Nr. 12/04155 J
Mr. Vegter
Zitting 18 december 2012
Standpunt/conclusie inzake:
[Verdachte]
1. Het cassatieberoep richt zich tegen een beslissing van het Gerechtshof te Amsterdam van 26 januari 2012. Er is tijdig een schriftuur houdende twee middelen van cassatie ingekomen.
2. Het eerste middel, dat klaagt dat het Hof de aanvulling van het verkorte arrest en het proces-verbaal van de zitting niet binnen de wettelijke termijn heeft opgesteld, stelt eisen die het recht niet kent. Op beide verzuimen staan immers geen wettelijke sancties. Het tweede middel komt tevergeefs op tegen de geenszins onbegrijpelijke motivering van de verwerping van het verweer dat alle bewijsmiddelen die door verbalisant [verbalisant] zijn verzameld moeten worden uitgesloten van het bewijs.
3. Het standpunt is dat verdachte niet-ontvankelijk wordt verklaard in het beroep in cassatie nu de middelen klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG