ECLI:NL:OGEAC:2026:11

ECLI:NL:OGEAC:2026:11

Instantie Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Datum uitspraak 28-01-2026
Datum publicatie 03-02-2026
Zaaknummer CUR202504742
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Bodemzaak

Samenvatting

Lob-verzoek. De aangevoerde beroepsgrond over een motiveringsgebrek en daaruit voortvloeiende onzorgvuldigheid in de besluitvorming slaagt. Vernietiging van de bestreden beschikking. De rechtsgevolgen van de vernietigde bestreden beschikking blijven in stand. Schadevergoeding en vergoeding griffierecht.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO

Uitspraak

in het geding tussen:

[eiser],

eiser,

wonende te Curaçao,

en

de minister van Justitie,

verweerder,

gemachtigde: mr. C.A. Peterson

Partijen worden in deze uitspraak hierna eiser en de minister genoemd.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt het Gerecht het beroep van eiser tegen de beslissing van de minister van 13 januari 2025 op het verzoek van eiser van 11 september 2024 om kopieën van de jaarverslagen van het Korps Politie Curaçao (KPC) van de jaren 2018 tot en met 2023.

Eiser heeft op 2 december 2024 beroep ingesteld tegen het uitblijven van een beslissing van de minister op zijn verzoek om kopieën van de jaarverslagen van het Korps Politie Curaçao (KPC) van de jaren 2018 tot en met 2023, op grond van de Landsverordening openbaarheid van bestuur (Lob).

De minister heeft op 17 februari 2025 met een verweerschrift op het beroep gereageerd en als bijlage meegezonden een brief van 13 januari 2025 waarbij de minister alsnog op het Lob-verzoek heeft beslist (de bestreden beschikking).

Eiser heeft op 27 februari 2025 bericht dat hij het beroep wil voortzetten en heeft op 22 april 2025 een nadere toelichting ingediend.

Het Gerecht heeft het beroep op 10 september 2025 ter zitting behandeld. Eiser is verschenen. De minister heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Na afloop van de zitting heeft het Gerecht op 25 september 2025 het onderzoek heropend en aan de minister verzocht om nadere vragen van het Gerecht te beantwoorden over het door de minister verrichte onderzoek naar de door eiser gevraagde documenten. De minister heeft op 23 oktober 2025 per email de beantwoording van de vragen ingediend. Eiser heeft op 21 november 2025 een reactie ingediend. Op 8 december 2025 heeft eiser desgevraagd door het Gerecht zijn op 21 november ingediende reactie verduidelijkt en aangegeven dat hij zijn beroep niet intrekt en vraagt om een uitspraak van het Gerecht. Daarop heeft het Gerecht het onderzoek gesloten en de uitspraak bepaald op heden.

Beoordeling door het Gerecht

Het Gerecht beoordeelt de bestreden beschikking aan de hand van de beroepsgronden van eiser.

Het beroep van eiser tegen het uitblijven van een beslissing op zijn Lob-verzoek is niet-ontvankelijk. Daar is inmiddels op beslist.

Het beroep van eiser tegen de beslissing van de minister op het Lob-verzoek is gegrond. De aangevoerde beroepsgrond over een motiveringsgebrek en daaruit voortvloeiende onzorgvuldigheid in de besluitvorming slaagt. De bestreden beschikking moet daarom worden vernietigd. Het Gerecht ziet echter aanleiding om de rechtsgevolgen van de te vernietigen beschikking in stand te laten, nu de minister met de toelichting ter zitting en de daaropvolgende nadere uitleg zijn beslissing alsnog afdoende heeft gemotiveerd.

Het Gerecht legt hierna uit hoe hij tot dit oordeel is gekomen en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Waarom is het beroep van eiser tegen het uitblijven van een beslissing op zijn Lob-verzoek niet-ontvankelijk?

Eiser heeft aanvankelijk beroep ingesteld tegen het uitblijven van een beslissing op zijn Lob-verzoek. Artikel 9c, eerste lid, van de Lar bepaalt voor zover hier relevant dat indien beroep aanhangig is tegen een weigering om te beschikking op een verzoek, en het bestuursorgaan alsnog een beschikking geeft, het beroep mede betrekking heeft op deze beschikking.

Ter zitting heeft de minister bevestigd dat de brief van 13 januari 2025 waarin is beslist op het Lob-verzoek en die is ondertekend door de secretaris-generaal van zijn ministerie namens de minister is geschreven. Deze brief kan volgens de minister worden aangemerkt als een beschikking.

Het beroep van eiser tegen het uitblijven van een beslissing op zijn verzoek heeft dus van rechtswege ook betrekking op de inhoudelijke beslissing van de minister van 13 januari 2025.

Het beroep van eiser tegen het uitblijven van een beslissing op zijn Lob-verzoek is niet-ontvankelijk. De minister heeft immers beslist op zijn Lob-verzoek.

Het Gerecht is van oordeel dat eiser het beroep tegen het uitblijven van een beslissing op zijn Lob-verzoek terecht heeft ingesteld. Volgens artikel 6 van de Lob moet het bestuursorgaan beslissen binnen drie weken na de ontvangstdatum van het verzoek en kan het deze termijn voor ten hoogste drie weken verdagen. In deze zaak heeft de minister van deze verlengingsmogelijkheid gebruik gemaakt en eiser op 23 oktober 2024 bericht dat hij nog niet in staat is te beslissen op zijn verzoek. Op het moment van het instellen van het beroep van eiser, had de minister nog steeds niet beslist op het verzoek. Daarom ziet het Gerecht in die zaak aanleiding voor vergoeding van het door hem betaalde griffierecht.

Wat is relevant om te weten in deze zaak?

Eiser heeft op 11 september 2024 aan de minister verzocht om hem kopieën te doen toekomen van de jaarverslagen 2018 tot en met 2023 van het KPC.

In de beschikking van 13 januari 2025 schrijft de minister in reactie op dit verzoek dat het KPC geen jaarverslagen publiceert, maar jaarlijks wel statistieken over typen criminaliteit presenteert. De minister heeft de statistieken van de jaren 2018 tot en met 2022 als bijlage bij de beschikking gevoegd.

In het verweerschrift stelt de minister dat met het verstrekken van de jaarverslagen 2018 tot en met 2022 nagenoeg geheel aan het verzoek van eiser is voldaan. Het jaarverslag van 2023 is nog niet gereed.

In zijn reactie van 22 april 2025 schrijft eiser dat de verstrekte statistieken geen jaarverslagen zijn en dat de zaak dus niet als afgehandeld kan worden beschouwd.

Ter zitting is namens de minister toegelicht dat het KPC sinds 2018 geen jaarverslagen meer opmaakt en dat de gevraagde documenten er dus niet zijn. De gemachtigde van de minister heeft desgevraagd verklaard dat hij ervan uitgaat dat de minister naar aanleiding van het Lob-verzoek van eiser navraag heeft gedaan binnen het ministerie en bij het KPC. Deze verklaring heeft na afloop van de zitting geleid tot nadere vragen van het Gerecht, namelijk of het door de minister verrichte onderzoek conform vaste rechtspraak in Lob-zaken volledig is geweest en hoe dat is verricht.

In de akte uitlating van 23 oktober 2025 heeft de minister deze vragen beantwoord en uitleg gegeven over het onderzoek. Het verzoek van eiser is door de sectordirecteur van het ministerie in behandeling genomen en doorgestuurd naar de korpschef van het KPC. Het KPC heeft daarop in een mondeling overleg met het ministerie laten weten dat het KPC sinds 2018 geen jaarverslagen meer heeft opgesteld. Het KPC produceert jaarlijks wel operationele cijfers ten behoeve van het jaarverslag van het ministerie en het Land Curaçao. Deze operationele cijfers zijn aan eiser verstrekt. De jaarverslagen van het Land van die jaren zijn nog niet goedgekeurd en dus niet gereed voor publicatie. De minister concludeert dat het onderzoek volledig en zorgvuldig was.

Wat voert eiser aan en wat vindt het Gerecht daarvan?

5. Volgens eiser is de beschikking van 13 januari 2025 waarin de minister heeft beslist op zijn Lob-verzoek onvoldoende gemotiveerd. Pas op nadere vragen van het Gerecht is een volledige uitleg door de minister gegeven. Eiser betoogt in zijn reactie daarop dat niet duidelijk is waarom de minister deze uitleg niet binnen de beslistermijn van zes weken kon geven. Nu heeft eiser onnodig kosten moeten maken voor een gerechtelijke procedure.

Deze beroepsgrond slaagt. Het Gerecht motiveert dat als volgt.

Het Gerecht volgt eiser in zijn betoog dat de beschikking van 13 januari 2025 om meer uitleg vroeg. Ook merkt eiser terecht op dat de besluitvorming aldus niet getuigt van zorgvuldigheid. Dit leidt naar het oordeel van het Gerecht tot een vernietiging van de beschikking. Het Gerecht ziet echter aanleiding de rechtsgevolgen van de te vernietigen beschikking in stand te laten, nu de minister met de toelichting ter zitting en de nadere uitleg nadien zijn beslissing alsnog afdoende heeft gemotiveerd.

Conclusie en gevolgen

6. Het beroep van eiser tegen het uitblijven van een beslissing op zijn Lob-verzoek is niet-ontvankelijk, omdat de minister alsnog op dat verzoek heeft beslist.

De beroepsgrond van eiser tegen de bestreden beschikking slaagt. Daarom is het beroep gegrond. Het Gerecht ziet aanleiding de rechtsgevolgen van de te vernietigen beschikking in stand te laten, omdat de minister tijdens en na de zitting zijn beslissing alsnog afdoende heeft gemotiveerd. Dat betekent dat de beslissing van de minister van 13 januari 2025 op het Lob-verzoek van eiser in stand blijft.

7. Omdat het beroep tegen het uitblijven van een beslissing van de minister op het Lob-verzoek terecht was ingesteld, zal het Gerecht bepalen dat de minister het door eiser betaalde griffierecht van Cg 150,- aan hem moet vergoeden.

Eiser heeft ook verzocht om vergoeding van de kopieerkosten van Cg 26,25 van de bij de Lob-beschikking verkregen documenten. Pas later kwam eiser erachter dat het niet de documenten waren waarom hij had gevraagd. De minister was bevoegd deze kosten in rekening te brengen op grond van artikel 10 van het Landsbesluit uitvoeringsregels openbaarheid van bestuur. Het Gerecht is van oordeel dat het verzoek gehonoreerd kan worden bij wijze van toekenning van schadevergoeding op grond van artikel 50, vijfde lid, van de Lar. Dat artikel bepaalt kort gezegd dat, indien het beroep gegrond wordt verklaard, het Gerecht kan bepalen dat een vergoeding wordt toegekend ten laste van het overheidslichaam. De kopieerkosten zijn veroorzaakt door de onrechtmatige beschikking van de minister en kunnen aan de minister worden toegerekend. De minister had immers, alvorens direct kopieën te geven, eiser kunnen waarschuwen dat de bij zijn beslissing gevoegde documenten niet de documenten zijn waarom hij had gevraagd. De schade is verder genoegzaam aangetoond door de kwitantie die is gevoegd bij het verweerschrift.

Beslissing

Het Gerecht:

- verklaart het beroep van eiser tegen het uitblijven van een beslissing op zijn Lob-verzoek niet-ontvankelijk;

- verklaart het beroep van eiser tegen de bestreden beschikking gegrond;

- vernietigt de bestreden beschikking;

- bepaalt dat de rechtsgevolgen van de vernietigde bestreden beschikking in stand blijven;

- bepaalt dat de minister het door eiser betaalde griffierecht van Cg 150,- aan hem vergoedt;

- veroordeelt de minister tot betaling van een schadevergoeding aan eiser van Cg 26,25,-.

Aldus vastgesteld door mr. drs. S. Lanshage, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 28 januari 2025, in tegenwoordigheid van mr. C. Anselma-Bernsen, griffier.

Informatie over hoger beroep

Tegen deze uitspraak kunnen alle partijen hoger beroep instellen bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie.

Het hoger beroepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.

Het hoger beroep moet worden ingediend bij het Gerecht dat de uitspraak heeft gedaan.

De indiener van het hoger beroep moet in ieder geval:

Partijen kunnen gebruik maken van de mogelijkheid om binnen de gegeven hoger beroepstermijn te volstaan met een pro-forma hoger beroepschrift. Dit betekent dat de hoger beroepsgronden op een later moment worden ingediend.

Voor het instellen van het hoger beroep is griffierecht verschuldigd.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?