Landsverordening ambtenarenrechtspraak (La)
RAAD VAN BEROEP
Uitspraak
op het hoger beroep van:
[Appellante 1],
de Gouverneur van Aruba,
Uitspraakdatum: 27 maart 2026
Zaaknummers: AUA2025H00228 en AUA2025H00229
IN AMBTENARENZAKEN
ARUBA
[Appellante 2],
beiden wonend in Aruba,
appellanten, (Appellanten 1 en 2),
gemachtigde: mr. R.P. Lee, advocaat,
tegen de uitspraak van het Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba (Gerecht) van 28 april 2025, AUA202404006 en AUA202404007 (aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
[Appellante 1 en appellante 2]
en
geïntimeerde (gouverneur),
gemachtigde: mr. Y.F.M. Kaarsbaan.
Procesverloop
[Appellanten 1 en 2] hebben hoger beroep ingesteld.
De gouverneur heeft een contramemorie ingediend.
De Raad heeft het hoger beroep behandeld op de zitting van 5 maart 2026. [appellanten 1 en 2] hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigde. De gouverneur heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Overwegingen
Waar gaat de zaak over?
Appellanten 1 en 2] zijn ambtenaren, werkzaam bij de Dienst Gevangeniswezen Aruba (DGWA).
Met landsbesluiten van 1 september 2023 zijn [appellanten 1 en 2] met ingang van 1 januari 2021 in de nieuwe formatiestructuur van de DGWA ingepast in de functie van penitentiair inrichtingswerker en bevorderd naar schaal 7, dienstjaar 7. Met ingang van diezelfde datum zijn zij ontheven uit die functie en aangesteld als ploegcommandant detentie, onder de voorwaarde dat zij hun ziekteverzuimpercentage verlagen door mee te werken aan een ziekteverzuimverbetertraject.
Na het zien van een foto waarop twee collega’s voorkomen die op hun overhemd een epaulet met een knoop dragen hebben zij op 27 oktober 2024 verzocht om uitreiking van eenzelfde knoopepaulet. Het gaat volgens [appellanten 1 en 2] om een onderscheiding die een ploegcommandant mag dragen en om twee collega’s die net als zij kortgeleden zijn benoemd tot ploegcommandant.
Appellanten 1 en 2] hebben op 14 november 2024 bezwaar gemaakt tegen het niet uitreiken van een knoopepaulet.
De voorzitter van het managementteam van de DGWA heeft in een brief van 18 november 2024 meegedeeld dat de benoeming van [appellanten 1 en 2] nog niet definitief is.
Wat is het oordeel van het Gerecht?
2. Het Gerecht heeft de bezwaren van [appellanten 1 en 2] niet-ontvankelijk verklaard. Voor de overwegingen van het Gerecht verwijst de Raad naar de uitspraak, gepubliceerd onder nummer ECLI:NL:OGAACMB:2025:51.
Kort samengevat is het Gerecht van oordeel dat het in bezwaar bestreden nalaten om aan [appellanten 1 en 2] knoopepauletten uit te reiken niet een feitelijke handeling of de weigering te handelen is, waartegen op grond van de La bezwaar kan worden gemaakt.
Wat hebben [appellanten 1 en 2] aangevoerd tegen de uitspraak van het Gerecht?
Volgens [appellanten 1 en 2] is de foto waarop de twee collega’s zijn te zien gericht op rechtsgevolg. In de visie van [appellanten 1 en 2] moet het uitreiken van een knoopepaulet worden gezien als een benoeming tot groepscommandant. [Appellanten 1 en 2] beroepen zich op het gelijkheidsbeginsel. Door aan hen niet ook een knoopepaulet toe te kennen wordt hun de benoeming tot groepscommandant onthouden.
Hoe oordeelt de Raad?
Nog daargelaten dat een foto op zich niet gericht kan zijn op rechtsgevolg, is ook datgene wat op die foto is te zien niet gericht op rechtsgevolg. Het uitreiken, of uitgereikt zijn van een knoopepaulet is een feitelijke handeling die geen rechtsgevolgen in het leven roept. Het Gerecht heeft het bezwaar op goede gronden niet-ontvankelijk verklaard.
Conclusie
De slotsom is dat het hoger beroep niet slaagt. De Raad zal de aangevallen uitspraak bevestigen.
Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De Raad bevestigt de aangevallen uitspraak.
Aldus gegeven door mr. M.C. Bruning voorzitter, mr. A.H.M. van de Leur en
mr. M. Evertsz, leden, en in het openbaar uitgesproken op 27 maart 2026 in tegenwoordigheid van de griffier.