GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO
Zaaknummer: CUR202504510
Vonnis in kort geding van 11 december 2025
in de zaak van
1. [EISER 1],2. [EISERES 2],beiden wonend in Curaçao,eisers,
gemachtigde: deurwaarder M.I. Bazur,
tegen
[GEDAAGDE],
wonend in Curaçao,gedaagde,
procederend in persoon.
1. Het procesverloop
Het procesverloop blijkt uit:
2. De vordering
Eisers vorderen, samengevat, veroordeling van gedaagde tot ontruiming van het perceel […] te Curaçao.
Eisers leggen aan hun vordering ten grondslag dat zij als de twee enige erfgenamen van hun in 2022 overleden broer […] gerechtigd zijn tot dat perceel en dat gedaagde daar zonder recht of titel verblijft.
3. De mondelinge behandeling van 3 december 2025
De griffier heeft de volgende aantekeningen gemaakt van de mondelinge behandeling van 3 december 2025:
[…]
4. De beoordeling
Eisers vorderen veroordeling van gedaagde tot ontruiming van het perceel waar gedaagde woont. Een dergelijk vordering is in kort geding toewijsbaar als met een voldoende mate van zekerheid aangenomen kan worden dat in een eventuele bodemprocedure zal worden beslist dat eisers de rechthebbenden zijn met betrekking tot het perceel en dat gedaagde geen recht heeft om daar te wonen.
In dit kort geding bestaat er nog te veel onduidelijkheid over de rechten van eisers en over het perceel. Het gerecht wijst er hierbij op dat niet duidelijk is:
op wiens naam de huurgrond (perceel […]) staat;
wat grenzen van perceel […] zijn;
of eisers de huurgrond op hun naam zullen kunnen krijgen;
of het door gedaagde bewoonde huisje aan de achterzijde van perceel […] binnen of buiten de grens van de huurgrond valt;
in hoeverre het mogelijk is dat het (leegstaande) huis op perceel […] en het huisje van gedaagde als afzonderlijke woningen (met eigen aansluitingen en eigen toegang tot de openbare weg) kunnen worden benut.
Bovendien kan in dit kort geding niet worden aangenomen dat gedaagde zonder recht op het perceel woont en dat hij gehouden is daar onmiddellijk te vertrekken. Het gerecht wijst hierbij op het volgende:
gedaagde (geboren in 1960) woont sinds zijn elfde jaar op het perceel, eerst bij zijn tante in huis, later naar het gerecht begrijpt in het (nog niet afgebouwde) huisje achteraan het perceel;
gedaagde had kennelijk de toestemming van tante en haar man om daar te wonen en heeft meegeholpen aan de bouw van het huisje;
gedaagde heeft (nog) geen woonruimte elders kunnen vinden.
Bij deze stand van zaken kan de ontruimingsvordering van eisers niet worden toegewezen.
De proceskosten zullen worden gecompenseerd.
5. De beslissing in kort geding
Het gerecht:
wijst de vordering af.
compenseert de proceskosten in die zin dat partijen de eigen kosten dragen.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.E. de Kort, rechter, bijgestaan door C. Calmez, griffier, en in het openbaar uitgesproken.