Nr. 09/01850
Mr. Hofstee
Zitting: 12 oktober 2010
Conclusie inzake:
[Verzoeker = verdachte]
1. Verzoeker heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof te Amsterdam, zittinghoudende te 's-Gravenhage, van 17 april 2009.(1)
2. Verzoeker heeft tijdig beroep in cassatie doen instellen. Hoewel de aanzegging als bedoeld in art. 435, eerste lid, Sv geldig is betekend, zijn namens hem geen middelen van cassatie voorgesteld.
3. Ingevolge art. 437, tweede lid, Sv, dient op straffe van niet-ontvankelijkheid binnen twee maanden na de betekening van de aanzegging als bedoeld in art. 435, eerste lid, Sv door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie te zijn ingediend. Nu bij de Hoge Raad niet tijdig een schriftuur is ingediend dient verzoeker niet-ontvankelijk in zijn cassatieberoep te worden verklaard.
4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van verzoeker in zijn cassatieberoep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG
1 Er bestaat samenhang tussen de zaken met de nummers 09/02257, 09/02259 en 09/01850. In al deze zaken zal ik vandaag concluderen.