Uitspraak van 17 maart 2026
BBZ nr. CUR20250787
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO
UITSPRAAK
op het beroep in de zin van de
Landsverordening op het beroep in belastingzaken van:
[Belanghebbende] , voorheen gevestigd te Curaçao,
belanghebbende,
gericht tegen:
DE INSPECTEUR DER BELASTINGEN, zetelend in Curaçao,
de Inspecteur.
1. PROCESVERLOOP
Aan belanghebbende zijn op 21 juni 2024 een naheffingsaanslag en verzuimboete winstbelasting (WB) over het jaar 2022 opgelegd. Op het aanslagbiljet staan de volgende gegevens:
Naheffingsaanslag:
Verschuldigde belasting:
NAf.
61.260,00
Tijdig betaald / Reeds aangeslagen:
NAf.
0.00
-
Naheffingsbedrag:
NAf.
61.260,00
Boete:
NAf.
9.189,00
+
Sub totaal:
NAf.
70.449,00
Te laat betaald:
NAf.
61.260,00
-
Te betalen:
NAf.
9.189,00
Belanghebbende heeft op 19 augustus 2024 daartegen bezwaar gemaakt.
De Inspecteur heeft op 9 januari 2025 uitspraak op bezwaar gedaan en de naheffingsaanslag en verzuimboete gehandhaafd.
Belanghebbende heeft op 6 maart 2025 beroep ingesteld tegen de uitspraak van de Inspecteur. Belanghebbende heeft daarvoor een bedrag aan griffierecht betaald van NAf 150.
Belanghebbende heeft op 29 oktober 2025 een e-mail gestuurd naar het Gerecht. De Inspecteur heeft daar op 17 november 2025 op gereageerd. Vervolgens heeft de Inspecteur op 24 november 2025 een e-mail gestuurd naar het Gerecht. Belanghebbende heeft daar vervolgens weer op 27 november 2025 op gereageerd.
De zitting heeft plaatsgevonden op 28 november 2025 te Willemstad. Partijen zijn met voorafgaand bericht niet verschenen.
2. OVERWEGINGEN
Ontvankelijkheid beroep
Onder verwijzing naar de ontbinding en het ophouden te bestaan van belanghebbende stelt de Inspecteur zich in zijn e-mail van 24 november 2025 op het standpunt dat belanghebbende in beroep niet-ontvankelijk verklaard dient te worden. De gemachtigde van belanghebbende heeft dit beaamd.
Belanghebbende is op 30 december 2024 ontbonden. Het beroep bij de belastingrechter is door de gemachtigde namens belanghebbende ingesteld op 6 maart 2025. Op dat moment was belanghebbende reeds opgehouden te bestaan. Door of namens belanghebbende konden er op dat moment geen rechtshandelingen meer worden verricht, zoals het instellen van beroep. Gesteld noch gebleken is dat de vereffening op enig moment is heropend.
Het beroep is niet-ontvankelijk. Het Gerecht beoordeelt de zaak dus niet inhoudelijk. Belanghebbende krijgt daarom het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.
3. DE BESLISSING
Het Gerecht verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gegeven door mr. drs. P.A.M. Pijnenburg, rechter, en uitgesproken op 17 maart 2026, in tegenwoordigheid van de griffier mr. L.M. de Leeuw van Weenen.
De griffier, De rechter,
Afschriften zijn per post/ per e-mail op ………………………… aan partijen verzonden.
HOGER BEROEP
Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen twee maanden na de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie (belastingkamer)
Emancipatie Boulevard Dominico “Don” Martina 18
Willemstad
Curaçao
U wordt verzocht bij het indienen van het beroepschrift het volgende in acht te nemen:
1. Leg bij het beroepschrift een afschrift over van deze uitspraak;
2. Onderteken het beroepschrift en vermeld het volgende:
a. de naam en het adres van de indiener,
b. de dagtekening,
c. waartegen u in beroep komt,
d. waarom u het niet eens bent met deze uitspraak (de gronden van het hoger beroep).
Partijen hebben ook de mogelijkheid het ondertekende beroepschrift per e-mail in te dienen bij de griffie van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie:
belastinggriffie@caribjustitia.org.
Voor het instellen van hoger beroep is het volgende bedrag aan griffierecht verschuldigd:
- natuurlijke personen: Cg 200
- personenvennootschappen en rechtspersonen: Cg 500