ECLI:NL:PHR:1943:2

ECLI:NL:PHR:1943:2, Parket bij de Hoge Raad, 15-03-1943, 47197

Instantie Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak 15-03-1943
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 47197
Rechtsgebied Strafrecht
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:HR:1943:71
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 2 zaken
Aangehaald door 2 zaken

Verwijst naar

Aangehaald door

Samenvatting

Nietigheid dagvaarding wegens ontbreken van plaats van het feit. Uitgetypte versie van de HR-conclusie in de strafzaak met HR-zaaknummer 47197 aan de hand van de in NJ 1943, 375 opgenomen tekst daarvan. De originele HR-conclusie is niet meer voorhanden.

Uitspraak

Conclusie van den Adv .- Gen. Holsteijn.

Post alia:

Namens den verdachte is tegen dat vonnis beroep in cassatie ingesteld en bij schriftuur als cassatiemiddel voorgesteld: S. of v. t. van art. 261 Sv .; in de telastelegging ontbreekt de vermelding, waar ter plaatse het strafbaar feit zou zijn begaan; die plaats is uit geen enkele aanwijzing of omstandigheid af te leiden.

Het middel acht ik niet deugdelijk. Aan den verdachte, wonende te [woonplaats] no. 84, is telastegelegd, dat [betrokkene 1] en [betrokkene 2], op een of meer tijdstippen in of omstreeks de maanden Februari en Maart van het jaar 1942 tezamen en in vereeniging opzettelijk in strijd met de verbodsbepaling van art. 53 der Vee- en Vleeschverordening 1942 een tweetal runderen hebben geslacht, tot het plegen van welk misdrijf of welke misdrijven hij, verdachte, alstoen aldaar opzettelijk de gelegenheid heeft verschaft door voor het slachten het achterhuis van zijn woning ter beschikking te stellen. Bewezen zijn verklaard de telastegelegde feiten, gepleegd met dien verstande dat verdachte ze pleegde op meerdere tijdstippen in de maanden Februari en Maart van het jaar 1942. Naar mijne meening houdt de telastelegging, bepaaldelijk door de woorden "aldaar" en "het achterhuis van zijn woning", in, dat het in de telastelegging vermelde slachten en ter beschikking stellen zijn begaan ter plaatse van verdachte's woning, en heeft de verdachte zulks ook begrepen, immers verdachte heeft, blijkens het p .- v. der terechtzitting van den Econ. Rechter, over het hem telastegelegde ondervraagd, verklaard: "Ik heb twee malen in de maanden Februari en Maart van het jaar 1942 te [woonplaats], toen de mij bekende personen [betrokkene 1] en [betrokkene 2] mij vroegen of zij in het achterhuis van mijn woning slachtingen mochten verrichten, op tijd en plaats voormeld dat achterhuis ter beschikking gesteld en aan hen verhuurd voor telkens f 30, terwijl ik begreep, dat de slachtingen, die toen in mijn achterhuis plaats grepen, verboden waren". (vergel. arrest H. R. 4 Mei 1936 N. J. 1936 no. 977, met noot T.)

Ambtshalve meen ik te moeten opmerken, dat de qualificatie van het bewezenverklaarde behoort te luiden zooals hierna is vermeld, immers behoort te worden ontleend aan art. 2 van het Econ. Sanctiebesluit 1941. (Vergel. arrest H. R. 7 Dec. 1942 N. J. 1943 no. 9).

Mitsdien concludeer ik tot vernietiging van het vonnis alleen voor wat betreft de aan het bewezenverklaarde gegeven qualificatie; tot qualificatie van het bewezenverklaarde als "medeplichtigheid aan het opzettelijk in strijd handelen met een bij of krachtens het Organisatiebesluit Voedselvoorziening 1941 gesteld verbod tot het slachten van rundvee, tweemaal gepleegd"; en tot verwerping van het beroep voor het overige.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?