GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO
Zaaknummer: CUR202602565
Vonnis in kort geding van 12 oktober 2026
in de zaak van
DIJTHAM HOME 'N GARDEN N.V., gevestigd in Curaçao,eiseres,gemachtigde: mr. S.N. Zahedi,
tegen
CARIBBEAN ALUMINIUM SOLUTIONS N.V.,
handelend onder de naam Regimac,
gevestigd in Curaçao,gedaagde,gemachtigden: mrs. A.C. Herrera en R.R. Frans,
met als in het geding betrokken derde
[DE DERDE],
wonend in Curaçao,
gemachtigden: mrs. A.C. Herrera en R.R. Frans.
Partijen worden hierna Dijtham, CAS en [de derde] genoemd.
1. Het procesverloop
Dijtham heeft op 28 juli 2026 een verzoekschrift ingediend.
Het kort geding is behandeld ter zitting van 30 september 2026, in aanwezigheid van […] namens Dijtham en [de derde] namens CAS en voor zichzelf. Ook de gemachtigden waren aanwezig. De gemachtigden hebben hun pleitnota’s voorgedragen. Vervolgens is een minnelijke regeling besproken en bereikt. De rechter heeft de gemachtigden na de zitting een concept voor de afspraken gemaild. Op 30 september en 1 oktober 2026 hebben de gemachtigden gereageerd. Partijen hebben verzocht de gemaakte afspraken vast te leggen in een vonnis en dienovereenkomstig te beslissen.
Vonnis is bepaald op vandaag.
2. De beoordeling
Het geschil heeft betrekking op de tussen partijen op 15 november 2025 gesloten overeenkomsten tot samenwerking en tot overname. Ter zitting is een algehele regeling voor het bestaande geschil besproken. De afspraken, zoals vastgelegd in de e-mails van 30 september en 1 oktober 2026, zijn de volgende:
1. CAS zal geen gebruik meer gaan maken van de website www.regimac.com, Dijtham evenmin.
2. CAS zal geen gebruik meer maken van de (handels)naam Regimac, Dijtham zal dit ook niet doen.
3. CAS zal zich tot 15 november 2027 onthouden van directe of indirecte bedrijfsmatige handel met of benadering van leveranciers […], dit op straffe van verbeurte van een boete van Cg 5.000 voor iedere keer dat CAS hiermee in strijd handelt, met een maximum van Cg 100.000.
4. [ [De derde] neemt de verplichtingen 1) tot en met 3) ook persoonlijk op zich en zal ook niet via enige andere entiteit in strijd handelen met die verplichtingen. Hij verbindt zich ook persoonlijk aan het boetebeding onder 3).
5. Dijtham zal voortaan, voor het geval dat niet al gebeurt, haar bestellingen bij [naam leverancier] rechtstreeks plaatsen.
6. Dijtham zal CAS uiterlijk op 15 oktober 2026 tegen finale kwijting een afgerond bedrag van Cg 8.000 betalen op een door CAS op te geven bankrekening. Dit bedrag is tot stand gekomen op basis van een berekening/schatting van de waarde van de bij Dijtham aanwezige goederen, het verlies over 2025 en de winst over het eerste half jaar van 2026, met verrekening van hetgeen partijen verder nog van elkaar te vorderen hebben. Het arbeidsgeschil tussen Dijtham en […] staat hier los van.
7. Na de onder 6) bedoeld betaling hebben partijen niets meer van elkaar te vorderen uit hoofde van de vorderingen in dit kort geding, de samenwerkingsovereenkomst en de overnameovereenkomst. Er volgt geen bodemprocedure meer.
8. Het kort geding wordt geroyeerd, met compensatie van proceskosten (ieder draagt de eigen kosten).
Zoals door partijen verzocht, zal beslist zal worden als hierna omschreven.
3. De beslissing
Het gerecht:
rechtdoende in kort geding:
veroordeelt CAS de onder 2.1 opgenomen afspraken 1), 2) en 3) na te komen, wat betreft afspraak 3) op straffe van verbeurte van een boete van Cg 5.000 voor iedere keer dat CAS hiermee in strijd handelt, met een maximum van Cg 100.000;
veroordeelt [de derde] de onder 2.1 opgenomen afspraken 1), 2), 3) en 4) na te komen, wat betreft afspraak 3) op straffe van verbeurte van een boete van Cg 5.000 voor iedere keer dat [de derde] hiermee in strijd handelt, met een maximum van Cg 100.000;
veroordeelt Dijtham de onder 2.1 opgenomen afspraken 5) en 6) na te komen;
verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;
verstaat dat niet langer behoeft te worden beslist op hetgeen meer of anders is gevorderd;
compenseert de proceskosten in die zin dat partijen de eigen kosten dragen.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.E. de Kort, rechter, en in het openbaar uitgesproken.