GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO
Zaaknummer: CUR202504113
Vonnis van 4 mei 2026
in de zaak van
[EISERES],
wonend in Curaçao, eiseres, gemachtigden: mrs. R.M.L. Conquet en C.G. Diesveld,
tegen
[GEDAAGDE],
wonend in Curaçao, gedaagde,
procederend in persoon.
1. Het procesverloop
Het procesverloop blijkt uit:
het verzoekschrift van 8 oktober 2025,
de brief van gedaagde van 8 december 2025,
de e-mail van gedaagde van 23 maart 2026,
de mondelinge behandeling van 26 maart 2026, waarbij partijen in persoon zijn verschenen, eiseres vergezeld van mr. Diesveld,
de pleitnotities van mr. Diesveld.
Vonnis is bepaald op vandaag.
2. De beoordeling
Eiseres (geboren in 1957) is op 28 april 2023 rond 17.30 uur door twee honden aangevallen toen zij langs de woning […] te Welgelegen liep. De honden hebben haar gebeten in haar benen, waarbij zij ten val is gekomen. Zij is met de ambulance overgebracht naar het ziekenhuis voor behandeling.
Eiseres heeft bij de politie aangifte gedaan tegen gedaagde. Het proces-verbaal van aangifte van 22 mei 2023 luidt als volgt:
“lk wil aangifte doen omdat ik door honden werd gebeten.
lk woon te […] bij Seru Pretu.
Op het adres […] zijn er veel honden op het erf. De honden lopen los en komen zodoende op straat en vallen langslopen mensen aan. Dit is vaker gebeurt.
Op vrijdag 28 april 2023, omstreeks 17:30 uur, liep ik op de […] weg.
Voornoemd huis is gelegen net op de hoek gevormd door de […] weg en […] weg. Toen ik voorbij de woning te […] weg liep zag ik hoe een van de honden van uit de portier van voornoemd woning de straat op liep en in mijn richting kwam. Het was een hond met licht bruine vacht.
lk werd door deze hond meteen aangevallen, ik probeerde mijzelf te verdedigen door hem weg te jagen door te schreeuwen en schoppen, maar de hond heeft mij van achteren aan mijn rechteronderbeen gebeten.
Door de pijn van de bijt viel ik achteruit, hard op mijn rug, tegen de vlakte. lk heb nog steeds last van mijn rug door die val.
Op de gerond probeerde ik de hond af te schrikken door te schreeuwen en te trappen. Maar dit hielp niet. Er kwam een tweede hond erbij. Deze hond was iets donkerder van kleur en had ook witte vlekken. Waar precies kan ik niet meer zeggen.
Op een gegeven moment werd ik aan beide benen gezamenlijk gebeten door de honden.
De aanval duurde best lang. Door mijn geschreeuw kwam een paar jongens in de buurt kijken wat er gaande was, waardoor de honden op hun erf, […], terugtrokken.
De Portier van het erf op bedoeld adres stond open, in ieder geval niet op een manier om honden op hun erf te houden.
Tijdens de aanval had ik ook geen hulp gekregen van niemand nog de eigenaar van de honden.
De ambulance was kort hierna ter plaatse gekomen. De politie ook. Toen ik behandeld werd door het personeel van de ambulance hoorde ik de eigenaar van de honden tegen de politie zeggen, dat hij de medische kosten niet zou kunnen vergoeden omdat hij werkloos is. Daarna werd ik door de ambulance getransporteerd naar de CMC voor verdere behandeling. Later begreep ik dat de eigenaar de man bekend als "[…]" moet zijn. […] is woonachtig op het adres […].
[…]
lk wil hierdoor aangifte doen tegen "[…]". Het is niet de eerste keer dat deze honden uit hun tuin lopen en personen op de openbare weg aanvallen en bijten.”
Eiseres stelt dat gedaagde als bezitter van de honden op grond van de risicoaansprakelijkheid voor dieren (art. 6:179 BW) en op grond van onrechtmatige daad (art. 6:161 BW) aansprakelijk is voor de door haar geleden materiële schade (Cg 7.200) en immateriële schade (Cg 2.500). Haar vordering strekt tot veroordeling van gedaagde tot betaling hiervan, vermeerderd met rente en kosten.
Gedaagde (geboren in 1986) betwist dat het zijn honden waren die eiseres hebben gebeten. Hij stelt dat ook de na het incident ter plaatse gekomen politieagenten hebben geconstateerd dat zijn honden zich niet buiten het erf van [adres] bevonden en geen agressief gedrag vertoonden. Met verwijzing naar een overgelegde foto stelt gedaagde dat er vaker andere honden loslopen in de straat. Gedaagde betwist daarom aansprakelijk te zijn voor de schade. Ook heeft gedaagde opgemerkt dat hij tien jaar gevangen heeft gezeten en geen werk en inkomen heeft. Volgens de door hem overgelegde inkomensverklaring was zijn aangegeven belastbaar inkomen over 2024 nihil.
Als komt vast te staan dat de honden die eiseres hebben aangevallen honden van gedaagde waren, is gedaagde voor de schade aansprakelijk en kan hij worden veroordeeld tot betaling van schadevergoeding. Dat gedaagde geen geld heeft, kan niet aan toewijzing van de vordering in de weg staan.
Gelet op de betwisting door gedaagde, kan bij de huidige stand van zaken niet worden vastgesteld dat gedaagde de bezitter was van de honden die eiseres hebben gebeten. Eiseres zal in de gelegenheid worden gesteld bij akte haar eventuele nadere bewijzen over te leggen en eventuele nadere bewijsmiddelen te vermelden. Zij kan daarbij te kennen geven of zij tot bewijs wil worden toegelaten. Ter verduidelijking heeft het gerecht in elk geval behoefte aan foto’s van de situatie ter plaatse, al dan niet afkomstig van Google Earth of Streetview.
3. De beslissing
Het gerecht:
verleent eiseres verlof kosteloos te procederen;
stelt eiseres in de gelegenheid tot het nemen van een akte uitlating bewijs (P1, in beginsel geen uitsel) en verwijst de zaak daartoe naar de rolzitting van maandag 29 juni 2026;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.E. de Kort, rechter, bijgestaan door J.B.S. van Riel, griffier, en in het openbaar uitgesproken.