Burgerlijke zaken over 2025
Registratienummer: CUR2025H00242
Uitspraak: 9 oktober 2025
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE
van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en
van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
B E S C H I K K I N G
op het verzoek ex artikel 2:282 lid 3 BW (in de tweede fase van de enquêteprocedure) in de zaak van:
de besloten vennootschap
WABEL B.V.,
gevestigd in Curaçao,
hierna: Wabel,
verzoekster,
gemachtigde: mr. J.C. Maris,
tegen:
de besloten vennootschap
CARIBBEAN BITUMEN PRODUCTS B.V.,
gevestigd in Curaçao,
hierna: de vennootschap of CBP,
verweerster,
gemachtigde: mr. S.J.C. Anthonio,
met als belanghebbenden:
1. [BELANGHEBBENDE 1],
wonende in Curaçao,
gemachtigde: mr. P. van Dort,
2. [BELANGHEBBENDE 2],
wonende in Curaçao,
gemachtigde: mr. P. van Dort,
3. [BELANGHEBBENDE 3],
wonende in Curaçao,
niet langer in rechte vertegenwoordigd.
1. Het verloop van de procedure
Bij verzoekschrift van 30 september 2025 heeft Wabel het Hof op de voet van art. 2:282 lid 1 BW verzocht vast te stellen dat uit een verslag blijkt dat er sprake is geweest van wanbeleid bij CBP. Het bedoelde verslag is in de eerste fase van deze enquêteprocedure (zaaknummer CUR2020H00410) op 30 juli 2025 neergelegd ter griffie van het Hof.
Wabel heeft bij haar verzoekschrift onder meer verzocht om bij wijze van voorziening als bedoeld in art. 2:282 lid 3 BW en art. 2:283 sub a BW de voorlopige voorziening waarbij R. Grosfeld is benoemd tot bestuurder van CBP (GHvJ 16 augustus 2022, ECLI:NL:OGHACMB:2022:218), te verlengen en te bepalen dat het salaris en de kosten voor rekening van CBP komen.
Het Hof heeft de procesdeelnemers in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over het voornemen van het Hof om de beslissing te nemen die in het dictum staat vermeld. Hiertegen zijn geen bezwaren aangevoerd.
Beschikking is bepaald op vandaag.
2. De beoordeling
Het Hof zal beslissen als vermeld in het dictum.
B E S L I S S I N G
Het Hof:
verlengt de duur van de benoeming van Roland Grosfeld tot onafhankelijke bestuurder van CBP met beslissende stem tot en met 26 november 2025;
bepaalt dat het salaris en de kosten van deze bestuurder voor rekening van CBP komen;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mrs. G.C.C. Lewin, C.G. ter Veer en G. van Solinge, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en ter openbare terechtzitting van het Hof in Curaçao uitgesproken op 9 oktober 2025 in tegenwoordigheid van de griffier.