ECLI:NL:OGHACMB:2026:106

ECLI:NL:OGHACMB:2026:106

Instantie Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Datum uitspraak 13-05-2026
Datum publicatie 27-05-2026
Zaaknummer SXM2024H00069
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Hoger beroep

Samenvatting

Sint Maarten. Geschil over stuk grond. De verweerders in hoger beroep hebben onvoldoende onderbouwd dat zij eigenaar zijn van het stuk grond. Processueel: het inleidend verzoekschrift bevat niet de namen en woonplaats van de gedaagden. De verzoekers in eerste aanleg worden daarom alsnog niet-ontvankelijk verklaard in hun verzoek.

Uitspraak

GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE

van Aruba, Curacao, Sint Maarten en

van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

VONNIS in de zaak van:

[appellant]

in zijn hoedanigheid van erfgenaam van [erflater]

die woont in [woonplaats]

die in eerste aanleg optrad als eiser, nu als appellant

met de gemachtigde Edwin I. Maduro

tegen

de gezamenlijke erfgenamen [geïntimeerde]

mogelijk ook bekend als [geïntimeerde]

voor wie zijn verschenen [betrokkene 1] en [betrokkene 2]

die wonen in [woonplaats]

die in eerste aanleg optraden als gedaagden en nu als geïntimeerden

met de gemachtigde mr. C.H.J. Merx.

Partijen worden hierna [appellant] en [geïntimeerde] genoemd. 1. Het verloop van de procedure

Op 23 april 2024 heeft het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten (hierna: het Gerecht) een eindvonnis uitgesproken tussen wijlen [erflater] (hierna: [erflater]) als eiser en de gezamenlijke erfgenamen van [geïntimeerde] (of [geïntimeerde]) [geïntimeerde] als gedaagden. Bij op 30 mei 2024 ingekomen akte heeft [appellant], als erfgenaam, hoger beroep ingesteld tegen dat vonnis en op 2 juli 2024 heeft hij een memorie van grieven met producties ingediend.

geïntimeerde] heeft een memorie van antwoord ingediend.

Op 27 augustus 2025 hebben beide partijen op de zitting van het Hof een pleitnota ingediend.

Partijen hebben om een vonnis van het Hof gevraagd. Dat is dit vonnis.

1

2. De beoordeling de kern van dit vonnis

De zaak gaat over de vraag wie eigenaar is van een gedeelte van 941 m2 van een kadastraal perceel aan [adres] met een oppervlakte van ongeveer 11/2 acre (6.070 m2). Het Hof noemt het gedeelte van 941 m2 hieronder 'de 941 m2 grond'. Aan beantwoording van de vraag komt het Hof niet toe, omdat her [erfalter] niet-ontvankelijk zal verklaren in zijn vorderingen wegens een gebrek in het inleidend verzoekschrift.

vaststaande feiten

Het Hof gaat uit van de feiten die het Gerecht in zijn vonnis onder 2.1 tot en met 2.6 heeft weergegeven en waarover partijen het eens zijn. Een van die feiten is dat wijlen [geïntimeerde] in de openbare registers (het Kadaster) staat ingeschreven als eigenaar van het hierboven bedoelde perceel van 11/2 acre.

de procedure in eerste aanleg

geïntimeerde] heeft in eerste aanleg gevorderd dat het Gerecht

- in een vonnis vaststelt dat hij door verjaring eigenaar is geworden van de 941 m2 grond en

- bepaalt dat het vonnis in de openbare registers kan worden ingeschreven. [erflater] is op 28 mei 2021 overleden. De procedure in eerste aanleg is daarop geschorst en hervat door een akte van 28 september 2021 waarbij de nabestaanden [weduwe van erflater] (de weduwe van [erflater]) en [appellant] de procedure hebben overgenomen. Het Hof begrijpt dat bier met 'nabestaanden' de gezamenlijke erfgenamen werden bedoeld. Vervolgens heeft het Gerecht in het eindvonnis de vorderingen afgewezen.

Het hoger beroep is ingesteld door [appellant] (en dus zonder [weduwe]). [appellant] is volgens de kop van de akte van appel en de kop van de memorie van grieven 'de erfgenaam van [erflater]. Hieruit maakt het Hof op dat [appellant] stelt de enige erfgenaam to zijn van [erflater]. Mogelijk is ook de weduwe van [erflater] inmiddels overleden. Of een procedure over de eigendom van grond een processueel ondeelbare rechtsverhouding betreft, laat het Hof daarom in het midden. [appellant] kan in zijn hoger beroep worden ontvangen.

de gestelde verjaring

erflater] heeft in eerste aanleg zijn beroep op extinctieve verjaring toegelicht met de stellingen dat hij in 1987 de 941 m2 grond met een daarop gebouwde woning van [betrokkene 3] heeft gekocht en daar vervolgens 20 jaar is blijven wonen. In hoger beroep heeft [appellant] nader toegelicht dat [erflater] aan de woning en op de 941 m2 grondwerkzaamheden heeft uitgevoerd, waaronder de aanleg van een retainer wall (keerwal).

betrokkene 1] hebben verweer gevoerd en het Gerecht heeft de vorderingen van [appellant] afgewezen en de erfgenamen van [erflater] in de proceskosten veroordeeld omdat de erfgenamen van [erflater], gelet op dat verweer, hun stellingen nader

2

Hadden moeten toelichten. Het Gerecht zag daarvoor twee redenen: in een gezamenlijke verklaring van [betrokkene 4] en [betrokkene 5] staat dat deze getuigen samen met de overige leden van het gezin waartoe zij behoorden van 1985 tot 2017 op het perceel hebben gewoond (met een onderbreking in 1995/1996) en dat er bovendien vanaf 1996 op het perceel uitsluitend nog huurders woonden. Sinds de orkaan Irma (2017) wonen deze getuigen er niet meer omdat de woning door die orkaan werd beschadigd en eerst moet worden hersteld. De tweede reden waarom het beroep op verjaring nader behoort te worden toegelicht is dat uit de overlijdensakte van [erflater] valt af te leiden dat [erflater] ten tijde van zijn overlijden niet op de 941 m2 grond woonde, maar op een adres aan de Franse kant van het eiland Sint Maarten.

Het hoger beroep

appellant] wil dat het Hof het verweer van [betrokkene 1] negeert omdat [betrokkene 1] geen erfgenamen zijn van [geïntimeerde] en daarom geen belang hebben bij de vraag wie de eigenaar van de 941 m2 grond is. Los hiervan vindt hij dat het Hof moet vaststellen dat hij door verjaring de eigenaar van die grond is geworden.

Het Hof overweegt als volgt. Omdat het geding gaat over een onroerende zaak die in Sint Maarten ligt, is de Sint Maartense rechter bevoegd om te oordelen over de eigendom daarvan en zal het dat doen volgens het recht van Sint Maarten.

niet gebleken is dat [betrokkene 1] belang hebben bij de gevraagde beslissing

betrokkene 1] maken aanspraak op een nalatenschap waarin de 941 m2 grond valt. Zij baseren dit op erfopvolgingen die teruggaan tot, uiteindelijk, [geïntimeerde]. Op de zitting van 24 september 2021 van het Gerecht hebben [betrokkene 1] een toelichting gegeven op hun afkomst door een stamboom over te leggen die terugvoert op [geïntimeerde], die gehuwd was met [betrokkene 7] en uit wiens huwelijk in 1870 [betrokkene 6] is geboren. In dat geboortejaar vond ook de verkoop en levering plaats van een perceel waartoe de 941 m2 grond behoort. Zie hiervoor het citaat uit de notariele leveringsakte van 15 maart 1870 in rechtsoverweging 2.4 van het vonnis van het Gerecht. Een van de twee kopers was 'Mejuffrouw [geïntimeerde]'. Hieruit valt af te leiden dat de [geïntimeerde] die op 15 maart 1870 eigenaresse werd van een stuk grond ongehuwd was. Hoewel niet uitgesloten is dat het huwelijk van [geïntimeerde] en [betrokkene 6] dat in de stamboom is vermeld na 15 maart 1870 is gesloten, is dat naar het oordeel van het Hof minder aannemelijk. Eerder zal [geïntimeerde] al voor de geboorte van haar zoon met [betrokkene 6] zijn gehuwd. Dit komt bij het verschil in (de spelling van) de voornamen van de [geïntimeerde] in de stamboom en die in de akte. Gelet hierop hebben [betrokkene 1] niet voldoende onderbouwd dat zij de erfgenamen zijn van - uiteindelijk de koper die op 15 maart 1870 eigenaresse werd van onder meer de 941 m2 grond. In zoverre slagen de grieven van [appellant]. Het Hof zal verder geen acht slaan op het verweer dat [betrokkene 1] in de procedure hebben gevoerd.

de oproeping deugt niet

De rechter moet op eigen initiatief (ambtshalve) controleren of een procedure op de juiste wijze is gestart. Van openbare orde is dat een verwerende partij behoorlijk in staat wordt gesteld om voor zijn/haar belangen op te komen (artikel 6 EVRM).

3

Artike1111 lid 1 aanhef en onder c van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) schrijft mede daarom voor dat het verzoekschrift waarmee een procedure wordt gestart de namen en voornamen en de woon- of verblijfplaatsen van de gedaagden vermeldt. Het inleidend verzoekschrift voldoet daar niet aan. Dit gebrek had in eerste aanleg kunnen worden hersteld op de in artikel 112 Rv bedoelde wijze, maar dat is niet gebeurd. Het ligt gelet op de belangen van de verwerende partij daarom voor de hand om die gelegenheid niet in hoger beroep te bieden, maar om [appellant] in staat te stellen desgewenst de procedure in eerste aanleg opnieuw te beginnen, dit keer met een verzoekschrift dat wel aan de wettelijke eisen voldoet. Het vonnis van het Gerecht zal daarom worden vernietigd en (de rechtsopvolger(s) van) [erflater] zal/zullen alsnog niet-ontvankelijk worden verklaard in de oorspronkelijke vorderingen.

slotsom en proceskosten

Het vonnis waarvan beroep zal worden vemietigd en [appellant] zal alsnog niet-ontvankelijk worden verklaard in de vorderingen die [erflater] heeft ingesteld. Gelet op deze uitkomst bepaalt het Hof dat partijen ieder de eigen proceskosten zullen dragen.

BESLISSING Het Hof:

vernietigt het vonnis waarvan beroep en verklaart [appellant] alsnog niet-ontvankelijk in de vorderingen die [erflater] heeft ingesteld;

bepaalt dat partijen elk de eigen kosten dragen.

Dit vonnis is gewezen door mrs. J. de Boer, W.P.M. ter Berg en H.E. de Boer, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curacao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en ter openbare terechtzitting van het Hof in Sint Maarten uitgesproken op 13 mei 2026 in tegenwoordigheid van de griffier en ondertekend door de rolrechter.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand