ECLI:NL:PHR:2016:40

ECLI:NL:PHR:2016:40, Parket bij de Hoge Raad, 05-02-2016, 15/02096

Instantie Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak 05-02-2016
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 15/02096
Rechtsgebied Civiel recht
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:HR:2016:606
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 2 zaken
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001827

Samenvatting

Appelprocesrecht. Pilotreglement hof Amsterdam. Verlening van korte nadere termijn voor memorie van grieven (HR 17 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:1064, NJ 2015/210); ook ambtshalve?

Uitspraak

2. Bespreking van het cassatiemiddel

Het middel klaagt dat het hof heeft miskend dat in een geval als het onderhavige – waarin sprake is van één termijn voor het indienen van memories, die niet wordt verlengd, terwijl bij overschrijding van die termijn, zonder peremptoirstelling of voorafgaande waarschuwing, ambtshalve akte niet-dienen wordt verleend – de goede procesorde de appelrechter noopt tot een afweging van het belang van het voorkomen van een onredelijke vertraging tegen de ernst van het verzuim en de gevolgen van de strikte naleving van het reglement voor de partij die erdoor wordt getroffen en dat die afweging zonder meer dient te leiden tot het verlenen van een (korte) termijn van veertien dagen om dat verzuim te herstellen.

Het hof heeft, aldus [eiser] c.s., ten onrechte nagelaten op 3 februari 2015 aan hen een zodanige termijn te verlenen. In dat kader wijst [eiser] op het arrest van Uw Raad van 17 april 2015. Volgens [eiser] c.s. valt niet in te zien dat sprake zou zijn van een zodanige vertraging dat dit strikte naleving van het reglement zou rechtvaardigen, zeker nu PWC c.s. op de eerstdienende dag verstek hebben laten gaan.

In de schriftelijke toelichting stellen PWC c.s. zich op het standpunt dat de onderhavige zaak afwijkt van de zaak die heeft geleid tot HR 17 april 2015 aangezien in de onderhavige zaak na verlening van akte niet-dienen en vóór het wijzen van het arrest niet is verzocht om alsnog van grieven te mogen dienen. PWC c.s. voeren aan dat het hof niet gehouden is om ambtshalve op grond van een belangenafweging een nadere termijn te gunnen. Het hof zou daartoe ook niet in staat zijn omdat een belangenafweging dient te berusten op de feiten die zijn gesteld of waarvan het hof kennis heeft genomen. Appellanten hadden tijdig het roljournaal moeten lezen en een verzoek moeten indienen om alsnog van grieven te mogen dienen.

Bij repliek is, met verwijzing naar de daarbij overgelegde brief van 4 maart 2015, aangevoerd dat de procesadvocaat van [eiser] c.s. in de (onjuiste) veronderstelling verkeerde dat na zuivering van het verstek nog een uitstel van zes weken zou gelden voor het dienen van grieven. Volgens [eiser] c.s. is echter doorslaggevend dat in het roljournaal van meet af aan de aankondiging/waarschuwing ontbrak dat ingeval de memorie van grieven niet op de eerste en enige daarvoor bepaalde roldatum zou worden genomen, akte niet-dienen zou worden verleend.

In het in het middel genoemde arrest, dat ook betrekking had op het pilotreglement Amsterdam, heeft Uw Raad bij arrest van 17 april 2015 in rechtsoverweging 3.7 als volgt overwogen:

“(…). Het onderhavige pilotreglement wordt toegepast bij wijze van experiment en wijkt aanmerkelijk af van het landelijk procesreglement in die zin, dat (a) sprake is van één termijn voor het indienen van memories, die niet wordt verlengd, terwijl (b) bij overschrijding van die termijn, zonder peremptoirstelling of voorafgaande waarschuwing, ambtshalve akte niet-dienen wordt verleend. In zoverre is sprake van een bijzondere situatie. Weliswaar is aan het pilotreglement de nodige bekendheid gegeven en wordt een advocaat op grond van zijn deskundigheid zonder meer geacht op de hoogte te zijn van de geldende termijnen en de verstrekkende gevolgen van overschrijding (vgl. HR 26 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2813, NJ 2014/417 en ECLI:NL:HR:2014:2798, NJ 2014/418), maar hier staat tegenover dat strikte naleving van het reglement meebrengt dat [appellanten] door het verzuim van hun advocaat definitief hun zaak niet in hoger beroep aan de rechter kunnen voorleggen. Zeker nu de toegang tot de (appel)rechter in het geding is, behoort de sanctie op het niet in acht nemen van de termijnen van het pilotreglement in een redelijke verhouding te staan tot het verzuim. Een goede procesorde brengt dan in de hiervoor onder (a) en (b) omschreven omstandigheden mee dat het belang van het voorkomen van onredelijke vertraging van het geding moet worden afgewogen tegen de ernst van het verzuim en de gevolgen die strikte naleving van het reglement zou hebben voor de procesvoering van de partij die erdoor wordt getroffen. Art. 1.6 van het pilotreglement maakt deze afweging ook mogelijk. In een geval als het onderhavige dient die afweging zonder meer te leiden tot het verlenen van een (korte) termijn van veertien dagen om het verzuim te herstellen (vgl. art. 2.28 van het reglement). Het hof heeft ten onrechte nagelaten een zodanige termijn te verlenen.”

Uit deze geciteerde overweging blijkt dat Uw Raad niet als voorwaarde heeft gesteld dat door een appellant moet zijn verzocht om alsnog van grieven te mogen dienen. Overwogen is dat in de bijzondere situatie van het pilotreglement van het gerechtshof Amsterdam de door de goede procesorde vereiste belangenafweging zonder meer moet leiden tot het verlenen van een (korte) termijn van veertien dagen om het verzuim te herstellen. Anders dan in de schriftelijke toelichting van PWC c.s. wordt aangevoerd, is de rechter m.i. dan ook wel gehouden om ambtshalve een nadere termijn te gunnen en doet de omstandigheid dat [eiser] c.s. niet vóór het wijzen van het arrest hebben verzocht om alsnog van grieven te mogen dienen daaraan niet af.

Dat brengt mee dat het cassatiemiddel slaagt.

3. Conclusie

De conclusie strekt tot vernietiging van het arrest van het gerechtshof Amsterdam van 3 maart 2015 alsmede van de rolbeslissing van 3 februari 2015 en tot terugwijzing naar dit hof.

De Procureur-Generaal bij de

Hoge Raad der Nederlanden

A-G

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl JBPr 2016/38 met annotatie van Redactie JIN 2016/88 met annotatie van M.C. van Rijswijk, R.P. van den Broek
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?