1. De Rechtbank Midden-Nederland, zittingsplaats Utrecht, heeft bij beschikking van 5 november 2013 het door klager ingediende klaagschrift ongegrond verklaard.
2. Tegen deze beschikking is namens klager cassatieberoep ingesteld.
3. Namens klager heeft mr. C.C. Polat, advocaat te Breukelen, een middel van cassatie voorgesteld.
4. Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
4.1. Alvorens ik overga tot de bespreking van het middel, bespreek ik hier eerst de vraag of klager kan worden ontvangen in zijn cassatieberoep.
4.2. De Rechtbank Midden-Nederland heeft bij beschikking van 5 november 2013 het door klager ingediende klaagschrift strekkende tot teruggave van de onder hem inbeslaggenomen personenauto Audi S8 met het Duitse kenteken [001], ongegrond verklaard. Uit namens mij bij het openbaar ministerie ingewonnen inlichtingen blijkt dat deze personenauto op 14 januari 2014 is teruggegeven aan klager. Dit betekent dat het beslag op grond van art. 134 lid 2 onder a Sv is beƫindigd. Klager heeft dan ook geen belang bij het cassatieberoep.
5. Deze conclusie strekt ertoe dat de Hoge Raad klager niet-ontvankelijk zal verklaren in het ingestelde cassatieberoep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden,
AG