ECLI:NL:OGHACMB:2026:287

ECLI:NL:OGHACMB:2026:287

Instantie Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Datum uitspraak 15-09-2026
Datum publicatie 15-10-2026
Zaaknummer AUA201901042 – AUA2020H00016
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Hoger beroep

Samenvatting

Aruba. Landsverordening aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen. Verhaal verzekeraar op aansprakelijke persoon. Bestuurder is niet in het bezit van Arubaans rijbewijs, maar wel van buitenlands rijbewijs. Uitleg verzekeringsvoorwaarden.

Uitspraak

Burgerlijke zaken over 2026

Registratienummers: AUA201901042 – AUA2020H00016

Uitspraak: 15 september 2026

GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE

Van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en

Van Bonaire, Sint-Eustatius en Saba

V O N N I S

In de zaak van:

De naamloze vennootschap

BOOGAARD ASSURANTIËN N.V.,

Gevestigd in Aruba,

In eerste aanleg eiseres en geopposeerde, thans appellante,

Gemachtigde: mr. D.C.A. Crouch,

Tegen

[GEÏNTIMEERDE],

Wonende in [woonplaats],

In eerste aanleg gedaagde en opposant, thans geïntimeerde,

Gemachtigde: aanvankelijk mr. J.A.R. Bryson, die heeft gedesisteerd.

Partijen worden hierna Boogaard en [geïntimeerde] genoemd.

1. Samenvatting

Tussen partijen is in geschil of Boogaard namens de verzekeraar die na een verkeersongeval schade heeft vergoed op basis van de Landsverordening aansprakelijkheid motorrijtuigen, verhaal kan nemen op de verzekeringnemer, als de bestuurder niet in het bezit is van een Arubaans rijbewijs, maar wel van een buitenlands rijbewijs. Het Hof oordeelt dat de verzekeringsvoorwaarden zo moeten worden uitgelegd dat dekking in deze situatie niet is uitgesloten, zodat Boogaard niet namens de verzekeraar de schade kan verhalen op de verzekeringnemer.

2. Het verloop van de procedure in hoger beroep

Bij op 14 januari 2020 ingekomen akte van appel is Boogaard in hoger beroep gekomen van het tussen partijen gewezen en op 4 december 2019 uitgesproken verzet vonnis van het Gerecht in eerste aanleg van Aruba (hierna: het Gerecht), waarbij het Gerecht het op 6 maart 2019 op verzoek van Boogaard tegen [geïntimeerde] uitgevaardigde bevel tot betaling (AUA201803733) heeft vernietigd en de vordering van Boogaard alsnog heeft afgewezen.

Bij memorie van grieven van 18 februari 2020, met producties, heeft Boogaard haar bezwaren tegen het verzet vonnis toegelicht. Haar conclusie strekt tot vernietiging van het verzet vonnis en bevestiging van het betalingsbevel, met veroordeling van [geïntimeerde] in de kosten van beide instanties, alles uitvoerbaar bij voorraad.

Bij memorie van antwoord van 16 april 2020, met producties, heeft [geïntimeerde] op die bezwaren gereageerd. Hij verzoekt het bestreden vonnis te bevestigen eventueel met aanvulling van gronden en Boogaard te veroordelen in alle kosten.

Op 26 augustus 2025 heeft de Hof griffie de zaak geappointeerd voor schriftelijk pleidooi. Op 31 maart 2026 heeft de gemachtigde van Boogaard een pleitnotitie (met productie) ingediend. Een pleitnota van [geïntimeerde] is niet ontvangen.

Partijen hebben vonnis gevraagd. De uitspraak is nader bepaald op vandaag.

3. De feiten

Boogaard treedt op als gemachtigde van de verzekeraar NA&A N.V. (handelsnaam: Citizens, hierna: de verzekeraar). Bij deze maatschappij was het voertuig met kenteken [kentekennummer] verzekerd tegen wettelijke aansprakelijkheid. [Geïntimeerde] is de eigenaar van het voertuig en verzekeringnemer.

Op 14 juni 2018 veroorzaakte de bestuurder van dit voertuig (hierna: de bestuurder) een aanrijding met een ander voertuig. Dit was te wijten aan de schuld van de bestuurder. Boogaard heeft namens de verzekeraar in verband met het ongeval uitkeringen gedaan van in totaal Afl. 5.426.

De bestuurder was in het bezit van een geldig Venezolaans rijbewijs, maar niet van een geldig Arubaans rijbewijs. Hij woonde in elk geval sinds 11 januari 2018 in Aruba.

In de polisvoorwaarden van de verzekering is, voor zover van belang, bepaald:

“4 Uitsluitingen In aansluiting op het terzake bepaalde in de Algemene Voorwaarden is tevens van de verzekering uitgesloten:

…

Schade veroorzaakt terwijl de feitelijke bestuurder van het motorrijtuig niet in het bezit is van een geldig of hoogstens zes maanden verlopen, voor het motorrijtuig wettelijk voorgeschreven rijbewijs, (…)”

4. De procedure bij het Gerecht

Boogaard heeft bij het Gerecht gevorderd [geïntimeerde] te veroordelen tot betaling van hetgeen Boogaard namens de verzekeraar heeft uitgekeerd. Bij betalingsbevel van 6 maart 2019 is die vordering toegewezen, vermeerderd met wettelijke rente, buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten. [Geïntimeerde] is in verzet gegaan. In verzet is de vordering van Boogaard alsnog afgewezen. Volgens het Gerecht kan Boogaard geen recht ontlenen aan het bepaalde in artikel 10 LVW, omdat de bepaling niet dient ter bescherming van het belang van verzekeraars om uitkeringen te doen ingeval van schade, veroorzaakt door een bestuurder die wel een ander rijbewijs bezit, maar niet een Arubaans rijbewijs. Bovendien is de tekst uit de polisvoorwaarden niet geheel duidelijk; die tekst kan ook zo worden uitgelegd dat de bestuurder in het bezit moet zijn van een voor de voertuigcategorie geldend rijbewijs, ongeacht de plaats van afgifte.

5. De beoordeling door het Hof

Het toetsingskader

Of Boogaard verhaal heeft op [geïntimeerde], hangt ervan af of de aansprakelijkheid (als bedoeld in artikel 10 lid 2 Landsverordening aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen) is gedekt door de verzekering. Dat hangt weer af van de uitleg van artikel 4.7 van de verzekeringsvoorwaarden. Die uitleg gebeurt aan de hand van de Haviltex-maatstaf, waarbij het aankomt op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan de bepaling mochten toekennen en wat zij redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. Daarbij zijn alle feiten en omstandigheden van belang.

Voor het toetsingskader verwijst het Hof naar zijn eerdere uitspraak van 27 augustus 2024, ECLI:NL:OGHACMB:2024:156, die onder meer luidt als volgt:

“Uitleg van verzekeringsvoorwaarden - juridisch kader

Of NA&A verhaal heeft op [verzekeringnemer], hangt ervan af of de aansprakelijkheid door verzekering is gedekt als bedoeld in art. 10 lid 2 LAM. Dat hangt weer af van de uitleg van art. 7.4.8 van de verzekeringsvoorwaarden. Die uitleg gebeurt aan de hand van de Haviltex-maatstaf, met inachtneming van het volgende.

In het EU-recht geldt dat de rechter binnen bepaalde grenzen ambtshalve dient te toetsen of een beding in een overeenkomst met een consument oneerlijk is en zo ja, dat de rechter het beding ambtshalve buiten toepassing dient te laten. Schriftelijke bedingen in overeenkomsten met consumenten moeten steeds duidelijk en begrijpelijk zijn opgesteld. Beslissend is of de bedingen duidelijk en begrijpelijk zijn geformuleerd voor een normaal geïnformeerde en redelijk omzichtige en oplettende consument. De consument moet op basis van duidelijke en begrijpelijke criteria de gevolgen die voor hem uit de overeenkomst voortvloeien, kunnen inschatten. Een gebrek aan transparantie moet meewegen bij de beoordeling van de oneerlijkheid. Dit kan ook aan de orde zijn bij bedingen die naar Nederlands (en Arubaans) recht als kernbedingen worden beschouwd. In art. 6:238 lid 2 BW Nederland is verder (ter implementatie van EU-recht) bepaald dat bij twijfel over de betekenis van een beding in algemene voorwaarden, de voor de wederpartij gunstigste uitleg prevaleert.

Dit alles geldt niet (onverkort) in het recht van Aruba, maar het kan ingevolge het concordantiebeginsel een rol spelen bij de toepassing van Arubaans recht. Naar Arubaans recht geldt als algemeen gezichtspunt dat bij de beoordeling door de feitenrechter van de uit te leggen overeenkomst naar gelang van de omstandigheden mag meewegen dat een eenzijdig door de verzekeraar opgestelde polisvoorwaarde in geval van twijfel over de uitleg ervan in het nadeel van de verzekeraar en ten gunste van de verzekerde moet worden uitgelegd (zie: HR 18 oktober 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE7002).

Ingezetene - juridisch kader

De Landsverordening wegverkeer, AB 1997 no. 18, zoals gewijzigd (hierna: LWV) bepaalt onder meer:

Art. 10. 1. Het is de in Aruba ingezeten bestuurder van een motorvoertuig verboden daarmee over een weg te rijden, tenzij hij bij zich heeft een door de Minister afgegeven geldig rijbewijs voor het besturen van een motorvoertuig als waarmee gereden wordt, en hij de 18-jarige leeftijd heeft bereikt. 2. Het is de niet in Aruba ingezeten bestuurder van een motorvoertuig verboden daarmee over een weg te rijden, tenzij hij bij zich heeft een geldig, door de autoriteiten in het land van herkomst afgegeven rijbewijs voor het besturen van een motorvoertuig als waarmee gereden wordt, of een geldig internationaal rijbewijs, en hij de 18-jarige leeftijd heeft bereikt.

Voor de uitleg van de term ‘ingezeten’ in art. 10 lid 1 en 2 LWV zoekt het Hof, bij gebrek aan aanwijzingen voor andere maatstaven, aansluiting bij de rechtspraak over het woonplaatsbegrip in de volksverzekeringswetten en het fiscale woonplaatsbegrip in Nederland. Dat betekent dat acht moet worden geslagen op alle in aanmerking komende omstandigheden van het geval. Het komt erop aan of deze omstandigheden van dien aard zijn dat een duurzame band van persoonlijke aard bestaat tussen de betrokkene en Aruba (vergelijk: HR 21 januari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP1466 en CRvB 28 mei 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:1258).”

De toepassing op dit geval

In de bovengemelde zaak ging het over een vergelijkbare verzekeringsvoorwaarde en was de verzekeringnemer een consument. Het Hof is echter van oordeel dat dit laatste niet van doorslaggevend belang is. Ook verzekeringnemers die geen consumenten zijn, mogen verzekeringsvoorwaarden als de onderhavige redelijkerwijs in de volgende zin begrijpen (en de verzekeraars moeten redelijkerwijs begrijpen dat de verzekeringnemers het zo opvatten):

Met de zinsnede “voor het motorrijtuig wettelijk voorgeschreven rijbewijs” wordt gedoeld op verschillende wettelijke voorschriften voor verschillende categorieën motorrijtuigen, en niet op verschillende wettelijke voorschriften voor verschillende categorieën bestuurders;

Als de bestuurder een geldig buitenlands rijbewijs bezit, leidt het ontbreken van een Arubaans rijbewijs niet tot uitsluiting van dekking, onverschillig of de bestuurder ingezetene is in de zin van artikel 10 lid 1 en 2 LVW.

Boogaard heeft [geïntimeerde] aangeschreven naar aanleiding van een eerder ongeval op 25 juli 2015. Dat ongeval was ook veroorzaakt door een bestuurder die niet beschikte over een Arubaans rijbewijs, maar wel over een buitenlands rijbewijs. Volgens Boogaard wist [geïntimeerde] daarom dat de verzekering geen dekking biedt als bestuurders niet beschikken over een geldig rijbewijs in de zin van artikel 10 LVW. Volgens de processtukken van zowel [geïntimeerde] als Boogaard heeft [geïntimeerde] zich destijds echter verzet tegen de uitleg die Boogaard aan artikel 4.7 van de verzekeringsvoorwaarden geeft. Partijen waren het dus niet eens over de uitleg van de polisvoorwaarden. Omdat er twijfel bestaat over de uitleg, moeten de voorwaarden naar het oordeel van het Hof ten gunste van [geïntimeerde] worden uitgelegd. Naar aanleiding van het ongeval in 2015 zal het Hof in een andere procedure, bekend onder zaaknummer AUA2020H00024, vandaag ook oordelen over de uitleg van de polisvoorwaarden.

In dit geding kan in het midden blijven wat de strekking van artikel 10 LWV is als regel van openbare orde, en op welke wijze de Arubaanse overheid de in die bepaling opgenomen verboden al dan niet handhaaft. Dat is niet van doorslaggevend belang voor de uitleg van de polisvoorwaarden als hiervoor gegeven. Ook als verzekeringnemers rechtens verplicht moeten worden geacht de verboden uit artikel 10 LWV te kennen en te respecteren, brengt dat niet mee dat de polisvoorwaarden moeten worden uitgelegd in de door Boogaard verdedigde zin. Zoals het Gerecht terecht heeft overwogen, zijn die verboden niet gegeven ter bescherming van belangen van autoschadeverzekeraars.

Boogaard verwijst naar verschillende uitspraken van het Gerecht (22 januari 2020, ECLI:NL:OGEAA:2020:34, 14 februari 2018, ECLI:NL:OGEAA:2018:96 en 1 juli 2015, ECLI:NL:OGEAA:2015:156), waaruit volgens haar volgt dat verzekeringen met kennelijk gelijke voorwaarden als die van toepassing zijn in dit geval geen dekking bieden als de bestuurder niet over een geldig rijbewijs in de zin van artikel 10 lid 1 LVW beschikt. In het midden kan blijven of het Gerecht vaste rechtspraak heeft ontwikkeld die afwijkt van hetgeen het Hof hiervoor heeft overwogen. Het Hof is immers niet gebonden aan rechtspraak van het Gerecht.

Het voorgaande leidt tot het oordeel dat de vordering van Boogaard terecht is afgewezen.

Conclusie

Het hoger beroep faalt. Het bestreden vonnis zal worden bevestigd (met aanvulling van gronden). Boogaard zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.

Een kostenveroordeling levert ook voor de nakosten een executoriale titel op, zodat dat niet uitdrukkelijk in een dictum hoeft te worden toegewezen (HR 10 juni 2022, ECLI:NL:HR:2022:853).

B E S L I S S I N G

Het Hof:

Bevestigt het vonnis waarvan beroep;

Veroordeelt Boogaard in de kosten van het hoger beroep, aan de zijde van [geïntimeerde] gevallen en tot op heden begroot op Afl. 192,14 aan verschotten en Afl. 1.000 aan salaris voor de gemachtigde;

Wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mrs. G.C.C. Lewin, C.G. ter Veer en E.W.A. Vonk, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint-Eustatius en Saba en ter openbare terechtzitting van het Hof in Aruba uitgesproken op 15 september 2026 in tegenwoordigheid van de griffier.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand