ECLI:NL:OGEAC:2025:380

ECLI:NL:OGEAC:2025:380

Instantie Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Datum uitspraak 16-05-2025
Datum publicatie 30-09-2026
Zaaknummer CUR202501003
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig

Samenvatting

Een dwangbevel van DUO kan ook hier te lande ten uitvoer worden gelegd.

Uitspraak

GERECHT VAN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO

Zaaknummer: CUR202501003

Vonnis in kort geding van 16 mei 2025

in de zaak van

[eiseres],

eiseres,

wonend in [woonplaats],

hierna: [eiseres],procederend in persoon,

tegen

1. KIRINDONGO DEURWAARDERS & INCASSOKANTOOR B.V,

gevestigd in Curaçao

hierna: Kirindongo,

gemachtigde: mr. N. Doekhie,2. ACCS – CARIBBEAN B.V.,

gevestigd in Curaçao,

hierna: ACCS,

gemachtigde: mr. P.M. Noordhoek,

3. MADURO & CURIEL’S BANK N.V.,

gevestigd in Curaçao,

hierna: MCB,

gemachtigde: [gemachtigde 1],

4. De STAAT DER NEDERLANDEN vertegenwoordigd door de DIENST UITVOERING ONDERWIJS, agentschap van het MINISTERIE VAN ONDERWIJS CULTUUR EN WETENSCHAP

zetelend in Nederland,

hierna: DUO,

gemachtigden: mr J.H. Jonker en mw. D. Kok,

gedaagden.

1. Het procesverloop

Het procesverloop blijkt uit:

het verzoekschrift van 26 maart 2025, met producties,

akte van DUO van 24 april 2025, met producties,

de producties van Kirindongo van 24 april 2025,

de mondelinge behandeling van 25 april 2025,

de pleitnotities.

Vonnis is bepaald op vandaag.

2. De feiten

DUO heeft op 27 mei 2024 ten laste van [eiseres] een dwangbevel uitgevaardigd voor een bedrag van EUR 2.856,37. Het dwangbevel heeft betrekking op de achterstallige aflossingstermijnen uit hoofde van een studieschuld.

DUO heeft ACCS opdracht gegeven het dwangbevel aan [eiseres] te laten betekenen. ACCS heeft op haar beurt daarvoor Kirindongo benaderd.

Op 17 oktober 2024 is het dwangbevel door Kirindongo aan [eiseres] betekend op het adres [adres] in Curaçao. [eiseres] is niet tot betaling overgegaan.

Op 7 maart 2025 is door de deurwaarder op verzoek van DUO executoriaal derden beslag gelegd onder MCB ten laste van [eiseres].

3. De vordering

Eiseres heeft de volgende vordering in het verzoekschrift geformuleerd:

“REDENEN WAAROM

Verzoekster zich wendt tot Uw Gerecht met het eerbiedig verzoek bij vonnis in kort geding, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

een verklaring voor recht dat het door DUO/ACCS/Kirindongo opgelegd beslag nietig is;

het beslag per direct wordt opgeheven onder vergoeding aan Verzoekster van alle geleden en te lijden schade;

per direct nietig verklaren van onrechtmatige contracten afgesloten tussen DUO en gedaagden waarbij zonder toestemming van Verzoekster, met de persoonsnaam van Verzoekster wordt gehandeld, met als enig doel om geld te innen, te verdienen en/of voor Verzoekster schulden te creëren, hetgeen de goede naam en faam van Verzoekster per schade direct toebrengt.

per direct opheffen van het beslag op straffe van een door u, de rechter, te bepalen dwangsom voor elk etmaal dat geen gevolg wordt gegeven aan het opheffen van het beslag;

[…]

MITSDIEN

Het u Edelachtbare moge behage, bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, ook ten aanzien van de proceskosten ACCS, Kirindongo te veroordelen tot:

Het per direct ACCS en Kirindongo verbieden vals opgemaakte dwangbevelen te betekenen, op last van een dwangsom van en nog nader te bepalen waarde;

Het per direct ACCS en Kirindongo verbieden gelden te innen op Curaçao namens DUO, zonder te beschikken over een op Curaçao geldige dwangbevel;

Het per direct, op last van een dwangsom van en nog nader te bepalen waarde, MCB te verbieden het onrechtmatig beslag te accepteren als executoriale titel om Verzoekster toegang te onthouden tot haar gelden/eigendom welke aan MCB zijn toevertrouwd;

Gedaagden te veroordelen tot vergoeding van de door Verzoekster gemaakte en te maken kosten, op te maken bij staat, om het beslag gerechtelijk en buitengerechtelijk te doen opheffen.

Kirindongo, ACCS, MCB en DUO hebben afzonderlijk van elkaar verweer gevoerd en geconcludeerd tot niet-ontvankelijkheidverklaring van [eiseres] in haar vorderingen dan wel afwijzing daarvan.

4. De beoordeling

DUO heeft in de eerste plaats een niet-ontvankelijkheidsverweer gevoerd, omdat [eiseres] niet de juiste partij heeft gedagvaard. [eiseres] heeft in het verzoekschrift “de publiekrechtelijke rechtspersoon Dienst Uitvoering Onderwijs, gevestigd te Groningen, Nederland” als gedaagde partij vermeld. Het is voldoende duidelijk dat [eiseres] heeft bedoeld om de Staat der Nederlanden te dagvaarden, waarvan DUO onderdeel uitmaakt. De Staat der Nederlanden heeft ook verweer gevoerd, vertegenwoordigd door DUO en is dan ook niet in haar belangen geschaad. Het gerecht leest het verzoekschrift daarom aldus dat de vorderingen van [eiseres] zijn ingesteld tegen de Staat der Nederlanden. Het niet-ontvankelijkheidsverweer wordt gepasseerd.

Deze zaak betreft een executiegeschil. Uit artikel 438, lid 2, Rv, dat ziet op executiegeschillen, volgt dat – anders dan DUO veronderstelt - een spoedeisend belang niet is vereist.

In essentie is aan de orde de vraag of het uit kracht van het door DUO uitgevaardigde dwangbevel gelegde derdenbeslag op de MCB-bankrekening van [eiseres] moet worden opgeheven.

Vaststaat dat, zoals door DUO onweersproken is gesteld en uitgebreid met stukken onderbouwd, een deel van de aan [eiseres] op haar aanvraag toegekende studiefinanciering is omgezet in een geldlening en dat op [eiseres] de verplichting rust deze lening aan DUO terug te betalen. Het door [eiseres] jaarlijks terug te betalen bedrag is door DUO vastgesteld. [eiseres] heeft tegen de verschillende besluiten geen rechtsmiddelen aangewend, waardoor deze formele rechtskracht hebben gekregen.

[eiseres] heeft ondanks diverse aanmaningen en uitleg van de zijde van DUO over het ontstaan van de vordering, een bedrag van in totaal € 2.294,05 onbetaald gelaten en DUO heeft daarom een dwangbevel uitgevaardigd en aan [eiseres] laten betekenen.

Op grond van artikel 8.3 van de Wet Studiefinanciering 2000 is DUO bevoegd voor de invordering van de uit de lening voortvloeiende geldschuld een dwangbevel uitvaardigen. Van een onrechtmatig of valselijk uitgevaardigd dwangbevel is dan ook geen sprake. Het dwangbevel levert ingevolge artikel 4:116 Algemene wet bestuursrecht (Awb) een executoriale titel op, die met toepassing van de voorschriften van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) kan worden tenuitvoergelegd.

Ter zitting heeft Kirindongo toegelicht dat het dwangbevel volgens de voorgeschreven formaliteiten aan [eiseres] is betekend door achterlating daarvan in de brievenbus. Op basis van deze toelichting, die door [eiseres] niet is weersproken, moet ervan worden uitgegaan dat de betekening op juiste wijze heeft plaatsgevonden. Gelet op het verzoekschrift kan bovendien worden vastgesteld dat [eiseres] het dwangbevel heeft ontvangen.

Vaststaat dat [eiseres] ook na ontvangst van het dwangbevel niet tot betaling van haar schuld aan DUO is overgegaan. DUO was daarom bevoegd om het dwangbevel ten uitvoer te leggen door het laten leggen van executoriaal beslag onder MCB.

Voor zover [eiseres] stelt dat het in Nederland uitgevaardigde dwangbevel niet in Curaçao kan worden ten uitvoer gelegd overweegt het gerecht het volgende. In artikel 430 NRv is bepaald dat de grossen van “in Nederland verleden authentieke akten alsmede andere bij de wet als executoriale titel aangewezen stukken” in geheel Nederland tenuitvoergelegd kunnen worden. In artikel 430 Rv hier te lande geldend is een vergelijkbare regeling opgenomen, namelijk dat de grossen van “hier te lande verleden authentieke akten, alsmede andere bij de wet als executoriale titel aangewezen stukken” hier te lande kunnen worden tenuitvoergelegd. De wetgevers van de onderscheiden landen hebben dus de “andere bij de wet als executoriale titel aangewezen stukken” voor wat betreft de mogelijkheden van tenuitvoerlegging op één lijn gesteld met authentieke akten.

Volgens artikel 40 van het Statuut voor het Koninkrijk kunnen grossen van authentieke akten die in een van de landen van het koninkrijk zijn verleden in het gehele koninkrijk worden tenuitvoergelegd. Dit artikel berust op de gedachte dat het koninkrijk, voor wat betreft de vatbaarheid voor tenuitvoerlegging van binnen het koninkrijk verleden authentieke akten als een rechtsgebied moet worden beschouwd. Die gedachte brengt naar zijn strekking mee dat de rechtskracht van de grossen van authentieke akten in alle delen van het koninkrijk gelijk is. In het licht van de omstandigheid dat de wetgevers van de betrokken landen “andere bij de wet als executoriale titel aangewezen stukken” inmiddels op één lijn hebben gesteld met authentieke akten brengt die strekking mee dat ook die “andere bij de wet als executoriale titel aangewezen stukken” op basis van artikel 40 van het Statuut voor het Koninkrijk in het andere land tenuitvoergelegd kunnen worden

Het voorgaande betekent dat het door DUO ten laste van [eiseres] in Nederland uitgevaardigde dwangbevel ook in Curaçao kan worden ten uitvoer gelegd.

Alleen als de tenuitvoerlegging misbruik van bevoegdheid door DUO oplevert, kan de rechter in kort geding de staking van de tenuitvoerlegging bevelen. Van misbruik van bevoegdheid is niet gebleken. Van belang daarbij is dat sprake is van een onaantastbaar onderliggend besluit. Dat het dwangbevel op een juridische of feitelijke misslag berust is verder ook niet gebleken en evenmin is gebleken van na het dwangbevel voorgevallen of aan het licht gekomen feiten die klaarblijkelijk aan de zijde van [eiseres] een noodtoestand doen ontstaan.

Het voorgaande brengt mee dat het beslag - anders dan [eiseres] stelt - niet nietig is, het dwangbevel in Curaçao ten uitvoer kan worden gelegd en er geen grond is voor opheffing van het beslag.

Voorts stond het DUO vrij om ACCS als incassogemachtigde in te schakelen en Kirindongo opdracht te geven tot het betekenen en ten uitvoerleggen van het dwangbevel om de studieschuld van [eiseres] te innen. Van onrechtmatigheid, zoals [eiseres] stelt, is geen sprake. Voor het overige zijn ook geen feiten of omstandigheden gesteld of gebleken op grond waarvan de overeenkomsten tussen DUO en ACCS en Kirindongo nietig moeten worden verklaard.

Niet valt verder in te zien welk belang [eiseres] heeft bij toewijzing van het door haar gevorderde verbod om ACCS en Kirindongo te verbieden vals opgemaakte dwangbevelen te betekenen. Anders dan [eiseres] veronderstelt heeft ACCS geen wettelijke bevoegdheid om dwangbevelen uit te vaardigen of te betekenen. Kirindongo is wel bevoegd dwangbevelen te betekenen, maar het niet de taak van een deurwaarder om de inhoud van het door hem in opdracht van de schuldeiser te betekenen stuk op juistheid te toetsen.

Het is de wettelijke verplichting van MCB om gevolg te geven aan een onder haar gelegd derdenbeslag. MCB kan dan ook niet worden verboden daaraan uitvoering te geven.

Ten aanzien van ACCS, Kirindongo en MCB geldt bovendien dat tussen [eiseres] enerzijds en ACCS, Kirindongo en MCB anderzijds geen contractuele relatie bestaat of een anderszins in dit geschil relevante rechtsverhouding. ACCS, Kirindongo en MCB zijn geen schuldeiser van [eiseres] en hebben ook geen dwangbevel tegen haar uitgevaardigd. Zij hebben slechts (uit hoofde van hun wettelijke plicht) uitvoering gegeven aan opdrachten afkomstig van DUO. Ook daarom kunnen de vorderingen jegens hen niet worden toegewezen.

De conclusie van het voorgaande is dat de vorderingen worden afgewezen. Omdat [eiseres] in het ongelijk wordt gesteld, wordt zij veroordeeld in de proceskosten. De kosten van ACCS en Kirindongo worden tot aan deze uitspraak begroot op NAf 1.500 aan gemachtigdensalaris voor ieder van hen. De kosten van MCB en DUO worden op nihil begroot, omdat zij zonder extern gemachtigde hebben geprocedeerd.

De door ACCS gevorderde wettelijke rente wordt toegewezen zoals hierna onder de beslissing vermeld.

De veroordelingen in deze uitspraak kunnen ook ten uitvoer worden gelegd als een van de partijen deze beslissing voorlegt aan het Hof.

5. De beslissing in kort geding

Het gerecht:

wijst de vorderingen af;

veroordeelt [eiseres] in de proceskosten van ACCS van NAf 1.500 aan gemachtigdensalaris en bepaald dat deze proceskosten moeten worden betaald binnen veertien dagen en worden verhoogd met de wettelijke rente als niet op tijd wordt betaald;

veroordeelt [eiseres] in de proceskosten van Kirindongo van NAf 1.500 aan gemachtigdensalaris;

veroordeelt [eiseres] in de proceskosten van MCB en DUO, tot op heden begroot op nihil;

verklaart dit vonnis wat betreft de veroordeling onder 5.2 en 5.3 uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af wat verder is gevorderd.

Dit vonnis is gewezen door mr. I. Tubben, rechter, bijgestaan door mr. G. Benedictus, griffier, en in het openbaar uitgesproken.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. I. Tubben

Griffier

  • mr. G. Benedictus

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand