ECLI:NL:PHR:1991:AB9065

ECLI:NL:PHR:1991:AB9065, Parket bij de Hoge Raad, 05-03-1991, 89 884U

Instantie Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak 05-03-1991
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 89 884U
Rechtsgebied Strafrecht
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:HR:1991:AB9065
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 1 zaken
Aangehaald door 1 zaken

Verwijst naar

Aangehaald door

Samenvatting

Verschillende pleegdata voor dezelfde feiten.

Uitspraak

pc

nr. 89.884 U

zitting 22 januari 1991

Mr. Fokkens

Conclusie inzake:

[opgeëiste persoon]

Edelhoogachtbaar College,

1. De Rechtbank te Amsterdam heeft de uitlevering van verzoeker aan Duitsland toelaatbaar verklaard.

De procesgang is als volgt geweest:

De Rechtbank ving het onderzoek aan ter terechtzitting van 18 september 1990. De opgeëiste persoon en zijn raadsman waren daarbij aanwezig. Blijkens de aan het procesverbaal van die terechtzitting gehechte pleitnota voerde de raadsman enkele verweren.

Bij tussenvonnis van 2 oktober 1990 verwierp de rechtbank twee van die verweren, heropende zij het onderzoek en schorste zij de behandeling tot 13 november 1990 teneinde n.a.v. de overige verweren van de raadsman antwoord te krijgen op enkele in dat tussenvonnis geformeerde vragen. Op 13 november werd het onderzoek ter terechtzitting opnieuw aangevangen i.v.m. de gewijzigde samenstelling van de rechtbank.

Volgens het proces-verbaal van de terechtzitting van 13 november 1990 heeft de raadsman aldaar opgemerkt: "Ik persisteer bij hetgeen ik op de zitting d.d. 18 september heb opgemerkt. Ik verzoek u dit als hier herhaalde te beschouwen."

2. Het middel richt zich tegen de volgende beslissing in het tussenvonnis:

Namens de opgeëiste persoon heeft de raadsman aangevoerd dat de opgeëiste persoon in zijn verdediging wordt geschaad, nu het hiervoor onder 2.a. genoemde bevel tot aanhouding en de telex d.d. 6 maart 1990 afkomstig van Interpol, welke zich in het dossier bevindt, verschillende pleegdata noemen voor dezelfde feiten. De opgeëiste persoon is hierdoor niet in staat zijn onschuld aan te tonen.

De Rechtbank verwerpt dit verweer reeds omdat de opgeëiste persoon ter zitting heeft beweerd in West-Duitsland in het geheel geen auto's te hebben gehuurd, zodat hij naar het oordeel van de Rechtbank niet in zijn verdediging kan zijn geschaad door de vermelding van verschillende pleegdata voor dezelfde feiten.

3. Daarmee komt eerst de vraag aan de orde of het cassatieberoep ontvankelijk is voor zover het gericht is tegen de beslissingen in het tussenvonnis. De mogelijkheden tot het instellen van beroep in cassatie zijn op grond van de Uitleveringswet immers beperkter dan in gewone strafzaken het geval is.

Remmelink schrijft daarover (NLR, suppl. 70, pag. 53):

"Of vanwege de niet-aanhaling van art. 427 en 428 Sv cassatie van een tussenvonnis mogelijk is, is onzeker. Uit HR 2 maart 1982, NJ 1982, 550 zou men dat kunnen afleiden: alleen tegen de uitspraak inzake toelaatbaarheid. Aldus ook HR 15 oktober 1985, NJ 1986, 315. In HR 14 juni 1983 DD 83.433 is echter wel, een klacht over niet aanhouding van de zaak behandeld."

4. Strijards (Uitlevering, p. 170) stelt, verwijzend naar NJ 1986, 315, dat cassatie tegen tussen beslissingen of voorafgaande beslissingen niet open staat, behoudens voor zover het betreft beslissingen die doorwerken in de uitspraak zelf.

5. In DD 81.352 werd geklaagd over een ter terechtzitting door de Rechtbank verworpen beroep op niet ontvankelijkheid van de Officier van Justitie, in DD 83.101 en DD 83.144 over de afwijzing van een verzoek om aanhouding der zaak teneinde.de onschuld van de opgeëiste persoon te kunnen aantonen. In al deze zaken werd het middel door de Hoge Raad behandeld.

6. Uit deze beslissingen van Uw Raad kan m.i. het volgende worden afgeleid. Klachten over een tussenvonnis die zich tevens tegen de uitspraak richten, doordat zij er op neer komen dat de uitspraak berust op een nietig onderzoek ter terechtzitting -b.v. doordat een verzoek tot aanhouding op onjuiste gronden zou zijn afgewezen, zoals in DD 83.101, 144 en 433 werd aangevoerd- kunnen door de Hoge Raad worden besproken (vlg ook de behandeling van de middelen in NJ 1978, 213 en Van Brucken Fock en Van Dorst in Cassatie in Strafzaken, p. 24 en 25).

Hetzelfde geldt voor klachten over een tussenvonnis dat een beslissing bevat die de toelaatbaarheid van de uitlevering betreft (bv. DD 81.352). In de uitleveringszaken zijn dientengevolge slechts van cassatie uitgesloten de overige, al dan niet in een tussenvonnis gegeven beslissingen, zoals die in NJ 1986, 315.

7. Dat betekent dat in uitleveringszaken cassatie-beroep openstaat tegen tussenvonnissen houdende beslissingen als door de Rechtbank in deze zaak (daarin) gegeven zijn. Een andere omstandigheid staat m.i. in dit geval echter wel in de weg aan de ontvankelijkheid van het beroep v.z.v. dat tegen het tussenvonnis is gericht.

8. Nadat de Rechtbank het tussenvonnis had gewezen heeft zij het onderzoek ter terechtzitting opnieuw aangevangen i.v.m. een wijziging in haar samenstelling. Dat brengt met zich dat de in het tussenvonnis gegeven beslissingen op verweren betreffende de toelaatbaarheid van de uitlevering, voor de bestreden uitspraak van de Rechtbank, niet meer van belang zijn; de Rechtbank moest op die verweren, welke blijkens het proces-verbaal van de terechtzitting werden herhaald, opnieuw een beslissing geven.

9. Beslissingen in een tussenvonnis, die in een eindvonnis genomen moeten worden, geven aanleiding tot zeer ingewikkelde technische problemen. Ik verwijs in dit verband naar: NJ 1984, 10; NJ 1984, 259; NJ 1985, 649; NJ 1985, 316. De rechter doet er dan ook verstandig aan, buiten de gevallen van art. 279 Sv, dergelijke beslissingen niet in een tussenvonnis te geven.

10. In casu gaat het m.i. om een ander probleem dan in bovengenoemde arresten aan de orde was, omdat het onderzoek ter zitting opnieuw is aangevangen. De rechter die de zaak opnieuw onderzoekt, is in het algemeen niet gebonden aan de beslissingen voorafgaand aan zijn onderzoek bij wege van tussenvonnis gegeven, zoals blijkt uit NJ 1986,96. Zou dit anders zijn dan zou het onderzoek onvolledig zijn. Uitzonderingen op die regel zijn de beslissing tot toewijzing van een vordering tot wijziging van de tenlastelegging (de gewijzigde tenlastelegging in de grondslag voor het opnieuw aangevangen onderzoek, HR DD 81.302) en de verstekverlening, die van kracht ·blijft als de verdachte (opgeëiste persoon) opnieuw niet verschijnt (Melai, aantek. 2 op art 322 Sv).

Ook afzonderlijke beslissingen die niet doorwerken in de einduitspraak, zoals b.v. een bevel tot gevangenneming of opheffing van de schorsing tot voorlopige hechtenis, blijven in stand.

11. Dit betekent dat het in deze zaak ingestelde cassatieberoep v.z.v. het zich richt tegen de verwerping van he in het middel bedoelde verweer in het tussenvonnis, niet-ontvankelijk is. Die verwerping is niet gegeven door de rechter die de uitlevering toelaatbaar heeft verklaard en maakt geen deel uit van (de motivering) van die uitspraak, zodat het middel niet tot cassatie kan leiden.

12. Het voorafgaande impliceert ook dat de Rechtbank in haar uitspraak over de toelaatbaarheid van de uitlevering had moeten reageren op dit verweer. Dat heeft de Rechtbank niet gedaan. Dat verzuim hoeft m.i. niet-tot cassatie te leiden nu de omschrijving van de feiten in het "Haftbefehl" beantwoordt aan de daaraan op grond van de toepasselijke verdragsbepalingen te stellen eisen en dit niet anders kan worden door de omstandigheid dat een niet door de verzoekende partij bij het verzoek tot uitlevering overgelegd stuk dat zich in het dossier bevindt voor enkele feiten en andere pleegdatum' noemt.

Het verweer kan derhalve niet slagen.

Ik concludeer dat Uw Raad verzoeker niet ontvankelijk zal verklaren in zijn cassatieberoep v.z.v. dit is gericht tegen de in het middel weergegeven tussenbeslissing met verwerping van het beroep voor het overige.

de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden,

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl NJ 1991, 681 met annotatie van A.H.J. Swart
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?