ECLI:NL:PHR:1938:2

ECLI:NL:PHR:1938:2

Instantie Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak 02-05-1938
Datum publicatie 04-05-2026
Zaaknummer 41816
Rechtsgebied Strafrecht
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:HR:1938:172

Samenvatting

A.d.h.v. NJ 1938/806 uitgetypte tekst van de HR-conclusie in de strafzaak met HR-zaaknummer 41816. De originele HR-conclusie is niet meer voorhanden.

Uitspraak

Conclusie van den Adv.-Gen. Berger.

Aan dezen requirant werd bij inleidende dagvaarding te laste gelegd; „dat hij te [plaats], ofschoon niet toegelaten tot het beroep van geneeskundige, waartoe de Wet eene toelating vordert, op verschillende tijdstippen in althans omstreeks de eerste drie maanden van 1937, telkens buiten noodzaak dat beroep heeft uitgeoefend door telkens, aldaar in die kwaliteit, althans als magnetiseur, zitting houdende, aan personen, die op de aldaar door hem gehouden zitdagen zich bij hem vervoegden met klachten over hunne lichamelijke toestand, als bedrijf geneeskundigen raad en bijstand te verleenen in dien vorm, dat hij zijne bezoekers het gebruik van bepaalde niet door hem geleverde middelen of bepaalde door hem genoemde baden voorschreef of aanbeval, dan wel de lichaamsdeelen, waarover geklaagd werd met één hand of beide handen betastte, wreef of aanraakte, voorwendende, dat daardoor genezing of vermindering der door zijne bezoekers geuite klachten en bezwaren zou worden bereikt, voor welke geneeskundige raad en bijstand hem, verdachte, meermalen een bedrag in geld is betaald geworden". De Rechtbank heeft dit telaste gelegde bewezen verklaard met dien verstande dat requirant het pleegde in de eerste drie maanden van 1937, dat hij telkens als magnetiseur zitting hield en dat hem meermalen een bedrag in geld is betaald geworden, achtende de Rechtbank niet bewezen, dat requirant bepaalde door hem genoemde baden voorschreef of aanbeval. Terzake van het aldus bewezen verklaarde, volgens het bestreden vonnis opleverende enz. heeft requirant bij monde van zijnen raadsman doen voordragen als middelen van cassatie: la. „S. of v. t. van art. 1 der Wet van 1 Januari 1865 S. 60, regelende de uitoefening der geneeskunst, j°. art. 436 Sr. omdat de Rechtbank in zijn 8e overweging de gronden van het vonnis van den Kantonrechter te Leeuwarden van 27 Mei 1937 overnemende, volgens de 5e tot 12e overweging in verband met de 1e, 2e, 14e, 15e en 16e overweging van laatst genoemd vonnis heeft aangenomen: 1e. dat het aanraden van gewone huismiddeltjes als suiker en olijfolie en 2e. dat de z.g.n. magnetische uitstraling zou vallen onder de werking van art. 1 van eerstgenoemde wet, zulks ten onrechte: 1e. omdat hierbij verkeerdelijk „genezende werking" (zie 12e overweging) gelijk wordt gesteld met den term „geneeskundige bijstand" in de wet; 2e. omdat het dagelijksch gebruik en de historische mitsgaders de grammaticale-logische uitlegging van dit artikel het tegendeel leeren." lb. ,,S. van dezelfde artikelen onder la genoemd, jis. artt. 261, 350 en 359 Sv., omdat - nadat de dagvaarding alternatief had gesteld: dat, òf in (die) kwaliteit van geneeskundige, òf in kwaliteit van magnetiseur de geïncrimineerde handelingen zijn gepleegd - de Rechtbank het vonnis van den Kantonrechter en zijn 5e overweging overnemende, heeft aangenomen, dat de bedoelde handelingen alleen in de kwaliteit van magnetiseur zijn gepleegd, daarbij uit het oog verliezende, dat een magnetiseur, die volgens het vermelde alternatief al dan niet als geneeskundige kon optreden, nimmer geneeskundigen raad of bijstand kan hebben verleend, zoodat niet gemotiveerd is waarom op grondslag van de dagvaarding het ten laste gelegde zou zijn bedreven." IIa. ,,S. of v. t. van art. 436 Sr., omdat de Rechtbank de reeds onder I genoemde overwegingen, mitsgaders de 13e overweging van het vonnis van den Kantonrechter overnemende heeft aangenomen, dat de term „buiten noodzaak" ten aanzien van de geneeskundige praktijk zóó moet worden opgevat: dat de noodzaak slechts dan te veronderstellen is „als op een gegeven oogenblik ergens medische hulp dringend noodig is en aldaar op het oogenblik een wettelijk bevoegd geneeskundige niet is te verkrijgen", ten onrechte, omdat noch de taalkundige wetstekst noch de historie daartoe aanleiding geven en veeleer een zwakkere opvatting van het begrip „ noodzaak" rechtvaardigen." IIb. ,,S. enz. van hetzelfde artikel, omdat op grond van de sub I vermelde overwegingen de Rechtbank heeft aangenomen, dat het ter beschikking stellen van magnetische krachten onder de begripsbepaling van het element „beroep" zou kunnen vallen, ten onrechte, omdat de term „beroep" de toepassing van door studie of ervaring verkregen kundigheden of vaardigheden veronderstelt, terwijl de magnetische kracht op een natuurgave berust." Middel Ia acht ik niet gegrond. De [getuige] heeft verklaard, dat hij in de eerste drie maanden van 1937 zich in [plaats] vervoegde op de aldaar op verschillende tijdstippen door verdachte als magnetiseur gehouden zitdagen; dat hij zich dan en aldaar beklaagde over zijn lichamelijken toestand, met name over duizelingen; dat verdachte hem bij elk bezoek met zijn hand over het hoofd streek; dat verdachte mededeelde, dat dientengevolge de duizelingen geheel of grootendeels zouden verdwijnen; dat verdachte hem ook wel eens aanried een lepel witte suiker of een lepel olijfolie in te nemen; dat hij bij ieder bezoek aan den verdachte f 1 of f 1.50 betaalde. Het verweer, dat requirant geen eigenlijke geneesmiddelen, doch slechts huismiddeltjes, voorschrijft, en dat iedereen dit wel doet, is m.i. terecht verworpen op grond, dat requirant deze middelen heeft aanbevolen niet op zich zelf, maar in verband met zijne overige behandeling en bovendien in zijn bedrijf. Requirant heeft dus die zoogenaamde huismiddelen voorgeschreven of aanbevolen, hetgeen, naar het mij voorkomt, niets anders beteekent, dan aangeraden, met de werkelijke of voorgewende strekking daarmede eene genezende werking op de kwaal van den [getuige] uit te oefenen en wel als bedrijf, hetgeen, naar de, tot heden vaste, rechtspraak van Uwen Raad, vormt het verleenen van geneeskundigen Raad als bedrijf. De geëerde pleiter herhaalt overigens met dit middel eene, reeds vroeger door hem ondernomen, poging om in die rechtspraak eene bres te schieten, welke poging destijds is afgestuit op Uw arrest van 4 April 1932 W. 12510, N. J. '32-633. De toen door pleiter aangevoerde historische en grammaticaal-logische gronden voor zijne opvatting, dat in art. 1 der Wet van 1 Juni 1865 S. 60 alleen zoude zijn te denken aan geneeskunst, opgevat in den zin van wetenschap en technische kennis, zooals deze aan de universiteiten wordt onderwezen, en waaronder magnetische behandeling niet zoude vallen, welke thans in hoofdzaak werden herhaald, acht ik nog steeds op juiste en afdoende wijze weerlegd in Uw voormeld arrest en in de daaraan voorafgaande conclusie van mijn ambtgenoot Wijnveldt, zoodat ik mij, voor wat dit middel onder 2e betreft, kortheidshalve moge veroorloven naar een en ander te verwijzen. Het onder 1e van dit middel gestelde, dat n.l. bij het bestreden vonnis verkeerdelijk „genezende werking" gelijk wordt gesteld met den term „geneeskundige bijstand", is mij niet erg duidelijk. Uit het pleidooi van den geachten raadsman meen ik intusschen te hebben kunnen afleiden, dat de bedoeling is, dat het voor de beoordeeling, of zekere handelingen of raadgevingen uitoefening van de geneeskunst uitmaken, niet aankomt op de werkelijke of vermeende strekking, maar op den aard der feitelijk verrichte handelingen. Wanneer pleiter stelt, dat bedoelingen en meeningen (om te genezen) eene handeling, die geheel vreemd is aan de medische wetenschap, niet van aard en karakter kunnen doen veranderen, dan kan dit, wanneer men in plaats van „medische wetenschap" mag lezen „geneeskunst", gereedelijk worden toegegeven, maar het is juist de vraag, of de door requirant toegepaste magnetische behandeling geheel vreemd is aan de geneeskunst in den zin van art. 1 der Wet van 1 Juni 1865 S. 60, en deze vraag werd door Uwen Raad tot dusverre steeds ontkennend beantwoord, althans voor zoover het - gelijk ten dezen - verrichtingen betreft, welke geschieden onder omstandigheden die daaraan de werkelijke of vermeende strekking verleenen om genezing van eenigerlei ziekte of kwaal te bevorderen. Middel I b zal, bijaldien Uw Raad bij zijne vroegere rechtspraak volhardt, moeten falen, omdat dan immers de magnetiseur, die zijne gaven aanwendt om ziekten of kwalen te genezen, de geneeskunst uitoefent, dus optreedt als geneeskundige, die echter in verband met zijne bijzondere geneeswijze gewoonlijk met de benaming magnetiseur wordt aangeduid. Middel II a tracht opnieuw Uwen Hoogen Raad te bewegen tot afwijking van zijne vaste rechtspraak nopens het begrip „buiten noodzaak" in art. 436 W. v. S. De aangevoerde gronden voor eene ruimere interpretatie van dit begrip, zijn door Uwen Raad in zijn voormeld arrest van 4 April 1932, naar het mij voorkomt, terecht afgewezen en ik voor mij gevoel geene neiging, mij te vereenigen met de, die ruimere interpretatie verdedigende, overwegingen van het, door den geëerden pleiter aangehaalde, vonnis van het Kantongerecht te 's-Gravenhage van 1 September 1936 N. J. '37 N°. 589. De stelling, in middel II b vervat, werd eveneens door Uwen Raad in zijn meergemeld arrest van 4 April 1932 verworpen op gronden, waarmede ik mij geheel kan vereenigen en waarnaar het mij dus vergund moge zijn, ten dezen te verwijzen. Ik concludeer derhalve tot verwerping van het beroep.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand