Burgerlijke zaken over 2026
Registratienummers: BON202200217 – BON2025H00060
Uitspraak: 20 juli 2026
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE
van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en
van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
B E S C H I K K I N G
in de procedure op grond van artikel 3:200a e.v. van het Burgerlijk Wetboek BES met betrekking tot de onroerende zaken gelegen te:
YATU BAKU (49.200 m²)op Bonaire
kadastraal bekend afdeling 5, sectie C, nummer 50, groot 49.200 m² (kunuku), welk perceel volgens de schriftelijke inzage van het Kadaster ten name staat van Andres de Palm, verkregen bij notariële akte van verkoop en koop,
en
OMGEVING WASHIKEMBA (274.250 m²)
op Bonairekadastraal bekend afdeling 5, sectie C, nummer 47, groot 274.250 m² (kunuku), welk perceel volgens de schriftelijke inzage van het Kadaster ten name staat van Andres de Palm, verkregen bij notariële akte van verkoop en koop,
hierna: de percelen,
van:
HET OPENBAAR LICHAAM BONAIRE,
zetelend in Bonaire,
in eerste aanleg belanghebbende, thans appellant,hierna: OLB,
gemachtigde: mr. T.L.H. Peeters,
tegen
[geïntimeerde 1 t/m 10],
in eerste aanleg verzoekers, thans geïntimeerden,hierna gezamenlijk: geïntimeerden,
gemachtigde: mr. A.T.C. Nicolaas,
en de bij het Gerecht verschenen belanghebbenden:
11. [belanghebbende 1 t/m 19], [curator 1] in zijn hoedanigheid van curator van [belanghebbende 20], [belanghebbende 21 t/m 44] .
1. Het verloop van de procedure in hoger beroep
Bij op 17 september 2025 ingekomen beroepschrift is OLB in hoger beroep gekomen van de op 7 augustus 2025 uitgesproken beschikking van het Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, zittingsplaats Bonaire (hierna: het Gerecht).
2. De procedure bij het Gerecht
Geïntimeerden hebben bij het Gerecht verzocht om voor recht te verklaren dat zij als enige erfgenamen van wijlen [erflater 1] gezamenlijk de rechthebbenden zijn op de percelen en te bepalen dat dit in de openbare registers zal worden vermeld (hierna: de primaire vordering). Conform artikel 3:27 BW BES heeft een openbare oproeping van mogelijke belanghebbenden plaatsgevonden. Er hebben zich tientallen mogelijke belanghebbenden gemeld.
In de uitspraak van 29 maart 2023 heeft het Gerecht geoordeeld dat een eigendomsuitwijzing ex artikel 3:27 BW BES gelet op het aantal deelgenoten niet haalbaar lijkt. Geïntimeerden zijn in de gelegenheid gesteld zich bij akte uit te laten over de vraag of zij (subsidiair) toepassing verlangen van artikel 3:200a e.v. BW BES.
In de uitspraak van 12 juli 2023 heeft het Gerecht de primaire vordering van geïntimeerden afgewezen. Geïntimeerden en belanghebbenden zijn in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over het verzoek tot toepassing van de regeling van artikel 3:200a e.v. BW BES.
In de uitspraak van 14 juli 2023 is OLB in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over de vraag wat een redelijke en billijke prijs is bij een eventuele verwerving door OLB van de percelen.
In de uitspraak van 1 juli 2024 is Fundashon Cas Bonairiano in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over haar eventuele belangstelling in de verwerving van de percelen.
In de uitspraak van 11 februari 2025 zijn Geïntimeerden, belanghebbenden en OLB in de gelegenheid gesteld zich nader uit te laten over het geven van een machtiging tot tegeldemaking van de percelen (artikel 3:174 lid 1 BW BES).
Het Gerecht heeft tot slot in de einduitspraak van 7 augustus 2025 onder meer aan een aantal partijen een machtiging tot onderhandse verkoop en levering van de percelen afgegeven, welke machtigingen gelden gedurende respectievelijk twee en drie jaar nadat de uitspraak in kracht van gewijsde is gegaan. Bij gebreke van verkoop en levering binnen die termijn krijgt OLB de gelegenheid binnen twee jaar de percelen te verwerven, dan wel worden de percelen op de voet van artikel 3:200d BW BES in eigendom toegekend aan OLB onder de verplichting jegens de gebruikers tot ontwikkeling en uitgifte. Het Gerecht heeft ook beslissingen genomen over de verdeling van een eventuele verkoopopbrengst en de zekerheidstelling en verval van aanspraken voor niet-verschenen deelgenoten.
3. De beoordeling
Belanghebbenden moeten (openbaar) worden opgeroepen voor de behandeling van het hoger beroep zoals door de wet voorgeschreven. De kosten van de oproeping moeten door OLB worden voorgeschoten. Bepaald zal worden dat OLB moet zorgdragen voor de oproeping. Voor de kosten van publicatie van de in deze zaak door het Hof te geven eindbeschikking moet OLB een voorschot deponeren ter griffie. Beslist zal worden als hierna omschreven.
B E S L I S S I N G
Het Hof:
bepaalt dat OLB, desgewenst geassisteerd door een deurwaarder, uiterlijk op 16 augustus 2026 de volgende aankondiging zal laten publiceren in de Staatscourant, het Antilliaans Dagblad en de Èxtra:
OPROEP
Bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie
van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en
van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
is ingediend een hoger beroep tegen de beschikking van 7 augustus 2025 van het Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, zittingsplaats Bonaire, over het verzoek op grond van artikel 3:200a e.v. van het Burgerlijk Wetboek BES met betrekking tot de onroerende zaken gelegen te
YATU BAKU (49.200 m²)op Bonaire
kadastraal bekend afdeling 5, sectie C, nummer 50, groot 49.200 m² (kunuku), welk perceel volgens de schriftelijke inzage van het Kadaster ten name staat van Andres de Palm, verkregen bij notariële akte van verkoop en koop,
en
OMGEVING WASHIKEMBA (274.250 m²)
op Bonairekadastraal bekend afdeling 5, sectie C, nummer 47, groot 274.250 m² (kunuku), welk perceel volgens de schriftelijke inzage van het Kadaster ten name staat van Andres de Palm, verkregen bij notariële akte van verkoop en koop.
Belanghebbenden worden hierbij opgeroepen om op de mondelinge behandeling
van dinsdag 17 november 2026 om 14.00 uur te verschijnen in het gerechtsgebouw te Bonaire (Fort Oranje, Plasa Reina Wilhelmina) en kunnen voorafgaand (via griffiehofciviel@caribjustitia.org), bij voorkeur uiterlijk drie werkdagen voordat de zitting plaatsvindt, of tijdens die mondelinge behandeling een verweerschrift indienen onder vermelding van BON2025H00060.
bepaalt het door OLB te deponeren voorschot ter dekking van de kosten van de publicatie te zijner tijd van de eindbeschikking als bedoeld in art. 3:200f lid 4 in verbinding met lid 8 BW BES op USD 500,00, te voldoen uiterlijk op 1 november 2026 door storting of overboeking op rekeningnummer 403.065.06 ten name van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie, onder vermelding van ‘BON2025H00060 oude boedel De Palm’;
draagt de griffier op om, zodra van OLB bewijzen van oproeping zijn ontvangen (uiterlijk op 16 augustus 2026), geïntimeerden, de bij het Gerecht verschenen belanghebbenden, Fundashon Cas Bonairiano en het Openbaar Ministerie op te roepen, met bijvoeging van deze beschikking en van het beroepschrift;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mrs. C.G. ter Veer, J. de Boer en W.P.M. ter Berg, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba op 20 juli 2026 in tegenwoordigheid van de griffier.