ECLI:NL:PHR:2015:977

ECLI:NL:PHR:2015:977, Parket bij de Hoge Raad, 31-03-2015, 14/01195

Instantie Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak 31-03-2015
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 14/01195
Rechtsgebied Strafrecht
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:HR:2015:1769
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
3 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001830 BWBR0001854 BWBR0008804

Samenvatting

1. Falende klacht m.b.t. het begin van uitvoering van het voorgenomen misdrijf van art. 26.1 WWM. 2. Art. 22d Sr. Het Hof heeft verzuimd de duur van de vervangende hechtenis te bepalen. HR doet wat het Hof had behoren te doen.

Uitspraak

5. Het middel is vergeefs voorgesteld.

6. Het tweede middel klaagt dat het hof ten onrechte ten aanzien van feit 2 uit de gebezigde bewijsmiddelen heeft afgeleid dat het voornemen een wapen voorhanden te hebben zich door een begin van uitvoering heeft geopenbaard.

7. Het bestreden arrest houdt daaromtrent in:

“Door de raadsman is aangevoerd dat verdachte moet worden vrijgesproken van het onder 2 tenlastegelegde, nu er geen sprake is van een begin van uitvoering en dus geen poging. Verdachte heeft zich alleen willen laten informeren over de mogelijkheden van het kopen van een vuurwapen. Toen bleek dat hij daar een vergunning voor nodig had, heeft hij zich als koper vrijwillig teruggetrokken. Verdachte had geen opzet op het voorhanden krijgen/hebben van het vuurwapen; zijn contact met de verkoper moet als een hulpkreet worden aangemerkt.

Het hof verwerpt de verweren. De uiterlijke verschijningsvorm van de gedragingen van verdachte is die van een op het verkrijgen van een vuurwapen gericht contact met de verkoper. Verdachte heeft deze verkoper gerichte vragen gesteld over het aangeboden vuurwapen en de bijbehorende munitie. Tijdens dat gesprek heeft verdachte ook aangegeven het wapen daadwerkelijk te willen kopen. Daarmee heeft verdachte geprobeerd een overeenkomst te sluiten die tot het door hem voorhanden krijgen/hebben van het vuurwapen zou leiden. Dat dit voorhanden krijgen/ hebben niet is gerealiseerd is het gevolg van het feit dat de verkoper niet bereid was het wapen en de munitie te leveren zonder dat verdachte een verlof voor het bezit van een vuurwapen had. In een dergelijke situatie is met betrekking tot het ten laste gelegde delict sprake van een begin van uitvoering en is niet gebleken dat het misdrijf niet is voltooid ten gevolge van omstandigheden van de wil van de dader afhankelijk.”

8. Voor een beging van uitvoering is vereist dat de door de verdachte verrichte gedragingen naar hun uiterlijke verschijningsvorm kunnen worden beschouwd als te zijn gericht op de voltooiing van het misdrijf. Bij de beoordeling daarvan kunnen alle omstandigheden van het geval in hun onderlinge samenhang in aanmerking worden genomen.

9. In het onderhavige geval heeft de verdachte objectief gezien niet meer gedaan dan in een telefoongesprek met een mogelijke verkoper van wapens, informatie vragen over een vuurwapen en patronen, en verklaren dat hij het besproken wapen wilde kopen. Dat lijkt mij onvoldoende voor het aannemen van een poging tot het voorhanden hebben van dat wapen, nu die gedragingen te ver af staat van dat kennelijk beoogde misdrijf. Uit een en ander kan worden afgeleid dat verdachte de intentie had om dat wapen voorhanden te hebben of, zoals het hof overweegt, dat sprake was van een op het verkrijgen van een vuurwapen gericht contact. Die intentie draagt aldus mijn ambtgenoot Machielse op zichzelf bij aan de duiding van het gedrag tegen de achtergrond van de delictsomschrijving, maar daarmee is nog geen begin van uitvoering te construeren. Zoals De Hullu opmerkt, staat bij de poging de bedoeling van de uitvoeringshandeling – en daarmee de subjectieve zijde van de poging – op zichzelf centraal, maar deze gerichtheid wordt sterk geobjectiveerd doordat deze wordt afgeleid uit de uiterlijke verschijningsvorm van de gedraging, terwijl bovendien een gerichtheid op de voltooiing van het misdrijf in kwestie, en daarmee een zekere concrete gevaarzetting, moet worden vastgesteld. Dat was bijvoorbeeld wel het geval in een zaak waarin de verdachte en zijn medeverdachten ter uitvoering van het voornemen om een telkantoor te overvallen, nadat zij op verschillende dagen dat kantoor en de woningen van personen die gerelateerd waren aan dat kantoor hadden afgelegd, één van die personen in haar woning onder bedreiging van vermoedelijk een vuurwapen hebben ondervraagd over de kluis in het telkantoor, de hoeveelheid geld in die kluis en wie van haar collega’s de volgende dag zou komen werken, terwijl verdachte en zijn medeverdachten goederen mee hadden genomen die bijdroegen aan de uitvoering van het plan.

10. In casu wekt de inhoud van het door de verdachte gevoerde telefoongesprek wel de schijn dat hij het wapen voorhanden wilde hebben, maar tussen die gedraging en het uiteindelijke voorhanden hebben lag nog zoveel ruimte dat het niet meteen de indruk vestigt dat begonnen was met de uitvoering. Het enkel telefonisch informeren naar een eventueel te kopen wapen staat immers nog heel ver van het daadwerkelijk voorhanden hebben van dat wapen. Ik verwijs in dit verband naar het geval van de verdachte die vanuit Nederland naar Roemenië of Hongarije zou rijden om daar een hoeveelheid heroïne op te halen om die naar Nederland te brengen. Daartoe kreeg hij geld, navigatiemateriaal en een gsm mee en hij reed inderdaad naar beide landen. Daar kon hij de vrachtwagen echter niet vinden en hij keerde zonder heroïne terug naar Nederland. De Hoge Raad oordeelde dat de beslissing van het hof dat sprake was van een begin van uitvoering niet zonder meer begrijpelijk was waarbij de Hoge Raad opmerkte dat daaraan niet afdeed dat de verdachte die intentie wel degelijk had. Hoewel de verdachte in die zaak, anders dan in het onderhavige geval waarin slechts een telefoongesprek is gevoerd, al daadwerkelijk handelingen had verricht ter uitvoering van het door hem beoogde misdrijf, was dat volgens de Hoge Raad dus niet voldoende om een begin van uitvoering aan te nemen. Gelet op het voorgaande, acht ik het oordeel van het hof dat er hier wel een begin van uitvoering was van het voorhanden hebben van een vuurwapen niet zonder meer begrijpelijk.

11. Het middel slaagt.

11. Het derde middel dat klaagt dat het hof heeft verzuimd om de duur van de vervangende hechtenis te bepalen, laat ik gelet op de gegrondverklaring van het tweede middel en de daaruit voortvloeiende vernietiging van de opgelegde straf, buiten bespreking.

11. Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen die tot vernietiging van de bestreden uitspraak aanleiding behoort te geven.

11. Deze conclusie strekt tot vernietiging van het bestreden arrest voor zover het de beslissing over feit 2 en de strafoplegging betreft, en tot terugwijzing dan wel verwijzing van de zaak teneinde in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

Zie bijvoorbeeld HR 25 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:708, rov. 3.2.1.-3.3.. HR 3 februari 2015, ECLI:NL:HR:2015:202, rov. 2.3.3. en HR 2 april 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ5960, NJ 2013, 383, m.nt. J.M. Reijntjes, rov. 2.4. Noyon/Langemeijer & Remmelink, Wetboek van strafrecht, aant. 2.5.3 bij art. 45 Sr. Mr. J. de Hullu, Materieel strafrecht , 5e druk, p. 381-382. HR 16 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2671, rov. 4.2. en 4.3. HR 15 februari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO9971, rov. 2.4.; HR 7 juli 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH5707, rov. 4.2. en 4.3.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?