ECLI:NL:OGEAM:2025:133

ECLI:NL:OGEAM:2025:133, Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten, 02-12-2025, SXM202500365

Instantie Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten
Datum uitspraak 02-12-2025
Datum publicatie 15-12-2025
Zaaknummer SXM202500365
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig

Samenvatting

Bouwzaak Sint Maarten. Overeenkomst ontbonden. Aannemer veroordeeld tot betalen van kosten afronding werkzaamheden

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN SINT MAARTEN

Zaaknummer: SXM202500365

Vonnisdatum: 2 december 2025

in de zaak van

1. [eiser 1],

2. [eiser 2],

beiden wonende in Sint Maarten,

eisers,

gemachtigde: mr. B. Brooks, mr. T.T.P. Heymans,

tegen

1. de naamloze vennootschap THE FORCE PLUS N.V.,

gevestigd in Sint Maarten,

gedaagde,

gemachtigde: gedaagde 2

2. [gedaagde 2],

wonende in Sint Maarten,

gedaagde.

Partijen zullen hierna [eiser], The Force en [gedaagde] worden genoemd.

1. Het procesverloop

- Het procesverloop blijkt uit: het inleidend verzoekschrift met producties, op 3 april 2025 ter griffie ingediend;

- de conclusie van antwoord van 26 mei 2025 met producties.

De mondelinge behandeling heeft op 13 november 2025 plaatsgevonden in aanwezigheid van eisers, hun gemachtigde en The Force en haar gemachtigde [gedaagde]. Bij gelegenheid van deze mondelinge behandeling hebben partijen hun wederzijdse standpunten nader uiteengezet, mede aan de hand van vragen van het Gerecht.

Vonnis is bepaald op vandaag.

2. De feiten

Op 8 juni 2023 hebben partijen een bouwovereenkomst gesloten. Op dezelfde

datum is ook nog een addendum toegevoegd aan hun overeenkomst. The Force zou

voor [eiser] een vier-slaapkamer woning inclusief zwembad bouwen, volgens

de door [eiser] aangeleverde bouwtekeningen en bouwvereisten.

The Force is verantwoordelijk om al het benodigde materiaal, gereedschap en

apparatuur aan te leveren en/of hiervoor te betalen om als zodanig een tijdige

oplevering te kunnen bewerkstelligen.

Partijen komen overeen dat voor materiaal en arbeid, het begrote bedrag van

USD 288.800,- in tranches, zal worden voldaan. Voordat een periodieke tranche

uitkering plaatsvindt, dient er door The Force een voortgangsrapport te worden

verschaft, die door de verzekering (Nagico) dient te worden goedgekeurd. Na

goedkeuring van dergelijk rapport wordt er uitgekeerd.

Van het bedrag, USD 288.800,- zal 5% (USD 14.680,-) ingehouden worden

voor een periode van 30 dagen na voltooiing van de constructiewerkzaamheden in

verband met eventuele kosten voor aanvullend materiaal of aanvullende

werkzaamheden. In aanvulling hierop wordt 60 dagen na overdracht en oplevering,

een additionele 5% ingehouden voordat dit bedrag zal worden uitbetaald. Indien

het ingehouden bedrag niet toereikend blijkt, dan blijft The Force hiervoor

verantwoordelijk.

In totaal werd door [eiser] een bedrag van USD 245.164,23 aan The

Force en leveranciers voldaan, USD 114.960,40 direct aan The Force.

De bouw van het gehele project (woning, steunmuren, op- en afrit,

parkeerplaatsen en zwembad) diende niet later dan 7 februari 2024 te zijn voltooid.

Na een eerste uitstel tot april 2024 werd met wederzijds goedvinden uiteindelijk een

31 juli 2024 als nieuwe opleveringsdatum overeengekomen. Deze opleveringsdatum

werd niet gerealiseerd door The Force. Op 31 juli 2024 heeft [eiser] The Force in

gebreke gesteld.

Op 8 november 2024 volgde nog een 'letter of summons' (aanmaning)

verstuurd naar gedaagden, waarin The Force en Lynch verzocht werd om het

overgebleven bedrag van USD 46.634,23 van wat in totaal naar gedaagden werd

overgemaakt, te retourneren.

Op 7 februari 2025 zijn gedaagden aangeschreven door de gemachtigde van

[eiser] tot betaling van het terug te betalen bedrag en aanvullende schade.

3. Het geschil

eiser] vordert, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:

a. Voor recht te verklaren dat gedaagden wanprestatie hebben gepleegd en dat

eisers daardoor schade hebben geleden;

b. Voor recht te verklaren dat gedaagden hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de

door eisers geleden schade als gevolg van de niet nakoming van de

overeenkomst;

c. gedaagden hoofdelijk te veroordelen tot vergoeding van de door eisers geleden

schade begroot op USD 112.474,23, te vermeerderen met de wettelijke rente

daarover vanaf 31 juli 2024, tot aan de dag der algehele voldoening;

d. Gedaagden hoofdelijk te veroordelen tot vergoeding van de door eisers

gemaakte buitengerechtelijke juridische kosten van USD 2.355,93;

e. Gedaagden hoofdelijk te veroordelen in de kosten van deze procedure,

daaronder begrepen de zegels, griffierechten, deurwaarders- en overige

gedingskosten, alsook een bedrag aan salaris gemachtigde.

eiser] legt aan de vordering het volgende ten grondslag.

In deze zaak is de nakoming van de overeenkomst door The Force blijvend

onmogelijk. De tekortkoming in de nakoming heeft als gevolg dat [eiser] de

volgende kosten/schade hebben geleden.

Vertragingsschade door het nalaten en uitstel van de bouw door gedaagden

volgens paragraaf 9.1 van de bouwovereenkomst: USD 10.000,-;

Huur van een appartement, als gevolg van de vertraging van het project:

USD 1.000,- per maand;

Kosten om het project af te maken. Deze zijn aanzienlijk gestegen. Ingevolge

paragraaf 9.2 van het bouwovereenkomst blijven deze kosten voor rekening van

The Force. Dit is een bedrag van USD 93.474,23;

Kosten voor juridische bijstand, begroot op USD 2.355,93.

Eisers hebben een aannemer kunnen vinden die een rapport aan

Nagico heeft kunnen verschaffen om zodoende de constructie m.b.t. de

woning voort te kunnen zetten. Verzoekers hebben op 24 maart 2025 een

evaluatierapport mogen ontvangen van deze aannemer, waarop op de

laatste pagina duidelijk werd aangegeven dat om het project af te

maken er USD 54.700.- benodigd is.

The Force heeft het volgende tot verweer gevoerd.

De vertragingsschade van USD 10.000,- is juist. Het terug te betalen bedrag van

USD 46.634,23 is te onduidelijk. [eiser] moet dat onderbouwen.

Daarnaast heeft The Force op de eerste verdieping stenen van 8" gebruikt in plaats

van de overeengekomen stenen van 6". Daarnaast is er een retaining wall gemaakt

om erosie te voorkomen. Dat leidt tot een substantiële verhoging van de kosten van

USD 37.680,-.

De kosten voor de verdere afbouw van hete project bedragen USD 54.700,- zoals

blijkt uit het door [eiser] overgelegd rapport.

De kosten voor vervangende woonruimte zouden moeten worden beperkt tot één

jaar.

The Force neemt het standpunt in dat er tijdens de bouw dingen niet goed zijn

gegaan, maar dat dat een gedeelde verantwoordelijkheid met [eiser] is, zodat

de schade ook moet worden verdeeld.

Ten slotte is niet begrijpelijk hoe [eiser] op het gevorderde bedrag van

USD 112.474,23 komt.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader

ingegaan.

4. De beoordeling

vertragingsschade

Artikel 9.1. van de overeenkomst bepaalt:

"In the event the work is delayed due to neglect of the Contractor and after issuance of notice to (re)commence work by the Owners, the contractor agrees to pay the Owners the sum of US $100.00 per Day- in a workweek of five (5) days, Mondays through Fridays- as liquidated damages until such time as the work is completed. Or to the maximum amount of Ten Thousand United States Dollar"

The Force erkent dat zij niet tijdig heeft opgeleverd. Het gevorderde maximumbedrag van USD 10.000,- is daarom toewijsbaar.

kosten vervangende woonruimte

Als gevolg van het verzuim heeft [eiser] vanaf augustus 2024 tijdelijk

andere woonruimte moeten vinden. The Force is het eens met een bedrag van

USD 1.000,- per maand. Het Gerecht vindt het redelijk om de huurperiode te laten

doorlopen tot en met december 2025. Een bedrag van USD 17.000,- is daarom

toewijsbaar.

begrote kosten voor afronding

Beide partijen hebben het rapport Valuation of Real Property van House of

Designz van 24 maart 2025 in het geding gebracht. Op grond van de conclusies in

dat rapport en de ter zitting door [eiser] aangetoonde daadwerkelijke uitgaven,

heeft [eiser] voldoende onderbouwd dat de kosten voor afronding van alle

werkzaamheden het gevorderde bedrag van USD 93.474,23 bedragen. Dat bedrag is

daarom ook toewijsbaar.

Dat dit bedrag inmiddels hoger is geworden als gevolg van mogelijke

prijsstijgingen, komt voor risico van The Force.

Artikel 9.2 van de bouwovereenkomst bepaalt:

"Increase in prices of materials and salaries shall be for the account of the Contractor and have no effect on the extent of the construction price or works to be executed".

kosten retaining wall

eiser] heeft als reactie op het verweer van The Force aangevoerd dat

[gedaagde] het te bebouwen terrein van tevoren zelf heeft geïnspecteerd, dat alle

woningen in de buurt een retaining wall hebben, maar bovenal dat de retaining wall

al op de bouwtekeningen staat. Dat laatste bleek ter zitting genuanceerder te liggen.

Er staan drie retaining walls ingetekend, geletterd A, B en C. De retaining wall die

The Force bedoeld, was een extra muur. Daarover hebben partijen per Whatsapp

overlegd. The Force heeft voldoende onderbouwd dat het hier gaat om extra kosten,

die tijdens het project zijn opgekomen. Het mag zo zijn, dat [gedaagde] dit ook van

tevoren zou hebben kunnen zien, maar ook dan zouden er extra kosten mee

gemoeid zijn. Het in mindering te brengen bedrag van USD 12.900,- komt het Gerecht niet onredelijk voor.

Gelet op wat hiervoor is overwogen, ziet het Gerecht geen aanleiding om de

kosten over beide partijen te verdelen. Toewijsbaar is zodoende:

kosten afronding project USD 93.474,23

vertragingsschade USD 10.000,00

vervangende woonruimte USD 17.000,00-

USD 120.474,23

af: kosten retaining wall

totaal

USD 12.900,00 -/-

USD 107.574,23

buitengerechtelijke kosten

The Force heeft niet betwist dat er buitengerechtelijke werkzaamheden zijn

verricht, waarvoor [eiser] kosten heeft moeten betalen. Het Gerecht zal volgens

het Procesreglement 2023 een bedrag van Cg 3.000,- toewijzen.

persoonlijke aansprakelijkheid [gedaagde]

Artikel 14.1 van de overeenkomst bepaalt:

"[gedaagde], hereby personally guarantees the execution and proper fulfillment of this agreement by the Contractor."

[gedaagde] heeft zijn persoonlijke aansprakelijk ook niet betwist en daarom zijn alle

vorderingen ook jegens hem toewijsbaar.

verklaringen voor recht

Gelet op de toe te wijzen bedragen en hoofdelijke veroordeling daartoe,

bestaat geen belang bij de gevorderde verklaringen voor recht. Die zullen dus niet

worden toegewezen.

proceskosten

The Force en [gedaagde] zullen als de grotendeels in het ongelijk te stellen partij

in de proceskosten worden veroordeeld. Deze kosten worden aan de zijde van

[eiser] tot op heden begroot op:

zegelkosten Cg 35,00

explootkosten Cg 269,50

griffierecht Cg 2.020,00

salaris gemachtigde

totaal:

Cg 4.000,00 + (2,0 punten x Cg 2.000)

Cg 6.324,50

5. De beslissing

Het Gerecht:

veroordeelt [gedaagde] en The Force hoofdelijk tot betaling aan [eiser] van een bedrag van USD 107.574,23, vermeerderd met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 31 juli 2024 tot aan de dag van algehele voldoening;

veroordeelt The Force en [gedaagde] hoofdelijk in de proceskosten, aan de zijde van [eiser] tot op heden begroot op Cg 6.324,50;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. L.J. Saarloos, rechter, bijgestaan door M.J. Schutjes, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 2 december 2025.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. L.J. Saarloos

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?