is leeg.

[bijnaam]-sticker: Is goed.

[bijnaam]-sticker: Stuur het nummer voor mij.

[medeverdachte 1]: [nummer].

[bijnaam]-sticker: Ik ben “Pa Bou, straks wanneer ik thuis ben, laat ik je weten zodat je die kunt komen halen.

3. Een proces-verbaal van bevindingen van 8 september 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 1] (pagina 76 e.v.). Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Op 21 april 2021 is een witte personenauto, model [model 3], met kenteken [kentekenplaatnummer 7] in beslag genomen. [medeverdachte 1] is in die zaak als verdachte aangemerkt. Gedurende het onderzoek naar [medeverdachte 1] is een mobiele telefoon (iPhone Se) met aansluitnummer [aansluitnummer] in beslag genomen. De mobiele telefoon is uitgelezen.

Gesprek tussen [bijnaam]-sticker en [medeverdachte 1] van 28 januari 2021

[bijnaam]-sticker: Hoe is het ik niets van jou lang niet gehoord, hoe gaat het met de klussen.

[medeverdachte 1]: Hey man, de klussen zijn rustig ik heb lang niet meer dingen gekocht.

[bijnaam]-sticker stuurt een foto die is verwijderd, en daardoor niet meer is te zien.

[bijnaam]-sticker: de ene in de zijkant van de portier ook?

[medeverdachte 1]: Zet eentje op je status zodra je klaar bent.

[medeverdachte 1] stuurt een foto die is verwijderd, en daardoor niet meer is te zien.

[bijnaam]-sticker stuurt een foto die is verwijderd, en daardoor niet meer is te zien.

[medeverdachte 1]: Zet [medeverdachte 1] Car Rental Rood zelf zoals de [model 3].

[bijnaam]-sticker stuurt een foto die is verwijderd, en daardoor niet meer is te zien.

[medeverdachte 1]: [kentekenplaatnummer 7].

4. Een proces-verbaal van zoeking adres: [adres 1] van 16 september 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 2] (pagina 240 e.v.). Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Tijdens de zoeking werd de navolgende goederen in beslag genomen:

5. Een proces-verbaal van verhoor van 9 oktober 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 1] (pagina 300 e.v.). Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 9 oktober 2021 tegenover verbalisant afgelegde verklaring van verdachte:

Aan de verdachte wordt een foto getoond van een VIN-sticker die tijdens de huiszoeking (op het adres [adres 1]) in de in beslag genomen Hyundai [model 3] met kenteken [kentekenplaatnummer 1] is aangetroffen.

A: Ik maak weleens soortgelijke stickers. Mensen vragen mij inderdaad om soortgelijke stickers. Ik kan me niet herinneren hoe vaak ik dit heb gedaan.

En ten aanzien van feit 2

6. Een proces-verbaal van aangifte van 16 augustus 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 3] (pagina 145 e.v.). Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 16 augustus 2021 tegenover verbalisant afgelegde verklaring van [betrokkene 3]:

Op 15 augustus 2021 omstreeks 20:00 uur heb ik mijn huurauto geparkeerd op de parkeerplaats Botika Juliana. Het betreft een grijze auto van het merk Hyundai model [model 3] met het kenteken [kentekenplaatnummer 13], bouwjaar 2015, voorzien van chassisnummer [chassisnummer]. Omstreeks 23:00 uur bemerkte ik dat de auto daar niet meer stond geparkeerd.

Aangeefster toont de keuringskaart, waaruit blijkt dat de auto op naam staat van [autobedrijf 2]. (pagina 149).

7. Een proces-verbaal van bevindingen van 23 september 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 4] (pagina 151 e.v.). Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Op 15 september 2021 is de verdachte aangehouden op het adres [adres 1]. Tijdens de huiszoeking werden in beslag genomen: een grijze Hyundai [model 1] met kenteken [kentekenplaatnummer 1] en een wit (gedeeltelijk) casco van het merk Hyundai [model 3]. Van de grijze auto was ter plaatse duidelijk te zien dat er een vervalste VIN-nummersticker op de doorsnede van de rechterportier was aangebracht. Deze sticker is niet fabrieksmatig aangebracht, maar betreft een sticker die uit een ander voertuig is verwijderd.

Op 20 september 2021 werd onderzoek ingesteld aan de grijze auto. Het VIN-nummer bleek te zijn: [VIN-nummer]. In het kenteken bestand bleek dit VIN-nummer te horen bij een grijze Hyundai, model [model 3], jaar 2015 met kenteken [kentekenplaatnummer 13] op naam te staan van [autobedrijf 2].

De sticker met het VIN-nummer in de bestuurders portierstijl is niet fabrieksmatig aangebracht maar is een verwijderbare sticker.

Bij intensiever onderzoek bleek dat de auto een valse bodem met het originele VIN-nummer te hebben. De valse bodem, afkomstig uit een personenauto met het kenteken [kentekenplaatnummer 14], is in de gestolen auto met kenteken [kentekenplaatnummer 13] geplaatst. Er is crèmekleurige pasta op het laswerk aangebracht.

Uit het bestand van Forensys is gebleken dat de auto met kenteken [kentekenplaatnummer 14] op

9 februari 2021 bij een ongeluk betrokken was, waarbij deze auto zwaar beschadigd raakte.

8. Een proces-verbaal van verhoor 18 september 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 1] (pagina 160 e.v.). Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 18 september 2021 tegenover verbalisant afgelegde verklaring van [betrokkene 4]:

De auto met kenteken [kentekenplaatnummer 14] heb ik in het jaar 2020 gekocht. In februari 2021 heeft mijn nicht een aanrijding gehad met mijn auto. De auto was niet meer te repareren. In september 2021 heb ik de grijze auto aan een onbekende man verkocht. Die man heeft deze auto gekocht voor de onderdelen.

9. Een proces-verbaal van verhoor van 9 oktober 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 1] (pagina 300 e.v.). Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 9 oktober 2021 tegenover verbalisant afgelegde verklaring van verdachte:

V: Wat kunt u vertellen over de op uw erf inbeslaggenomen Hyundai model [model 1] met kenteken [kentekenplaatnummer 1].

U houdt mij voor dat mijn moeder [moeder van de verdachte] op 15 september 2021 heeft verklaard: “Ik heb mijn zoon met voornoemde auto gezien”.

A: Dat berust op de waarheid. Die auto stond inderdaad naast mijn woning in aanbouw.

Aan de verdachte wordt een foto getoond van een VIN-sticker die tijdens de huiszoeking (op het adres [adres 1]) in de in beslag genomen Hyundai [model 1] met kenteken [kentekenplaatnummer 1] is aangetroffen.

A: Ik maak weleens soortgelijke stickers. Mensen vragen mij inderdaad om soortgelijke stickers. Ik kan me niet herinneren hoe vaak ik dit heb gedaan.

En ten aanzien van feit 3

Hyundai [model 3] met kenteken [kentekenplaatnummer 3]

10. Een proces-verbaal van aangifte van 5 maart 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 5] (pagina 55 e.v.). Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 5 maart 2020 tegenover verbalisant afgelegde verklaring van [betrokkene 5]:

Op 4 maart 2021 omstreeks 19.30 uur parkeerde ik mijn personenauto, een witgelakte Hyundai [model 3], bouwjaar 2012, met kenteken [kentekenplaatnummer 3] op het erf van mijn woning te [adres 2]. Op 5 maart 2021 omstreeks 07.00 uur werd ik door mijn dienstmeisje gebeld. Zij had het hek open aangetroffen en zei dat het motorrijtuig niet buiten stond geparkeerd. Er lagen gebroken glasdeeltjes. Ik besefte dat het motorrijtuig was weggenomen.

11. Een proces-verbaal van bevindingen van 13 mei 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 6] (pagina 62e.v.). Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Op 21 april 2021 is een witte personenauto merk Hyundai [model 3] met kenteken [KENTEKENPLAATNUMMER 7] onbeheerd aangetroffen. De auto is voor verder onderzoek in beslag genomen. Het voertuig is voorzien van een sunroof. In het kentekenbestand bleek dit voertuig op een blauwe Hyundai [model 3], op naam van [betrokkene 6] geregistreerd te zijn. Uit onderzoek bij Forensys bleek dat het laatste ongeval waarbij het voertuig met kenteken [KENTEKENPLAATNUMMER 7] betrokken was dateert van 26 september 2019. Uit de motorrijtuigenkeuringskaart blijkt dat de Hyundai [model 3] met kenteken [KENTEKENPLAATNUMMER 7] toen op naam stond van [betrokkene 7]. Op 12 april 2021 heeft verbalisant contact opgenomen met [betrokkene 7]. Zij verklaarde de eigenaar geweest te zijn van een blauwe Hyundai [model 3], die zij heeft verkocht aan [betrokkene 6]. Zij verklaarde dat haar auto niet van een sunroof was voorzien.

Op 12 april 2021 werd een intensiever onderzoek verricht aan de auto met kenteken [KENTEKENPLAATNUMMER 7]. Bij onderzoek aan de balk onder de rechter voorzitting, die het gegraveerde VIN-nummer bevat, bleek dat deze niet van fabrieksmatig puntlaswerk is voorzien. De bestuurderszijde was wel van het originele puntlaswerk voorzien. Dit voertuig is voorzien van een fabrieksmatig geproduceerde sunroof. Dit voertuig was origineel witgelakt. De sticker met het VIN-nummer in de bestuurders portierstijl is niet fabrieksmatig aangebracht, maar betreft een verwijderbare sticker. Verbalisant constateerde bodyfiller bij de balk met het ingeslagen VIN-nummer. Het voertuig heeft een defect aan het startmechanisme.

Op 13 mei 2021 is het voertuig aan [betrokkene 5] getoond. Zij verklaarde: “Mijn auto had een defect met het bestuurders portierraam. Bij het hijsen van het raam ontspoorde deze zodanig dat het raam aan de voorzijde ongeveer 1 cm open bleef staan. De motieven van de voorste en achterste zittingen zijn niet hetzelfde daar ik de voorste zittingen opnieuw heb laten overtrekken. Onbevoegden hebben de binnen voering van de vier portieren verwisseld.”

Verbalisant constateerde dat bestuurders portier raam een defect had, dat de motieven van de voorste en achterste zittingen verschillend waren en dat de binnen voering van de portieren niet hetzelfde was als die van de zittingen.

Sinds de inbeslagname van dit voertuig deed [medeverdachte 1] navraag naar de door hem verhuurde personenauto. Hij liet zijn telefoonnummer [telefoonnummer 1] achter.

12. Een proces-verbaal van verhoor van 22 mei 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaren [opsporingsambtenaar 1] en [opsporingsambtenaar 6] (pagina 84 e.v.). Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 22 mei 2021 tegenover verbalisanten afgelegde verklaring van [medeverdachte 1]:

Ik ben de eigenaar van de auto met kenteken [KENTEKENPLAATNUMMER 7]. De auto is geregistreerd op naam van [betrokkene 1].

Hyundai [model 5] met kenteken [kentekenplaatnummer 5]

13. Een proces-verbaal van aangifte van 20 februari 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 7] (pagina 185 e.v.). Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 20 februari 2020 tegenover verbalisant afgelegde verklaring van [betrokkene 8]:

Ik ben eigenaar van autobedrijf [autobedrijf 3] Op 10 februari 2020 heb ik mijn grijze personenauto van het merk Hyundai, model [model 5], kenteken [kentekenplaatnummer 5], bouwjaar 2017, met chassisnummer [chassisnummer] verhuurd aan

[betrokkene 9]. Op 20 februari 2020 stelde Cadeau mij op de hoogte dat hij de auto op 19 februari 2020 omstreeks 23:00 uur op de Margrietlaan/Regentesselaan heeft geparkeerd en dat de auto daar niet meer stond toen hij omstreeks 02.30 uur daar terugkeerde.

14. Een proces-verbaal van bevindingen van 7 oktober 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaren [opsporingsambtenaar 6] en [opsporingsambtenaar 4] (pagina 190 e.v.), alsmede een proces-verbaal van correctie van 31 maart 2022, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 6]. Deze processen-verbaal houden in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisanten of één of meer van hen:

Op 15 september 2021 is tijdens een huiszoeking op het adres [adres 1] een boordcomputer van een personenauto van het merk Hyundai in beslag genomen. Uit onderzoek is gebleken dat het VIN-nummer bij deze boordcomputer is [VIN-nummer].

Dit VIN-nummer bleek bij controle in het kentekenbestand te horen bij een grijze personenauto van het merk Hyundai, model [model 5], kenteken [kentekenplaatnummer 9]. Dit voertuig stond op naam van [medeverdachte 2], wonend op het adres [adres 3].

Bij het raadplegen van Forensys bleek dat deze personenauto op 24 mei 2019 omstreeks 03.39 uur op de Snipweg betrokken was bij een aanrijding, waarbij deze auto zwaar beschadigd was (total loss) na een botsing tegen een muur. Het wrak was niet meer te repareren. Gebleken is dat de auto ten tijde van de aanrijding eigendom was van [autobedrijf 4] ([autobedrijf 4]). Uit navraag bij [autobedrijf 4] bleek dat het wrak met kenteken [kentekenplaatnummer 9] op

23 september 2019 aan [betrokkene 10] is verkocht.

Uit de historische lijst van het Keuringslokaal blijkt dat dit voertuig door [betrokkene 10] werd doorverkocht aan [betrokkene 11] en dat het voertuig op

17 januari 2020 op naam van [medeverdachte 2] is overgeschreven en tot op heden op haar naam staat. De auto is op 5 oktober 2020 in het belang van het onderzoek in beslag genomen.

De personenauto is voor onderzoek naar Crown Automotive gebracht voor het uitlezen van de boordcomputer. Bij het uitlezen bleek het VIN-nummer te zijn (naar het Gerecht is gebleken) [VIN-nummer].

Nadere overweging van het Gerecht

Het Gerecht heeft geconstateerd dat in het proces-verbaal van bevindingen hier als VIN nummer is vermeld [VIN-nummer]. Blijkens het proces-verbaal van correctie van 31 maart 2022, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 6] blijkt dat dit onjuist is en dat het juiste VIN-nummer is [VIN-nummer].

Conclusie

Een deel van de balk met het VIN-nummer van de auto met kenteken [kentekenplaatnummer 9] is uitgesneden en op de balk met het VIN-nummer van de auto met [KENTEKENPLAATNUMMER 5] gemonteerd door middel van solderen en afwerken met bodyfiller.

Het dashboard van de auto met kenteken A12-53 is uit het wrak verwijderd en in de auto met kenteken [KENTEKENPLAATNUMMER 5] gebouwd. De sticker in het bestuurdersportier werd eveneens vervalst.

15. Een proces-verbaal van verhoor van 23 november 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 1] (pagina 224 e.v.). Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 23 november 2021 tegenover verbalisant afgelegde verklaring van [medeverdachte 1]:

Ik ben door [bijnaam] benaderd. Hij zei dat hij een keuringskaart van een auto te koop had. Ik heb hem een bedrag van NAf 3.000,- voor de keuringskaart gegeven. Op een dag belde hij me op om de auto bij zijn woning te komen halen. Ik bedoel voornoemde gestolen auto (het Gerecht begrijpt: de Hyundai [model 1] met kenteken [kentekenplaatnummer 5]).

V: Op het moment dat je de keuringskaart bij [bijnaam] kocht, heeft hij toen gezegd dat hij een auto gaat regelen zodat je het chassis kan omkatten en het chassis dat op de keuringskaart vermeld staat kunt gebruiken?

A: Ja, hij zei dat hij zelf op zoek zou gaan naar een auto voor mij.

V: Hoe ben je aan het chassis met nummer [chassisnummer] gekomen?

A: Ik heb dat chassis van [bijnaam] gekregen.

V: In welke staat verkeerde de auto toen je hem bij [bijnaam] ging ophalen?

A: Volgens mij was een van de ruiten stuk.

U houdt mij voor dat [bijnaam] (het Gerecht begrijpt: de verdachte) op 8 oktober 2021 op de vraag wat hij allemaal van de schadeauto aan [medeverdachte 2] heeft gegeven, antwoordt: de schriftelijke bescheiden, het contactslot van de hele auto en het chassisnummer.

A: Ik antwoord dat dit op waarheid berust.

U houdt mij voor dat [bijnaam] op de vraag wie het chassisnummer van de schadeauto heeft verwijderd heeft geantwoord: “[medeverdachte 1] zou langskomen om het chassisnummer van het carrosserie weg te halen”.

A: Ja, dat berust op de waarheid.

En ten aanzien van feit 4

16. Een proces-verbaal van aangifte van 28 augustus 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 3] (pagina 120 e.v.). Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 28 augustus 2021 tegenover verbalisant afgelegde verklaring van [betrokkene 12]:

Op 27 augustus 2021 omstreeks 11.30 uur heb ik de door mij gehuurde auto, toebehorend aan [autobedrijf 1], bij Mambo Beach geparkeerd. Dit betrof een witte Hyundai model [model 1] met kenteken [kentekenplaatnummer 10], bouwjaar 2014 en voorzien van chassisnummer [chassisnummer]. Omstreeks 23:15 uur zag ik dat de auto door onbevoegden was weggenomen. Op de grond lagen ruitscherven. Volgens de motorrijtuigenkeuringskaart is het motornummer [motornummer] (foto op pagina 123).

17. Een proces-verbaal van bevindingen van 26 september 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 6] (pagina 125 e.v.).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Op 10 september 2021 kwam een telefonische melding op het bureau binnen inhoudende dat een witte Hyundai [model 1] met het kenteken [kentekenplaatnummer 11] te koop wordt aangeboden en dat deze een vals VIN-nummer heeft.

Bij controle in het kentekenbestand bleek het voertuig met kenteken [KENTEKENPLAATNUMMER 11] op naam te staan van [bedrijf 1] en dat het betrof een witte Hyundai [model 1], modeljaar 2014 met VIN-nummer [VIN-nummer]. Personeel van de [bedrijf 1] vertelde mij dat deze auto op 16 april 2021 bij een aanrijding betrokken was geweest. Bij controle bij Forensys bleek dat de auto inderdaad op 16 april 2021 flinke schade had opgelopen aan de gehele linkerflank.

Het Gerecht constateert dat de achterruit van die auto was voorzien van een sticker met opschrift ‘cafe Barista’ (foto op pagina 127).

Uit de gegevens van het Keuringslokaal bleek dat de witte Hyundai [model 3] met kenteken [kentekenplaatnummer 15] (het gerecht begrijpt: [KENTEKENPLAATNUMMER 11]) op 8 september 2021 op naam van [betrokkene 2] is overgeschreven.

Op 15 september 2021 is in de woning van de verdachte op het adres [adres 1] binnengetreden. Op het erf werd onder andere het wrak, met op de motorkap een sticker met opschrift ‘Cafe Barista’, van de Hyundai [model 1] met kenteken [KENTEKENPLAATNUMMER 11] aangetroffen. Bij controle bleek dat het VIN-nummer uit het casco was weggesneden.

Op 22 september 2021 werd [betrokkene 2] met de witte Hyundai [model 1] met kenteken [KENTEKENPLAATNUMMER 11] op het bureau ontboden. Op 24 september 2021 is deze Hyundai i10 met kenteken [KENTEKENPLAATNUMMER 11] naar Crown Automotive gebracht voor onderzoek. De sticker in de bestuurders portierstijl bleek vals te zijn, omdat deze verwijderbaar is. Het nummer op het motorblok was G4HGEM829358. Uit de administratieve gegevens van Crown Automotive bleek dit nummer te horen bij een auto met VIN-nummer [VIN-nummer] en kenteken [KENTEKENPLAATNUMMER 10]. Het VIN-nummer bleek handmatig en onregelmatig te zijn gegraveerd. De letters en cijfers zijn niet fabrieksmatig ingeslagen.

18. Een proces-verbaal van verhoor van 22 september 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 1] (pagina 133 e.v.). Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 22 september 2021 tegenover verbalisant afgelegde verklaring van [betrokkene 2]:

Ik had de auto van het merk Hyundai [model 1] met kenteken [KENTEKENPLAATNUMMER 11] niet lang in mijn bezit gehad. Ik heb de auto in de maand september 2021 gekocht en ik heb hem twee dagen later weer verkocht. Ik heb de auto gekocht van een man genaamd [bijnaam]. De auto was niet beschadigd toen ik hem kocht.

Strafbaarheid en kwalificatie van het bewezen verklaarde

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezenverklaarde uitsluiten.

Het bewezenverklaarde wordt als volgt gekwalificeerd:

Ten aanzien van feit 1

valsheid in geschrifte

Ten aanzien van feit 2 en feit 4 subsidiair

telkens: opzetheling

Ten aanzien van feit 3 primair

medeplegen van witwassen

Ten aanzien van feit 3 subsidiair

medeplichtigheid aan witwassen

Strafbaarheid van de verdachte

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluiten, zodat de verdachte strafbaar is.

Oplegging van straf

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan 15 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren, met als bijzondere voorwaarden reclasseringscontact en het volgen van een sociale vaardigheden training. Voorts heeft de officier van justitie de opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis gevorderd.

De raadsvrouw heeft een strafmaatverweer gevoerd.

Het Gerecht overweegt als volgt.

Bij de bepaling van de op te leggen straf wordt gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezen verklaarde is begaan, op de mate waarin de gedraging aan de verdachte te verwijten en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen. Daarbij wordt rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde in verhouding tot andere strafbare feiten, zoals die onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijke strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd.

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan betrokkenheid bij het omkatten van in totaal vier auto’s. Het is algemeen bekend dat autocriminaliteit een groot probleem is in Curaçao. De verdachte heeft door zijn handelen bijgedragen aan de instandhouding van die vorm van criminaliteit, die immers alleen loont wanneer er afnemers zijn voor gestolen en/of omgekatte voertuigen. Het Gerecht neemt het de verdachte kwalijk dat hij geen oog heeft gehad voor de schade en overlast die daardoor aan anderen wordt berokkend.

Daar staat tegenover dat de verdachte blijkens zijn strafkaart niet eerder strafrechtelijk is veroordeeld. Het Gerecht heeft ook acht geslagen op het reclasseringsrapport van 2 december 2021. Daaruit blijkt dat de verdachte mogelijke (te) makkelijk beïnvloedbaar is maar verder zijn leven aardig op orde heeft en een eigen bedrijf is begonnen. Het recidiverisico wordt als laag ingeschat, waarbij bijzondere voorwaarden worden geadviseerd om deze kans ook laag te houden.

Gelet op de omstandigheid dat er niet slechts sprake is van een eenmalige fout door de verdachte maar van betrokkenheid bij het omkatten van vier auto’s, alsmede kijkend naar de straffen die aan zijn medeverdachten worden opgelegd, is het Gerecht van oordeel dat aan de verdachte een (deels voorwaardelijke) gevangenisstraf moet worden opgelegd met een onvoorwaardelijk gedeelte dat groter is dan de kleine drie maanden die de verdachte in voorarrest heeft doorgebracht.

Anders dan de officier van justitie heeft gevorderd zal het gerecht de voorlopige hechtenis opheffen in plaats van het opheffen van de schorsing daarvan.

Rekening houdend met alle hiervoor genoemde feiten en omstandigheden is het Gerecht van oordeel dat een gevangenisstraf van 18 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met na te noemen bijzondere voorwaarden, een passende en geboden reactie vormt.

Benadeelde partijen

De benadeelde partij [benadeelde partij 1] heeft zich in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding van NAf 1.985,95. Deze vordering heeft betrekking op de Toyota [model 4] met kenteken [kentekenplaatnummer4] (feit 3).

Nu het Gerecht de verdachte zal vrijspreken van het ten laste gelegde handelen waardoor de gestelde schade zou zijn veroorzaakt, kan de benadeelde partij niet in zijn vordering worden ontvangen.

De benadeelde partij [benadeelde partij 2] heeft zich in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding van NAf 12.390,71. Deze vordering heeft betrekking op de Kia [model6] met kenteken [kentekenplaatnummer 12] (feit 5).

Uitsluitend een persoon die rechtstreeks schade heeft geleden door een strafbaar feit kan zich als benadeelde partij ter zake van zijn of haar vordering tot schadevergoeding voegen in het strafproces. Deze bepaling beoogt primair de kring van tot voeging in het strafproces gerechtigde personen te beperken tot één of meer slachtoffers van het strafbare feit. Rechtsopvolgers onder bijzondere titel van de benadeelde partij kunnen niet in hun vordering worden ontvangen in het strafproces (zie HR 5 oktober 1965, ECLI:NL:HR:1965:AB3848). De benadeelde partij kan reeds daarom niet in zijn vordering worden ontvangen. Overigens is de verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde handelen waardoor de gestelde schade zou zijn veroorzaakt, zodat ook om die reden de benadeelde partij niet in zijn vordering zou kunnen worden ontvangen.

De benadeelde partij [benadeelde partij 3] heeft zich in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding van NAf 14.237,73. Deze vordering heeft betrekking op de Hyundai [model 1] met kenteken [KENTEKENPLAATNUMMER 10] (feit 4).

Uit het onderzoek ter terechtzitting is het Gerecht genoegzaam gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van verdachtes onder 4 subsidiair bewezen verklaarde handelen rechtstreeks schade heeft geleden met betrekking tot de posten 3 tot en met 14. Dat betreft een bedrag van NAf 4.133,48, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 27 augustus 2021.

De verdachte is tot vergoeding van die schade gehouden, zodat de vordering tot dat bedrag toewijsbaar is.

De gevorderde schade met betrekking tot de posten 1 en 2 is niet van zo eenvoudige aard dat deze zich leent voor behandeling in de strafzaak. De benadeelde partij zal in dit deel van de vordering niet-ontvankelijk worden verklaard.

Het Gerecht ziet aanleiding daarbij een schadevergoedingsmaatregel als bedoeld in artikel 1:78 van het Wetboek van Strafrecht aan de verdachte op te leggen.

Voor het geval volledige betaling of volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet volgt, zal vervangende hechtenis van na te melden duur worden opgelegd.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 1:19, 1:20, 1:21, 1:78, 1:123, 1:124, 1:136, 2:184, 2:397 en 2:404 van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

Het Gerecht:

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte onder 4 primair en 5 ten laste is gelegd en spreekt hem daarvan vrij;

verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de onder 1, 2, 3 primair (deels) en subsidiair (deels) en 4 subsidiair ten laste gelegde feiten heeft begaan;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt hem daarvan vrij;

kwalificeert het bewezen verklaarde als hiervoor omschreven;

verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en de verdachte daarvoor strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de 18 (achttien) maanden;

bepaalt dat van deze straf een gedeelte, groot 12 (twaalf) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd, van 3 (drie) jaren aan een strafbaar feit schuldig heeft gemaakt of gedurende die proeftijd de hierna te melden bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;

beveelt dat de tijd die door de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht;

als bijzondere voorwaarde wordt gesteld dat de verdachte zich gedurende de proeftijd zal gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen, te geven door of namens de Stichting Reclassering Curaçao, zulks zolang deze instelling dat gedurende de proeftijd nodig oordeel, ook als dat inhoudt het volgen van een SoVa training;

heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis;

verklaart de benadeelde partijen [benadeelde partij 1] en [benadeelde partij 2] niet-ontvankelijk in hun vorderingen en bepaalt dat zij deze vorderingen slechts bij de burgerlijke rechter kunnen aanbrengen;

wijst de vordering tot vergoeding van de door de benadeelde partij [benadeelde partij 3] geleden schade toe tot een bedrag van NAf 4.133,48 (zegge: vierduizendhonderddrieëndertig gulden en achtenveertig cent), vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 27 augustus 2021 tot aan de dag van de voldoening, en veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij;

verklaart de benadeelde partij in de vordering voor het overige niet-ontvankelijk en bepaalt dat deze de vordering in zoverre slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

legt aan de verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van de benadeelde partij de verplichting op tot betaling aan het Land van een bedrag van NAf 4.133,48 (zegge: vierduizendhonderddrieëndertig gulden en achtenveertig cent), bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 51 dagen hechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft en bepaalt dat het te betalen bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 27 augustus 2021 tot aan de dag van de voldoening;

bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan het Land daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee zijn verplichting tot betaling aan het Land in zoverre komt te vervallen.

Dit vonnis is gewezen door de rechter mr. G. Verbeek, bijgestaan door

mr. J. Mulder, griffier, en op 6 mei 2022 uitgesproken ter openbare terechtzitting van het Gerecht in Curaçao.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. J. Mulder

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand