GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN SINT MAARTEN
Zaaknummer: SXM202201433
Vonnisdatum: 23 juni 2026
in de zaak van
[X],
wonende in Sint Maarten,
eiser in conventie,
gedaagde in reconventie.
gemachtigde: mr. P.A.M. Brandon,
tegen
1. [Y], en
2. [Z],
beiden wonende in Sint Maarten,
gedaagden,
eisers in reconventie,
gemachtigde: mr. C.R. Martinus,
terwijl als erfgenamen van [naam 1] ook zijn verschenen:
Partijen zullen hierna bij hun voornaam worden genoemd.
1. Het procesverloop
Het procesverloop blijkt uit:
het tussenvonnis van 18 februari 2025;
de akte van 13 mei 2025 van de zijde van [X];
de akte van 24 juni 2025 van de zijde van [X];
de rolbeslissing van 8 juli 2025;
de rolbeslissing van 30 september 2025
de akte van 28 oktober 2025 van de zijde van [X];
de comparitie van partijen op 5 november 2025, in de gelijklopende zaak SXM202500103;
de rolbeslissing van 18 november 2025;
de akte van 20 januari 2026 van [X];
de comparitie van partijen van 17 februari 2026, waarbij mr. Brandon pleitaantekeningen heeft overgelegd;
de akte van 10 maart 2026 van [X], houdende een eiswijziging;
de comparitie van partijen van 5 mei 2026, gevolgd door een huisbezoek bij [Y].
Vonnis is bepaald op vandaag.
2. De feiten
naam 1] was gehuwd met [Y]. Uit hun huwelijk zijn vijf kinderen geboren:
- [ naam 4], overleden op [datum],
- [ naam 2],
- [ X],
- [ naam 3] en
- [ Z].
Dit geschil ziet kort gezegd op percelen land, die onderdeel vormen en vormden van de nalatenschap van [naam 1] (overleden op [datum]), de vrouw van [Y] en de moeder van [X] en [Z].
Y]. heeft op enig moment na het overlijden van zijn vrouw [naam 1] een document opgesteld, dat de basis is voor verschillende latere rechtshandelingen. Het document wordt hier geheel geciteerd:
[Y] [adres], Sint Maarten
To whom it may concern.
I would like to make known that with respect to my inheritance from my deceased wife, Mrs. [naam 1], I have decided to dispose of (part of) this inheritance by donation to my children with my deceased wife. The property subject to the donation from the inherited estate at my disposal pertains to:
1. Our home in Betty's Estate, Cul De Sac, situated on the parcels of land described in C/A's SXM CDS […/….] and SXM CDS […/….];
2. An undivided share of 7/12 of a tract of land in Betty's Estate, Cul De Sac, as described in C/A SXM CDS […/….], including parcels of land forming part of that property and not previously transferred, as described in C/A SXM CDS […/….]and SXM CDS […/….];
3. The remainder of an undivided share of 7/12 of a part (share of [naam 1]) of the tract of land in Upper Prince's Quarter, known as the Bloomingdale Estate, described in C/A SXM UPQ […/….];
The manner in which I will donate the property in question is as follows:
1. The property described in sub. 1 (above), as described in C/A's SXM CDS […/….] and SXM CDS […/….] in full ownership to my daughter [Z];
2. The property described in:
A. sub. 2 (above), as described in C/A's SXM CDS […/….], SXM CDS […/….] and SXM CDS […/…], and
B. Sub. 3 (above), being part of the Bloomingdale Estate described in C/A […/….], which is to be divided among my children with my deceased wife in accordance with the following allocation:
- [naam 2]: for a part of 1/12; - [X]: for a part of 1/12; - [naam 3]: for a part of 1/12; - [Z]: for a part of 4/12,
The above constituting the total of my share of inheritance of an amount of total 7/12 of the properties aforementioned.
[Y] Witness: [name]
(signature, legalised) (signature, legalised)
3. Het geschil in conventie en in reconventie
In conventie
X] vordert, na wijziging van eis, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:
Voor recht te verklaren dat eiser, als kind van [Y] en erfgenaam van wijlen [naam 1], een rechtens te respecteren en gerechtvaardigd belang heeft bij bescherming van de vermogensbestanddelen die deel uitmaken van, dan wel behoren tot, het vermogen van [Y] en de nalatenschap van [naam 1], voor zover deze vermogensbestanddelen mede bestemd zijn ter voldoening van de aanspraken van eiser en overige gerechtigden;
Voor recht te verklaren dat eiser uit hoofde van zijn positie als erfgenaam een te verwachten aanspraak heeft op een kindsdeel in de nalatenschap van wijlen [naam 1], waarvan de omvang dient te worden vastgesteld op basis van een evenredig aandeel in de totale waarde van de nalatenschap, daarbij mede in aanmerking nemende: A] de waarde van de vermogensbestanddelen die reeds aan de nalatenschap zijn onttrokken door middel van donaties aan [Z], alsmede de vruchten en inkomsten die uit tot de nalatenschap behorende vermogensbestanddelen zijn gegenereerd, waaronder huurinkomsten, welke waarde thans indicatief kan worden begroot op ten minste ANG 123.150,56, althans op een door het Gerecht in goede justitie te bepalen bedrag; B] de percelen dan wel perceelsdelen die naar de wens van wijlen [naam 1], zoals door haar bij leven kenbaar gemaakt, evenredig aan haar kinderen zouden toekomen, en die derhalve bij de bepaling van de omvang van de nalatenschap en de daarop gebaseerde kindsdelen in aanmerking dienen te worden genomen;
Voor recht te verklaren dat de door gedaagden verrichte donaties, overdrachten en overige rechtshandelingen met betrekking tot vermogensbestanddelen van [Y] en/of de nalatenschap van [naam 1] hebben geleid tot een substantiële onttrekking van waarde aan het vermogen waaruit de aanspraken van eiser en overige gerechtigden moeten worden voldaan, en dat verdere overdrachten of vervreemdingen van deze vermogensbestanddelen het verhaal van deze aanspraken ernstig in gevaar brengen;
Voor recht te verklaren dat de reeds verrichte rechtshandelingen, waaronder de donaties en overdrachten van vermogensbestanddelen, onder de gegeven omstandigheden kwalificeren als onrechtmatig handelen jegens eiser, althans als handelen in strijd met de maatschappelijke zorgvuldigheid, en dat gedaagden gehouden zijn de schade die daaruit voortvloeit te vergoeden;
Voor recht te verklaren dat eiser gerechtigd was en is conservatoir beslag te leggen ter verzekering van zijn te verwachten vorderingen, en te bepalen dat de gelegde beslagen blijven rusten op de navolgende percelen: • Bloomingdale Estate […/….] • Bloomingdale Estate […/….] • Bloomingdale Estate […/….] • SXM CDS […/….] • SXM CDS […/….], zulks ter bescherming van de vermogensbestanddelen die bestemd zijn voor het verhaal van de aanspraken van eiser en overige gerechtigden;
Gedaagden hoofdelijk te veroordelen tot vergoeding van de door eiser geleden en nog te lijden schade als gevolg van de onrechtmatige handelingen, nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet;
Gedaagden te veroordelen in de kosten van deze procedure.
X] legt aan de vordering het volgende ten grondslag:
• het onrechtmatig handelen van gedaagden bestaande uit het onttrekken van
vermogensbestanddelen aan het vermogen van [Y] en aan de
nalatenschap van wijlen [naam 1],
• het door middel van donaties en overdrachten systematisch uithollen van het
vermogen waaruit de aanspraken van eiser en overige erfgenamen moeten
worden voldaan,
• alsmede het frustreren van het verhaal van de toekomstige aanspraken van
eiser.
De gewijzigde eis is ingegeven door het fundamentele beginsel dat het recht effectieve bescherming dient te bieden tegen handelingen die erop gericht zijn vermogensbestanddelen aan verhaal te onttrekken. Indien immers wordt toegestaan dat door middel van opeenvolgende overdrachten of donaties het vermogen waaruit aanspraken van gerechtigden behoren te worden voldaan feitelijk wordt uitgehold, ontstaat een situatie waarin de latere uitoefening van die aanspraken illusoir wordt gemaakt.
De wijziging van de eis strekt ertoe het Gerecht een adequaat instrument te bieden om de bestaande toestand te behouden totdat duidelijkheid bestaat over de omvang van het vermogen en de aanspraken van de betrokken gerechtigden. Daarmee wordt voorkomen dat door verdere overdrachten of vervreemdingen een onomkeerbare situatie ontstaat waarin het vermogen waarop erfgenamen aanspraak kunnen maken feitelijk al is verdwenen.
Het doel van de onderhavige procedure is nadrukkelijk niet het beperken van de
beschikkingsvrijheid van [Y] als zodanig, maar het voorkomen dat door
rechtshandelingen die onder de gegeven omstandigheden als dubieus moeten worden aangemerkt, een onomkeerbare uitholling van het vermogen plaatsvindt ten nadele van gerechtigden. Het systematisch onttrekken van vermogensbestanddelen met het oogmerk het verhaal van toekomstige aanspraken van gerechtigden te frustreren is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar.
Z] en [Y] hebben het volgende als verweer aangevoerd. Tijdens de door [X] aangevallen rechtshandelingen was [Y] compos mentis. Hij mag zelf beslissen wat hij met zijn vermogen doet.
In reconventie
Z] en [Y] hebben in reconventie gevorderd om bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, [X] te veroordelen over te gaan tot het opheffen van de beslagen op de percelen met de kadastrale aanduidingen SXM CDS […/….], SXM CDS […/….], SXM UPQ […/….], SXM UPQ […/….] en SXM UPQ […/….], met veroordeling van [X] in de kosten van het geding.
Aan deze vordering leggen [Z] en [Y] het volgende ten grondslag. De beslagen op de percelen SXM CDS […/….] en SXM CDS […/….] zijn onnodig gelegd.
Het beslag op de percelen in de Bloomingdale Estate is onterecht gelegd en zal moeten worden opgeheven. Onduidelijk is waarom -op de dag waarop het beslag is gelegd- het kadaster wijlen [naam 1] als (volledig) eigenaar van deze percelen aanmerkte.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
4. De beoordeling
in conventie
Na het overlijden van haar moeder heeft [Z] via volmachten van haar vader een aantal onroerend goed transacties uitgevoerd, waarbij diverse percelen grond op haar eigen naam zijn gezet. Met andere woorden, [Z] heeft deze percelen via de volmachten door haar vader aan zich laten leveren. De vraag is of zij dat mocht doen. Hierbij is van belang dat de volmachten zijn gegeven door haar vader en de notaris deze volmachten kennelijk als rechtmatig heeft beoordeeld. Zoals [X] in zijn verklaringen in deze procedure erkent, staat het zijn vader vrij om over zijn eigen vermogen te beschikken. Zijn standpunt dat zijn vader “in alle toonaarden” heeft ontkend ooit een akte te hebben getekend voor enige overdracht heeft hij in deze procedure niet kunnen onderbouwen.
De rechter heeft op de zitting van 5 mei 2026 geprobeerd in contact te komen met [Y] en is met de beide gemachtigden afgereisd naar de woning van [Y]. De rechter heeft hem daar een aantal vragen gesteld. [Y] was moeilijk te verstaan en het was duidelijk dat hij de vragen niet begreep. Het was daarom niet mogelijk om hem te confronteren met de inhoud van het hiervoor onder 2.3. opgenomen document, waarbij [Z] overduidelijk bevoordeeld werd ten opzichte van haar twee broers en zuster. En ook kon aan hem niet worden voorgelegd waarom hij de volmachten aan [Z] heeft verstrekt. Duidelijk is wel dat van iedere rechtshandeling die vanaf nu in naam van [Y] zal worden verricht, niet kan worden gezegd dat die met zijn instemming is.
[Z] heeft in haar conclusie van antwoord een verklaring in het geding gebracht van een arts, die verklaart [Y] op 26 september 2017 te hebben onderzocht. Op basis van dat onderzoek stelt de arts vast dat [Y] zich op dat moment volledig bewust was van tijd, plaats en persoon, en bovendien bij zijn volle verstand was.
Bij deze stand van zaken moet het Gerecht uitgaan van de juistheid en rechtmatigheid van de volmachten.Paulianeuze leveringen?
Een volgende vraag is of [Z] en [Y] op deze wijze ‘paulianeus’ hebben gehandeld ten opzichte van [X]. Daartoe zouden de rechtshandelingen onverplicht moeten zijn, zouden [X] daadwerkelijk zijn benadeeld en zouden [Z] en [Y] die opzet op de benadeling ook moeten hebben gehad.
[Z] heeft hierover in de conclusie van antwoord gesteld dat [Y] alle betreffende percelen aan [Z] heeft overgedragen, zodat deze niet in de nalatenschap van [Y] zouden komen te vallen indien hij zou komen te overlijden. Dat deze rechtshandeling onverplicht was, is duidelijk. Het Gerecht is van oordeel dat in deze situatie echter geen sprake is van benadeling van schuldeisers. [X] is namelijk op dit moment geen schuldeiser van [Y]. Als [X] langer leeft dan [Y], dan wordt hij dat op een gegeven moment wel, maar hij heeft nu geen vordering op [Y]. Het Gerecht verwerpt daarom het standpunt van [X] dat de rechtshandelingen (de leveringen) nietig zijn.Toekomstige situatie
Iets anders is de vraag waarom de percelen dan niet gelijk op naam van alle vier kinderen ([Z], [X], [naam 3] en [naam 2]) zijn gezet. Die vraag kon [Z] ter zitting niet duidelijk beantwoorden. Gelet op de eigen stelling van [Z], is zij verplicht om alsnog aan [X], [naam 3] en [naam 2] hun aandeel in de desbetreffende percelen te leveren, zodra de nalatenschap van [Y] openvalt. Dat komt ook overeen met de door moeder [naam 1] uitgesproken wens dat haar bezittingen gelijk over de kinderen zouden worden verdeeld.Perceel SXM UPQ […/….]
Met [X] is het Gerecht van oordeel dat niet makkelijk is te volgen dat het aan [X] toe te kennen perceel SXM UPQ […/….] (zijn 1/30e deel) een waarde kan vertegenwoordigen van USD 507.043,33. Het Gerecht merkt echter op dat diezelfde waarde ook aan de respectieve 1/30 delen van [naam 2] en [naam 3] is toegekend (afrekeningen notaris 29 november 2017, productie 4 bij conclusie van antwoord). Dit perceel kan [X] nog steeds op zijn naam krijgen als hij aan de juiste formaliteiten voldoet.Perceel SXM PB [.../....] (Backstreet)
Tijdens de comparitie van partijen op 17 februari 2026 heeft [Z] verklaard dat de erven de Backstreet propery wilden verkopen aan een ‘Indian’, maar dat haar moeder dat op advies van [Z] niet wilde. Zij vroeg haar vader vervolgens om de Backstreet, en die gaf de Backstreet aan [Z]. Dat zou hij volgens [Z] hebben gedaan om de ongewilde verkoop tegen te gaan. Als het Gerecht het goed ziet, staat deze onroerende zaak voor uiteindelijk 12/12 deel op naam van [Z]. Zij heeft ter zitting verklaard dat zij bereid is dit weer te delen met de erven.De gevorderde verklaringen voor recht en verwijzing naar de schadestaat
De eerste twee verklaringen voor recht zijn toewijsbaar, voor zover ze zien op de nalatenschap van [naam 1]. Voor de nalatenschap van [Y] verwijst het Gerecht naar wat hiervoor onder 4.1 – 4.4. is overwogen.De onder 3. en 4. gevorderde verklaringen voor recht zullen worden afgewezen. Het Gerecht verwijst hiervoor naar rechtsoverwegingen 4.5 – 4.6.De onder 5. gevorderde verklaring voor recht is gedeeltelijk toewijsbaar. Voor de percelen Bloomingdale Estate verwijst het Gerecht naar wat hierna in reconventie zal worden overwogen. De andere twee percelen zijn in verhaalsbeslag genomen. Dit hangt samen met de vordering tot vergoeding van schade, op te maken bij staat. De hoogte van de gestelde schade is door [Z] gemotiveerd betwist. [X] heeft echter voldoende aangevoerd om tot de conclusie te komen dat aannemelijk is dat hij wel enige schade heeft geleden of nog zal lijden. De gelegde beslagen mogen daarom worden gehandhaafd.in reconventie
[X] heeft op 23 november 2022 aan de rechter in eerste aanleg verlof gevraagd om ten laste van [Z] en [Y] conservatoir beslag te leggen op de percelen die op naam staan van [naam 1], met de kadastrale aanduidingen SXM CDS [.../....], SXM CDS […/….] en de Bloomingdale Estate percelen met de kadastrale aanduidingen SXM UPQ […/….], SXM UPQ […/….], en SXM UPQ […/….]. Dit alles voor een begrote vordering van ANG 160.000,-. Dat verlof is op dezelfde dag verleend en vervolgens zijn de beslagen gelegd.
[Z] heeft gesteld en uit nader onderzoek is gebleken dat de Bloomingdale Estate percelen op het moment van beslaglegging niet op naam stonden van [naam 1]. De desbetreffende drie percelen waren drie weken voor het overlijden van [naam 1] door haar aan [Z] en haar man [naam 7] geleverd in verband met door [naam 7] voor [naam 1] bewezen financiële en administratieve diensten. Het betrof een onduidelijke registratie in het kadaster. Het beslag op deze percelen is daarom – achteraf gezien – ten onrechte gelegd en ingeschreven. In zoverre is de eis toewijsbaar.
De beslagen op de andere twee percelen kunnen worden gehandhaafd, zie rechtsoverweging 4.10 hiervoor.Proceskosten
Gelet op de familieverhoudingen zullen de proceskosten in conventie en in reconventie worden gecompenseerd. Vonnis uitvoerbaar bij voorraad
Dit vonnis zal uitvoerbaar bij voorraad worden verklaard. Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan het Hof vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.
5. De beslissing
Het Gerecht:
in conventie:
verklaart voor recht dat eiser, als kind van [Y] en erfgenaam van wijlen [naam 1], een rechtens te respecteren en gerechtvaardigd belang heeft bij bescherming van de vermogensbestanddelen die deel uitmaken van, dan wel behoren tot, de nalatenschap van [naam 1];
verklaart voor recht dat eiser uit hoofde van zijn positie als erfgenaam een te verwachten aanspraak heeft op een kindsdeel in de nalatenschap van wijlen [naam 1], waarvan de omvang dient te worden vastgesteld op basis van een evenredig aandeel in de totale waarde van de nalatenschap;
verklaart voor recht dat eiser gerechtigd was conservatoir beslag te leggen ter verzekering van zijn te verwachten vorderingen, en te bepalen dat de gelegde beslagen blijven rusten op de navolgende percelen: - SXM CDS […/….] - SXM CDS […/….], zulks ter bescherming van de vermogensbestanddelen die bestemd zijn voor het verhaal van de aanspraken van eiser en overige gerechtigden;
veroordeelt gedaagden hoofdelijk tot vergoeding van de door eiser geleden en nog te lijden schade als gevolg van de rechtshandelingen, nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet; in reconventie
veroordeelt [X] over te gaan tot het opheffen van de beslagen op de percelen met de kadastrale aanduidingen - SXM UPQ […/….], - SXM UPQ […/….], - SXM UPQ […/….];in conventie en in reconventie
compenseert de proceskosten, iedere partij draagt de eigen kosten;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
wijst af wat meer of anders is gevorderd.
Dit vonnis is gewezen door mr. L.J. Saarloos, rechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken op 23 juni 2026.