Nr. S 08/03173 B
Mr Jörg
Zitting 1 september 2009
Conclusie inzake:
[Verzoeker = klager]
1. De enkelvoudige internationale rechtshulpkamer van de rechtbank te Amsterdam heeft bij tussenbeschikking van 25 april 2008 de vordering van de officier van Justitie toegewezen om op grond van art. 552p, tweede lid, Sv de in de tussenbeschikking genoemde in beslaggenomen stukken van overtuiging aan haar ter beschikking te stellen, ter overdracht aan de verzoekende Australische autoriteiten, voor zover het betrekking heeft op de in de tussenbeschikking genoemde verdachten, waaronder verzoeker.
2. Namens verzoeker heeft mr. S.J. van der Woude, advocaat te Amsterdam, een schriftuur ingezonden houdende drie middelen van cassatie.
3. Aan de bespreking van deze middelen kom ik echter niet toe, nu verzoeker niet kan worden ontvangen in zijn beroep in cassatie.
4. Ingevolge art. 428 Sv kan het cassatieberoep tegen vonnissen of arresten die geen einduitspraken zijn slechts gelijktijdig met het beroep tegen de einduitspraak worden ingesteld. Naar analogie geldt deze regel ook ten aanzien van beschikkingen (zie Van Dorst, Cassatie in strafzaken, 6e, p. 139).
5. Nu verzoekers beroep in cassatie slechts tegen de tussenbeschikking is gericht, dient verzoeker daarin niet-ontvankelijk te worden verklaard.
6. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van verzoeker in zijn beroep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
A-G