ECLI:NL:PHR:2014:1577

ECLI:NL:PHR:2014:1577, Parket bij de Hoge Raad, 10-06-2014, 13/04504

Instantie Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak 10-06-2014
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 13/04504
Rechtsgebied Strafrecht
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:HR:2014:2789
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 2 zaken
Aangehaald door 1 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001830 BWBR0001903

Samenvatting

Falende klacht over n-o verklaring verdachte in h.b. Het middel steunt op de opvatting dat de Pr betrokkene, die een raadsman had en te kennen had gegeven h.b. te willen instellen, had moeten inlichten over de formaliteiten die daartoe vervuld moeten worden. Die opvatting is niet juist. Zoals het Hof heeft vastgesteld, is betrokkene door de Pr bij verstek veroordeeld en is hij, toen hij zich na afloop van de behandeling van zijn zaak in de zittingszaal had vervoegd, door de Pr geïnformeerd over de gedane uitspraak. I.c. was dus niet de situatie aan de orde - waarop ECLI:NL:HR:2010:BL7694 ziet - dat de betrokkene op de voet van art. 381 Sv de gelegenheid wordt geboden om afstand te doen van het openstaande rechtsmiddel en naar aanleiding daarvan verklaart in h.b. te willen gaan.

Uitspraak

10. Het eerste middel slaagt.

11. Het tweede middel klaagt over de betekening van de ontnemingsvordering.

12. Ingevolge het vierde lid van art. 511b Sv behelst de vordering de oproeping om op het daarin vermelde tijdstip ter terechtzitting te verschijnen. Volgens de steller van het middel had het Hof de oproeping om in eerste aanleg te verschijnen nietig moeten verklaren, althans had het Hof een onderzoek moeten instellen naar de betekening van de ontnemingsvordering. Nu naar mijn oordeel het eerste middel slaagt, meen ik te kunnen volstaan met het volgende. Ter zitting van het Hof heeft de raadsman onder meer meegedeeld: “Uit de stukken blijkt echter niet dat mijn cliënt op de hoogte was van de ontnemingsvordering.” De betekeningsvoorschriften garanderen niet dat de veroordeelde op de hoogte raakt van de ontnemingsvordering. De mededeling van de raadsman houdt geen beroep op nietigheid van de oproep in de ontnemingszaak in en het Hof was niet gehouden daaromtrent uitdrukkelijk en gemotiveerd te beslissen. Waarom de raadsman in hoger beroep de betekening van de ontnemingsvordering in eerste aanleg niet aan de orde kon stellen ontgaat mij. Immers de omstandigheid dat de voorzitter van het Hof meedeelt dat de behandeling van de zaak zich beperkt tot de ‘vraag naar de ontvankelijkheid van verdachte’ staat daaraan niet zonder meer in de weg. De consequentie is dat gelet op het voorgaande de betekening niet voor het eerst in cassatie aan de orde kan worden gesteld.

13. Het tweede middel faalt.

14. Het eerste middel slaagt, terwijl het tweede middel faalt en kan worden afgedaan met de aan art. 81 RO ontleende formulering. Ambtshalve heb ik geen andere gronden aangetroffen die tot vernietiging van de bestreden uitspraak zouden behoren te leiden.

15. Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden uitspraak en terugwijzing van de zaak naar het Hof, teneinde deze op het bestaande beroep opnieuw te berechten en af te doen.

De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?