GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO
Zaaknummer: CUR202504682
Vonnis van 29 juni 2026
in de zaak van
PRODUCTIVE BUSINESS SOLUTIONS LIMITED,
gevestigd in Curaçao, opposante, gemachtigden: mr. M.F. Murray en mr. J.M.K.P. Cornegoor,
tegen
HOLD IT B.V., gevestigd in Curaçao, geopposeerde, gemachtigde: mr. U. van Bemmelen,
Partijen worden hierna PBS en Hold It genoemd.
De zaak in het kort
Hold It heeft al haar aandelen in het kapitaal van Infotrans verkocht en overgedragen aan PBS. Tussen partijen is in geschil of PBS de betaling van de resterende termijnen van de koopsom mocht opschorten. Het gerecht is van oordeel dat voldoende vaststaat dat Hold It garanties heeft geschonden, zodat PBS de betaling gerechtvaardigd heeft opgeschort.
1. Het procesverloop
Het procesverloop blijkt uit:
het verzoekschrift van 6 juni 2025 met producties,
het verstekvonnis van 20 oktober 2025,
het verzetschrift van 20 november 2025 met producties,
een aanvullende productie van PBS, ingediend op 29 april 2026,
de mondelinge behandeling van 5 mei 2025,
de pleitnotitie van de zijde van Hold It.
Vonnis is bepaald op vandaag.
2. De feiten
Op 19 mei 2023 hebben Hold It (als verkoper) en PBS (als koper) een overeenkomst (hierna: de koopovereenkomst) gesloten met betrekking tot de koop en verkoop van alle aandelen in het kapitaal van de besloten vennootschap Infotrans Group Holding B.V. (hierna: Infotrans).
Infotrans houdt via dochtermaatschappijen een onderneming in stand op het gebied van import, verkoop, plaatsing, onderhoud en exploitatie van telecommunicatieapparatuur. Infotrans heeft via haar dochtervennootschappen vestigingen in Curaçao, Aruba, Bonaire, Suriname en Colombia.
De overeengekomen koopsom voor de aandelen bedraagt in totaal USD 4.592.000. In artikel 3.1. van de koopovereenkomst staat dat de koopsom als volgt moet worden betaald: (a) USD 2.000.000 op de dag van de overdracht van de aandelen (de Completion), (b) USD 2.400.000 (de Principle Amount) in vier gelijke termijnen van USD 600.000 op de eerste tot en met vierde ‘verjaardag’ van de Completion, en (c) het restant van USD 192.000 in 24 maandelijkse termijnen van USD 8.000, waarvan de eerste termijn moet worden betaald op de laatste dag van de maand waarop de Completion plaatsvindt.
In annex 1 bij de koopovereenkomst ‘Infotrans Combined Balance Sheet -April 30, 2023’ (hierna: de overnamebalans) staat een bedrag van USD 1.533.593 aan voorraad opgenomen.
In artikel 9 lid 1 en 2 en 11.5 van de koopovereenkomst en Schedule 3 bij de koopovereenkomst zijn bepalingen met betrekking tot de garanties van Hold It aan PBS opgenomen.
In artikel 9, lid 1 en 2 van de koopovereenkomst, staat voor zover van belang:
The Vendor warrants and represents to the Purchaser in relation to the Company and the Subsidiaries that,
the Warranties are true and accurate in all material respects and that the contents of the Disclosure Letter and of all accompanying documents are true and accurate in all material respects;
the Warranties shall be deemed to be given on the date hereof and continue to be true and accurate in all material respects up to and including Completion and shall be deemed to be repeated at the Completion Date; and (in each case) relate to the facts then existing; and
so far as the Warranties relate in whole or in part to present or past matters of fact at Completion, they shall also be deemed to constitute fundamental representations upon the faith of which the Purchaser has entered into this Agreement.
Each of the Warranties is without prejudice to any other warranty or undertaking and is a separate and independent warranty and, except where expressly stated, no clause contained in this Agreement governs or limits the extent or application of any other clause.
In artikel 11.5 van de koopovereenkomst staat:
The Purchaser shall only be entitled to set-off any amount(s) due or any Vendor Warranty Claim against the balance of the last outstanding payment of the Purchase Price due to the Vendor. A Warranty Claim will not be subject to interest.
In de koopovereenkomst staat ‘Vendor’ voor Hold lt, ‘Purchaser’ voor PBS, de ‘Company’ voor Infotrans en ‘Subsidiaries’ voor de dochtervennootschappen. Als definitie van 'Warranties' is in de koopovereenkomst het volgende opgenomen: ‘means the warranties and representations by the Vendor set forth in Schedule 3’.
In Schedule 3 zijn, voor zover relevant, de volgende garanties opgenomen:
Artikel 5.3, aanhef en onder (3):
The Annual Accounts: (...) are accurate in all material respects and show a true, complete and fair view of the state of affairs, financial position, assets and liabilities of the Company, and of its results for the financial period ending on the Accounting Date;
Artikel 5.9:
No event has occurred during the period covered by the Management Accounts that has resulted in the profits of the Company being abnormally high or low in respect of that period.
Artikel 5.10, aanhef, onder (2) en onder (3):
The Management Accounts (...) (2) are accurate in all material respects and show a true arid fair view of the assets and liabilities of the Company, and of its results for the financial period ended March 31, 2023; (3) make full provision or reserve for all liabilities and other matters warranted as provided for or reserved in the Annual Accounts, such that the Company has no liabilities of any nature whatsoever other than those disclosed or provided for in the Management Accounts.
Artikel 5.11, aanhef, onder (2) en onder (3):
The accounting and other books, ledgers, financial and other records of the Company: (...) (2) have at all times been properly and fully written up; (3) accurately present and reflect, in accordance with generally accepted accounting principles and standards, and applicable corporate law, all of the transactions entered into by the Company (or the transactions to which the Company has been a party) and its financial, contractual and trading position (...).
Artikel 18.1:
To the best of the Vendor's knowledge all information or documents concerning the Company supplied in writing to the Purchaser, its Attorney-at-Law or accountant by the Company, or the Vendor or its agents during the course of the negotiations leading to execution of this Agreement, was true, accurate and complete in all material respects when given, and to the best of the Vendor's knowledge there is no fact or matter which has not been disclosed in writing which renders any such information or documents untrue or misleading at the date of this Agreement, or which, on the basis of the utmost good faith, ought to be disclosed to an intending buyer of the Shares.
Met ‘Management Accounts’ in Schedule 3 wordt bedoeld de overnamebalans zoals omschreven in 2.4.
Op 16 juni 2023 heeft de overdracht van de aandelen in het kapitaal van Infotrans aan PBS plaatsgevonden en heeft PBS USD 2.000.000 aan Hold It betaald. Daarna hebben geen betalingen meer plaatsgevonden aan Hold It door PBS.
Sinds augustus 2023 heeft PBS Hold It per e-mail laten weten dat volgens haar sprake was van een voorraadtekort en dat sprake was van niet verwerkte kosten op de overnamebalans. PBS heeft Hold It om uitleg gevraagd. In de maanden daarna heeft hierover overleg en correspondentie tussen partijen plaatsgevonden, hetgeen niet tot een vergelijk heeft geleid.
In een e-mail van 14 september 2023 van PBS aan Hold It staat, voor zover relevant:
As discussed we compared the 2022 financial statements with the Trial Balance for Aruba, Bonaire, Curacao, and Suriname to see if there were any top-side adjustments made on the Financial Statements for the inventory issue. We did not find any.
Per brief van 26 juli 2024 heeft Hold It PBS gesommeerd USD 2.400.000 te voldoen, zijnde de Principal Amount, die volgens haar ingevolge de Promissory Note direct opeisbaar is geworden.
Per brief van 30 juli 2024 heeft Hold It PBS gesommeerd de reeds vervallen en onbetaald gebleven maandelijkse termijnen te voldoen van (op dit moment) in totaal USD 112.000.
In een e-mail van 13 september 2024 van PBS aan Hold It staat, voor zover relevant:
The physical inventory counts for each entity was compared against the reported values and the following variances were found:
Entity:
Unfavourable Variance:
Curacao
US$801,163
Aruba
US$64,188
Suriname
US$35,900
Bonaire
US$39,313
Total:
US$940,564
This comparison confirmed that the reported values in the three accounts in question were not part of the physical inventories. Additionally, no subsequent events to date have indicated that these balances should have been on the balance sheet as goods in transit. Therefore, it has been determined that these values should not have been included on the balance sheet as assets but instead should have been expensed.
During this process PBS reached out to you and [belanghebbende 1] to get either a subledger and/or an explanation of what the offsets of the values in the three accounts were, and no response was provided as documented by the three email chains attached. In addition to these emails there were multiple verbal conversations between our respective accounting teams in which this information was requested.
In addition to these inventory discrepancies, we identified expenses totalling US$209,216 that should have been provisioned in the May balance sheet.
Per brief van 6 december 2024 heeft de gemachtigde van PBS Holdt It laten weten dat PBS de betaling van de resterende koopsom termijnen heeft opgeschort, omdat Hold It de garanties heeft geschonden vanwege een voorraadtekort van USD 1.533.593 en niet verwerkte kosten op de overnamebalans van USD 209.216.
3. De vordering en de beslissing in de verstekprocedure
Hold It vorderde – samengevat – dat het gerecht PBS, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, veroordeelt tot betaling van:
(I) het bedrag ad USD 2.400.000, te vermeerderen met de contractuele rente ad 6,75% per jaar over dit bedrag vanaf de datum van verzuim tot aan de dag der algehele voldoening;
(II) het bedrag ad USD 192.000, te vermeerderen met de contractuele rente ad 6,75% per jaar over dit bedrag vanaf de datum van verzuim tot aan de dag der algehele voldoening;
(III) de buitengerechtelijke incassokosten, forfaitair vast te stellen op 1½ punt van het toepasselijke liquidatietarief, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 14 dagen na dagtekening van dit vonnis;
(IV) de kosten van deze procedure inclusief de verschuldigde nakosten, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 14 dagen na dagtekening van dit vonnis.
Hold It legde aan de vordering ten grondslag dat PBS haar op grond van de koopovereenkomst nog USD 2.400.000 (in eens op grond van de Promissory Note) verschuldigd is en USD 192.000 aan reeds vervallen en onbetaalde maandelijkse termijnen.
Bij verstekvonnis van 20 oktober 2025 heeft het gerecht de vorderingen van Hold It toegewezen.
4. De vordering in verzet
PBS vordert in verzet ontheffing van de bij verstekvonnis uitgesproken veroordeling en de vordering van Hold It alsnog af te wijzen, met veroordeling van Hold It in de kosten van het geding.
PBS voert daartoe aan dat zij haar verplichting tot (na)betaling van de koopsom gerechtvaardigd heeft opgeschort, omdat Hold It haar garanties (in 5.3., 5.9., 5.10. onder 2. 5.11. en 18.1 uit de koopovereenkomst) heeft geschonden en dat zij schade heeft geleden.
5. De beoordeling
Het verzet is tijdig ingesteld en PBS kan daarin worden ontvangen.
In deze zaak vordert Hold It nakoming van de koopovereenkomst en staat de vraag centraal of PBS haar betalingsverplichting uit hoofde van die overeenkomst mocht opschorten. Als dit zo is, dan moet de vordering worden afgewezen.
Het gerecht stelt voorop dat een partij bij een wederkerige overeenkomst op grond van artikel 6:262 BW het recht heeft de eigen verplichtingen (zoals een betaling) op te schorten als de andere partij haar deel van de afspraak niet, gedeeltelijk of gebrekkig nakomt.
In deze zaak heeft PBS al (in ieder geval aantoonbaar maar volgens PBS eerder) vanaf augustus 2023 aangegeven dat Hold IT volgens haar de garantieverplichtingen niet nakwam en om uitleg daaromtrent gevraagd. In meerdere overgelegde e-mails (waaronder die van 13 september 2025) van PBS aan Hold IT is onderbouwd dat volgens PBS sprake was van een voorraadtekort van USD 940.564 en niet verwerkte kosten van USD 209.216 op de overnamebalans, die niet verklaard konden worden. Uit geen van de overgelegde stukken van Hold It blijkt dat Hold It op enig moment een deugdelijke en onderbouwde verklaring heeft gegeven voor deze discrepanties. In het verzoekschrift heeft Hold It de boekhoudkundige verschillen slechts bloot betwist (‘Eiseres kan deze beweerdelijke verschillen niet plaatsen en betwist deze dan ook bij gebrek aan wetenschap’ en ‘zonder nadere toelichting, en die ontbreekt, valt niet in te zien dat eiseres enige op haar rustende (garantie)verplichting jegens gedaagde zou hebben geschonden’). Dit, terwijl PBS wel degelijk al een toelichting had gegeven. Deze toelichting heeft PBS in de reactie op het verzoekschrift herhaald.
PBS heeft naar voren gebracht dat Infotrans volgens de overnamebalans op 30 april 2023 eigenaar van voorraden (‘inventory’) was ter waarde van USD 1.588.589. Na de overdacht van de aandelen bleek evenwel dat de in werkelijkheid aanwezige voorraden een veel lagere waarde hadden, namelijk USD 593.029, derhalve een tekort van USD 940.564. Meer dan 60% van de voorraden die PBS volgens Hold lt zou overnemen bleek in werkelijkheid dus niet aanwezig te zijn. Nader onderzoek door PBS wees uit dat de boekhouding een ernstig gebrek vertoonde: de onderneming was in januari 2020 namelijk overgeschakeld op een nieuw voorraadbeheersingssysteem. De desbetreffende programmatuur bleek volgens PBS echter een fout te bevatten, waardoor geregeld bij verkoop van artikelen vanuit de voorraad de desbetreffende artikelen niet werden afgeboekt van de voorraad. Na de overname is bovendien gebleken dat kosten ter hoogte van USD 209.216 niet in de boekhouding waren verwerkt. Dit betrof onder meer kosten in verband met de voorbereiding van de jaarrekeningen over 2022, alsmede de kosten van juridische bijstand in verband met de onderhandelingen. Ook in dit opzicht is de overnamebalans dus niet juist, aldus PBS.
Ter zitting heeft Hold It (bij monde van [aandeelhouder 1], aandeelhouder van Hold It en voormalig directeur van Infotrans) naar voren gebracht dat het voorraadtekort in de boekhouding mogelijk veroorzaakt is, doordat er ‘goods in transit’ waren. Verder heeft [aandeelhouder 1] erkend dat sprake was van een systeemfout, maar volgens hem zouden er handmatige correcties hebben plaatsgevonden (zogenaamde ‘top side adjustments’). Dit zou uit de subgrootboeken moeten blijken. Hold It heeft deze stellingen op geen enkele wijze (schriftelijk) onderbouwd. Dit, terwijl PBS in eerdere correspondentie al had laten weten zelf nader onderzoek te hebben gedaan naar de ‘goods in transit’ en ‘top side adjustments’ in de boekhouding, maar dat zij deze niet had aangetroffen. Het aanbod van Hold It ter zitting alsnog stukken ter onderbouwing van haar standpunt te overleggen, is tardief en zal worden gepasseerd.
Uit het vorenstaande volgt dat voldoende vast is komen te staan dat sprake was van een voorraadtekort en niet verwerkte kosten op de overnamebalans. Het gerecht is met PBS van oordeel dat dit in beginsel een schending van de garanties uit de koopovereenkomst oplevert. De overnamebalans, de jaarrekeningen en grootboeken blijken immers onjuist te zijn.
Hold It heeft verder nog aangevoerd dat geen sprake kan zijn van het schenden van garanties, omdat PBS een uitvoerige ‘due dilligence’ heeft gedaan en bovendien zelf de overnamebalans heeft opgesteld. Het gerecht volgt Hold It hierin niet en legt dit als volgt uit.
Zoals PBS terecht naar voren heeft gebracht volgt uit artikel 9.4. expliciet dat het due dilligence onderzoek niets zou afdoen aan de verplichtingen onder de garanties. PBS mocht hoe dan ook uitgaan van de juistheid van de gegevens in de financiële stukken. Bovendien waren de subgrootboeken, waaruit volgens Hold It het voorraadtekort had kunnen worden opgemaakt – voor zover dit al het geval was – volgens PBS geen onderdeel van de ‘virtual dataroom’. De stelling van Hold It dat PBS de overnamebalans zelf heeft opgesteld – hetgeen PBS overigens betwist – leidt ook niet tot een ander oordeel. Voor zover PBS dit al zou hebben gedaan, is dit gebeurd op basis van de financiële gegevens zoals aangeleverd door Hold It. Bovendien heeft Hold It expliciet een garantie met betrekking tot de juistheid van de overnamebalans afgegeven, ongeacht wie die balans heeft opgesteld.
Tot slot heeft Hold It betoogd dat PBS op grond van artikel 11.5 van de koopovereenkomst niet bevoegd was tot opschorting van haar betalingsverplichtingen. Het gerecht volgt Hold It hierin niet. In artikel 11.5 staat immers dat een claim, in verband met een pretense schending door Hold It van een garantie in de koopovereenkomst, uitsluitend het recht geeft aan PBS tot verrekening met de laatste betalingstermijn. Zoals PBS terecht heeft aangevoerd staat een verrekeningsverbod er niet aan in de weg dat PBS zich in verband met haar vordering beroept op haar opschortingsrecht.
Dit leidt tot de slotsom dat PBS haar betalingsverplichting mocht opschorten. De vordering van Hold It zal worden afgewezen.
Het gerecht komt niet toe aan de bespreking van het beroep op dwaling van PBS en de schadevergoeding/koopprijsverlaging waarop PBS aanspraak meent te hebben of kunnen maken. Het honoreren van het beroep van PBS op artikel 6:230 lid 2 BW (als verweer) en toewijzing van de schadevergoeding/koopprijsverlaging, zou immers tot gevolg hebben dat Hold It een bedrag aan PBS moet betalen. PBS heeft daartoe geen vordering in reconventie ingediend.
Omdat Hold It in het ongelijk wordt gesteld, wordt Hold It veroordeeld in de proceskosten. De kosten van PBS worden tot aan deze uitspraak begroot op
Cg 12.000 aan gemachtigdensalaris.
6. De beslissing
Het gerecht, rechtdoende in verzet:
- vernietigt het verstekvonnis van 20 oktober 2025;
en opnieuw rechtdoende:
- wijst af het oorspronkelijk door Hold It gevorderde;
- veroordeelt Hold It in de kosten van deze procedure aan de zijde van PBS, tot aan deze uitspraak begroot Cg 12.000;
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Woerdman rechter, bijgestaan door C. Calmez, griffier, en in het openbaar uitgesproken.