ECLI:NL:ORBAACM:2026:30

ECLI:NL:ORBAACM:2026:30

Instantie Raad van Beroep in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Datum uitspraak 27-03-2026
Datum publicatie 02-04-2026
Zaaknummer AUA2025H00112
Rechtsgebied Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
Procedure Hoger beroep

Samenvatting

hoger beroep gouverneur tegen hoogte proceskostenveroordeling. Na maken van bezwaar is de gouverneur geheel tegemoetgekomen aan betrokkene. De zitting bij het Gerecht zag op de verzoeken om schadevergoeding. Gerecht heeft de verzoeken om schadevergoeding afgewezen zodat er geen aanleiding voor verschijnen op de zitting een punt toe te kennen. Hoger beroep slaagt.

Uitspraak

Landsverordening ambtenarenrechtspraak (La)

RAAD VAN BEROEP

Uitspraak

op het hoger beroep van:

De Gouverneur van Aruba,

[Betrokkene],

Uitspraakdatum: 27 maart 2026

Zaaknummer: AUA2025H00112

IN AMBTENARENZAKEN

ARUBA

appellant, hierna: de gouverneur,

gemachtigde: mr. Y.F.M. Kaarsbaan,

tegen de uitspraak van het Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba (Gerecht) van 28 april 2025, AUA202301488 (aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

de gouverneur

en

wonend in Aruba,

geïntimeerde, hierna: [betrokkene],

gemachtigde: mr. Roderick P. Lee, advocaat.

Procesverloop

De gouverneur heeft hoger beroep ingesteld.

De Raad heeft het hoger beroep behandeld op de zitting van 6 februari 2026. De gouverneur heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. [betrokkene] is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde.

Overwegingen

Waar gaat de zaak over?

1. In de aangevallen uitspraak heeft het Gerecht de gouverneur veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan de zijde van [betrokkene]. Het door de Gouverneur ingestelde hoger beroep ziet op de hoogte van de proceskostenveroordeling. De Raad komt tot de conclusie dat het hoger beroep slaagt. De Raad legt dat hieronder uit.

Wat zijn de relevante feiten in deze zaak?

De gouverneur heeft [betrokkene] met het landsbesluit van 20 maart 2023 (bestreden besluit) bevorderd met ingang van 1 juni 2022. [betrokkene] heeft op 4 mei 2023 tijdig tegen de ingangsdatum van deze bevordering bezwaar gemaakt en daarbij verzocht om immateriële schadevergoeding.

Tijdens de bezwaarprocedure, op 22 november 2023, heeft de gouverneur het Gerecht ervan in kennis gesteld dat het bestreden besluit is ingetrokken en vervangen door een nieuwe besluit van 13 juli 2023. Met dat besluit is geheel tegemoetgekomen aan het bezwaar van [betrokkene] tegen de ingangsdatum van haar bevordering.

Op de zitting van 22 januari 2024 van het Gerecht, waar beide partijen aanwezig waren, zijn de verzoeken van [betrokkene] om schadevergoeding inhoudelijk behandeld.

Wat is het oordeel van het Gerecht?

3. Het Gerecht heeft in de aangevallen uitspraak het bezwaar van [betrokkene] tegen het bestreden besluit van 20 maart 2023 gegrond verklaard, dit besluit vernietigd en de verzoeken van [betrokkene] om schadevergoeding afgewezen. Ook heeft het Gerecht de gouverneur veroordeeld tot betaling van de proceskosten van [betrokkene] in verband met de aan haar verleende rechtskundige bijstand, begroot op Afl. 1.400,-.

Wat heeft de gouverneur aangevoerd tegen de uitspraak van het Gerecht?

4. Het hoger beroep van de gouverneur richt zich uitsluitend tegen de hoogte van de door het Gerecht uitgesproken proceskostenveroordeling. Het Gerecht had volgens de gouverneur de proceskosten moeten vaststellen op een bedrag van

Afl. 700,-. De gouverneur wijst er daarbij op dat het Gerecht de wegingsfactor 0,5 had moeten toepassen of [betrokkene] geen punt voor de zitting had moeten geven.

Hoe oordeelt de Raad?

De Raad is allereerst van oordeel dat het bezwaar van [betrokkene] moet worden gehonoreerd met 1 procespunt. [Betrokkene] heeft immers eerst bezwaar moeten maken voordat de gouverneur na het verstrijken van de bezwaartermijn met zijn besluit van 13 juli 2023 volledig aan het bezwaar van [betrokkene] tegemoet is gekomen. Het Gerecht heeft in het kader van de proceskostenveroordeling [betrokkene] voor het indienen van het bezwaarschrift tegen het bestreden landsbesluit dan ook terecht een punt toegekend met wegingsfactor 1, wat neerkomt op Afl. 700,-.

Vaststaat dat het Gerecht de zaak op een zitting heeft behandeld. Zoals het Gerecht terecht heeft overwogen had [betrokkene] nog belang bij een oordeel over het bestreden besluit gelet op haar verzoeken om immateriële schadevergoeding. Deze verzoeken en niet het bestreden besluit zelf waren op de zitting onderwerp van bespreking. De onrechtmatigheid van het bestreden besluit stond immers al vast als gevolg van het nieuwe besluit van 13 juli 2023.

Er bestaat in beginsel slechts aanspraak op vergoeding van proceskosten, kort gezegd, voor zover deze kosten redelijkerwijs zijn gemaakt en in verband staan met de behandeling van een gegrond bezwaar in combinatie met een gehele of gedeeltelijke vernietiging van het bestreden besluit, of met een gegrond verzoek. Vaststaat dat het Gerecht na de mondelinge behandeling van de verzoeken om immateriële schadevergoeding deze verzoeken heeft afgewezen. Gelet hierop was er in het kader van de proceskostenveroordeling geen aanleiding [betrokkene] voor het verschijnen op de zitting bij het Gerecht een punt toe te kennen.

Hieruit volgt dat het Gerecht de proceskostenvergoeding had moeten vaststellen op een bedrag van Afl. 700,-.

Dit betekent dat de Raad niet meer toekomt aan een bespreking van het standpunt van de gouverneur dat bij vaststelling van de hoogte van de te vergoeden proceskosten een wegingsfactor van 0,5 had moeten worden toegepast.

Conclusie

6. De slotsom is dat het hoger beroep slaagt. De Raad zal de aangevallen uitspraak vernietigen voor zover deze ziet op de proceskostenveroordeling.

7. De Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten in hoger beroep.

Beslissing

De Raad van Beroep:

-vernietigt de aangevallen uitspraak, voor zover deze ziet op de proceskostenveroordeling;

-veroordeelt de gouverneur tot betaling van de proceskosten van [betrokkene] voor de aan haar verleende rechtsbijstand in de bezwaarprocedure bij het Gerecht tot een bedrag van Afl. 700,-.

Aldus gegeven door mr. B.J. van Ettekoven voorzitter, mr. J. Sybesma en

mr. P. Klik, leden, en in het openbaar uitgesproken op 27 maart 2026 in tegenwoordigheid van de griffier.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. B.J. van Ettekoven
  • mr. J. Sybesma
  • mr. P. Klik

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?