GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO
Zaaknummer: CUR202504248
Beschikking van 19 november 2025
in de zaak van
1. STICHTING BEHEER WEEKENDHUIZEN CHOLOMA,
te Curaçao,2. [VERZOEKER 2],
te Curaçao,verzoekers, gemachtigde: mr. M.M. Bloem,
tegen
1. [VERWEERDER 1],
te Curaçao, verweerder, gemachtigde mr. L. Davelaar-Franklin,
2. [DE ERVEN VAN VERWEERSTER 2],
te Curaçao, verweerders, gemachtigde: mr. A.C. van Hoof,
inzake de nalatenschap van [naam erflater], overleden te Curaçao op […] 1972, vereffenaar: mr. B.M. Nagelmakers.
1. Het procesverloop
Het procesverloop blijkt uit:
2. De beoordeling
Op 6 oktober 2025 heeft dit gerecht vonnis gewezen in de zaken CUR2021100942 en CUR2021I0007. De laatste zaak betrof een vrijwaringszaak van [verweerder 1] tegen [de erven van verweerster 2]. In die zaak heeft het gerecht onder meer het volgende beslist:
“4.5 benoemt mr. B.M. Nagelmakers tot vereffenaar van de onbeheerde nalatenschap van [naam erflater], geboren in Curaçao en overleden op […] 1972;
draagt de griffier op de benoeming van de vereffenaar onverwijld in het boedelregister in te schrijven;
draagt de vereffenaar op de benoeming binnen tien dagen nadat deze beschikking ten uitvoer zal kunnen worden gelegd, zal worden bekend gemaakt in het van overheidswege verschijnende blad “Landscourant”, alsmede in de in Curaçao verschijnende dagbladen Extra en Amigoe”
Het verzoekschrift van verzoekers behelst een derdenverzet tegen de beslissing tot benoeming van een vereffenaar, alsmede een (incidenteel) verzoek tot schorsing van die beslissing totdat op het derdenverzet is beslist. Verzoekers verwijzen daarbij naar de artikelen 287-291 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
Verzoekers kunnen niet in hun derdenverzet en hun daarmee verband houdende schorsingsverzoek worden ontvangen. Derdenverzet is mogelijk in AR-zaken (vorderingszaken, eindigend in een vonnis). De artikelen 287-291 Rv hebben slechts betrekking op dergelijke zaken. De benoeming van een vereffenaar van een nalatenschap betreft echter een beslissing op een EJ-verzoek (verzoekprocedure, eindigend in een beschikking). Tegen dergelijke beslissingen is hoger beroep mogelijk, ook door derden die belanghebbenden zijn (art. 429n lid 2 Rv), maar geen derdenverzet. Dat de uitspraak waarbij tot de benoeming van de vereffenaar werd beslist door het gerecht is aangeduid als ‘vonnis’ en niet (tevens) als ‘beschikking’ kan bij verzoekers een andere indruk hebben gewekt, maar opent niet de mogelijkheid van derdenverzet tegen die beslissing.
Op grond van het voorgaande zullen verzoekers niet-ontvankelijk worden verklaard in hun verzoek. Hetgeen partijen in hun reacties op de ontvankelijkheidsvraag hebben aangevoerd, kan niet tot een andere beslissing leiden en behoeft geen nadere bespreking.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat onvoldoende aanleiding.
3. De beslissing
Het gerecht:
verklaart verzoekers niet-ontvankelijk in hun derdenverzet en hun daarop betrekking hebbend schorsingsverzoek.
Deze beschikking is gegeven door mr. P.E. de Kort, rechter, en in het openbaar uitgesproken.